Arm Wallonië, een reis door het beloofde land

  • Gepost op woensdag 6 januari 2010 om 10:25
  • door De Standaard Online

‘De geschiedenis van België is als een soap: alles keert terug’, vertelde documentairemaker Pascal Verbeken dinsdag in De Standaard. Dat ene zinnetje vat ook perfect samen wat het eerste deel van de driedelige tv-serie Arm Wallonië, een reis door het beloofde land bij mij opriep.

Dat is niet onlogisch, want Pascal Verbeken en Luckas Vander Taelen hebben de documentaire opgebouwd als een gefilmd antwoord aan Auguste De Winne, de Franstalige socialistische journalist die in het begin van de vorige eeuw verslag uitbracht van zijn reis door hongerend Vlaanderen. Een slimme zet, want op die manier kan de commentaarstem zijn verhaal vertellen en op een rustige en ongedwongen manier veel informatie geven over de situatie en het leven van toen in Vlaanderen en Wallonië.

De documentaire laat de laatste getuigen aan het woord van de ongeveer 500.000 Vlamingen die destijds de ellende ontvluchtten om een beter leven op te bouwen in het welvarende Wallonië. Want de Walen stonden toen bekend voor hun dynamiek en iedereen wou er bijhoren. De meesten, zoals de nu 99-jarige Clarine Trossaert waren daarvoor nog nooit in Wallonië geweest.

Het klinkt een beetje macaber, maar de sporen van de grote concentratie aan Vlamingen vind je niet zozeer terug in de ‘Vlaamse wijken’ in de streek van Charleroi maar op de begraafplaatsen. De migratie is er gebeiteld in marmer en arduin. De helft van de namen zijn Vlaams.

De makers schuwen de politieke en communautaire tegenstellingen en analyses niet. ‘Vlaanderen is zijn zwarte jaren vergeten net zoals ze je boek vergeten zijn’, antwoordt de stem aan De Winne. Waarop de controversiële actie van de N-VA van enkele jaren geleden aan de scheepslift van Strépy-Thieu, om de geldstromen van Vlaanderen naar Wallonië aan te klagen, in herinnering wordt gebracht. N-VA-voorzitter én historicus Bart De Wever moet toch geweten hebben dat de streek door Vlamingen ‘gemaakt’ is: het Centrumkanaal in Henegouwen is door 80 procent Vlamingen gebouwd. Hoe luidt het spreekwoord alweer? Wie zijn geschiedenis niet meer kent, heeft geen zicht op de toekomst?

Maar de ‘grote Belgische geschiedenis’ domineert niet, het is de combinatie met de persoonlijke levensverhalen van de ‘laatste getuigen’ die deze documentaire zo krachtig maakt. ‘Het is belangrijk dat we weten dat onze wortels hier liggen’, zegt een van de getuigen. ‘Het maakt niet uit of we Vlaming, Waal, Turk of Italiaan zijn. We vergeten zo vaak het verhaal van de mensen zelf.’

Het programma leert ook dat regisseur Luckas Vander Taelen, ondanks zijn professionele koerswijzigingen, de stiel nog niet verleerd heeft. Al krijgen we in het eerste deel wel een heel somber beeld van het intussen verpauperde Wallonië. De camera beweegt zich langzaam door de armtierige wijken. En het valt mij op dat in de loop van de uitzending de zon er nooit schijnt. Altijd pakken de grijze wolken samen boven de troosteloze buurten en de terrils. De kunstmatige heuvels zijn de eenzame getuigen van ooit betere tijden.

De documentaire flirt met de melancholie, die volgt na de euforie van weleer, en dat gevoel wordt nog versterkt door de muziek van Ad Cominotto. Zelfs een praktisch probleem van een oude Vlaamse emigrant – ‘Ik ben de weg kwijt, mijn terril is verdwenen’ – krijgt in deze context een heel symbolische betekenis.

Leo Bonte

Gezien op dinsdag 5 januari om 22 uur op Canvas


 

Reacties

 jan017 zei op 8 januari 2010 om 12:58

Het is goed de zaken in hun juiste context te zien. De Vlamingen die naar Wallonië zijn uitgeweken hebben dat gedaan om louter economische redenen én omdat ze welkom waren in de industrie; ze hebben daar géén voorkeursbehandeling genoten. Ze hebben gewerkt voor hetgeen ze hebben gekregen; het waren de eerste gastarbeiders, met dit verschil dat ze eerder slecht werden behandeld. Hier is dus géén sprake van transfers of hulp vanuit het zuiden of wat dan ook. Er is ook geen overdracht geweest van financiële middelen naar ht noorden; wie daar een berer inzicht wil verkrijgen kan het boek van prof.Hannes van de VUB lezen.
Ik heb begrepen dat de heer De Wever zich niet afzet tegen de bestaande transfers wél wordt er transparantie gevraagd én mag dat alles ook worden gecontroleerd op zijn efficiëntie.
En wie toch zijn geschiedenis wil kennen kan teruggaan naar de 16 e eeuw en de toen bestaande structuur van de 17 provinciën. Eigenlijk zouden we dat moeten nastreven.

 Carola zei op 9 januari 2010 om 16:15

Niet gemerkt dat er werd gefilmd met een sombere kleurenfilter, om de teloorgang nog wat meer kracht bij te zetten? Het leek wel een filmpje uit de jaren 70, met een slechte kleurenkwaliteit. De aftandse, overjaarse kleding van de geïnterviewden droeg daar nog toe bij. Voor een meer objectieve en grondige berichtgeving, zonder het belerende vingertje naar de Vlamingen, zou ik willen verwijzen naar de boeken van oud-journalist van DS en Walloniëkenner Guido Fonteyn.

De reacties op dit bericht zijn afgesloten.

Zoeken op deze blog






Vlaamse blogs