Amika

Amika275 Wat is dat toch met meisjes en paarden? Bij jongens gaat de fascinatie voor die beesten er doorgaans uit zodra ze ophouden met cowboy en indiaantje te spelen, zo rond de leeftijd van acht jaar. Bij meisjes begint het dan pas: ze willen plotseling allemaal op een manege wonen, ze willen paarden roskammen, ze willen van die geinige rijlaarsjes aan en zo’n bekakt ruiterspetje op. En als het even kan: een roze amazonepakje erbij, zoals in de Ketnetserie Amika. Dat is een jongerensoap zoals Studio 100 er wel meer maakt: dezelfde formule als Spring, maar dan met jumping- in plaats van danswedstrijden.

Navraag bij mijn dochters leert dat geen enkele jongen naar deze serie kijkt, of het toch nooit zal toegeven, op straffe van uitgelachen, gepest, ja zelfs uitgesloten te worden. Amika is meidenstuff, een beetje zoals Black Beauty dat meer dan dertig jaar geleden ook was, maar dan nog erger. Ketnet zond zondag in de vooravond de eerste aflevering van de gloednieuwe tweede reeks Amika uit, voorafgegaan door een compilatieaflevering van reeks één.

Veel viel er niet te compileren, want er gebeurde in die hele reeks vrijwel niets, wat ook het samenvatten merkelijk vereenvoudigt. Merel, een meisje van zestien, is gek op paarden, maar mag van haar vader niet naar de manege omdat haar moeder, een talentrijke ruiter (ruitster?) enkele jaren geleden tijden een jumping is verongelukt. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, en Merel grijpt elke kans om in de Paardenhoeve haar lievelingsbeest Amika te gaan roskammen terwijl papa zich met zijn onnozele uitvindingen bezighoudt. Dat zou tot allerlei toestanden kunnen leiden, maar dat doet het nauwelijks. Er is alleen dit: Amika is een hysterische schimmel die niemand op zijn rug duldt, en nog het minst van al de vervelende dochter van de eigenaar van de manege. Alleen Merel kan zijn rug op, om het zo te zeggen. Maar zij mag dus niet van de papa.

Diepe geeuw. Mijn dochters lusten er pap van, ik kon alleen maar denken: Jolly Jumper van Lucky Luke, dat was nog eens een paard. En Hatatitla, de trouwe viervoeter van Old Shatterhand, die had ook een dienende rol waar je diep respect voor kon opbrengen. Die hengstte al eens met zijn achterpoten een Comanche-indiaan omver. Maar die Amika staat de hele serie gespeeld treurig voor zich uit te staren in een bouwvallig stalletje. Wie haalt het in zijn hoofd om zo’n suf beest de hoofdrol in een jeugdserie te geven?

Voor het overige zijn de meeste acteerprestaties niet eens zo slecht als gevreesd. Er was onder meer een geslaagde cameo van Jaak Pijpen als commentator bij een jumpingwedstrijd. Je moet er maar op komen. En Moora Van der Veken, die vormgeeft aan het hoofdpersonage Merel, heeft een zeker naturel over zich. Al had mijn dochter van acht kritiek op haar engagement in de laatste scène van de compilatieaflevering, waarin ze staljongen Jan een tong moest draaien: ‘Je ziet zo dat ze niet echt kussen!’

Maar kom, aflevering één van reeks twee begon veelbelovend, er sloop zelfs enige humor in de dialogen. Dat was een verademing na de hemeltergende ‘Amika Special’ die het gat van drie kwartier tussen de compilatie en de nieuwe reeks moest vullen. Die special was een slap alibi om enkele idiote liedjes van acteur en would-be zanger Niels Destadsbader te promoten, doorspekt met eindeloos veel beelden van een wit paard dat in slow motion door de bossen gallopeert. He Ho Silver, waer bestu bleven?

Gezien op Ketnet op 9 november om 18 uur.

Tom Heremans


 

Stille weldoeners

Stille ‘Stille weldoeners’ heet het jongste programma van VTM, waarin een rijke Vlaming een deel van zijn fortuin wegschenkt aan een goed doel. Maar wel pas nadat hij/zij een week lang undercover, nou ja, vrijwilligerswerk heeft gedaan.

‘Een geheime missie’ werd het door de in weemoed gedrenkte commentaarstem genoemd. De cynicus in mij kon een vraag niet onderdrukken: hoe geheim is een missie en hoe stil een weldoener, als honderdduizenden mensen kunnen volgen op televisie en als een camera je voortdurend op de voet volgt?

De ‘topinterieurarchitecte’ Lud wilde een deel van haar geld kwijt. Een heldin is ze, zo zagen we tijdens de eerste vijf minuten van de uitzending. Prachtige dochters, mooi huis, rijkdom. En dat allemaal verdiend met een creatief beroep. Ze had speciaal geld op een aparte rekening gezet om het weg te schenken.

Wij, de kijkers, kregen intussen een (verdiend) schuldgevoel opgesolferd. Dat er veel armoede is, ook verdoken, leerden we. Dat voor veel mensen geld niet vanzelfsprekend is. En dat wij baden in onze rijkdom zonder stil te staan bij de situatie waarin anderen verkeren.

Lud hielp Rosa, die als vrijwilligster werkt, met het ronddelen van voedsel. Daarna ging ze ondermeer paardrijden met gehandicapte kinderen.

Achteraf moest ze kiezen wie haar geld het meest waard was. Een afvalwedstrijd voor goede doelen, dacht de cynicus in mij, al lang blij dat de kijker niet hoefde te sms’en. Uiteindelijk kreeg De Kier, dat aan armenzorg doet, zo’n 35.000 euro. De reactie was erg Vlaams: blij, maar erg ingetogen. Daarna gaf Lud nog een paard weg, waar wel tranen van kwamen.

Het televisieprogramma was niet fantastisch – te veel herhaling, te weinig spanning, te weinig emotie, tikje saai en weerom veel te lang – maar de boodschap is juist. Na het programma kreeg ik zowaar zin om geld te storten aan een goed doel. Daar had de cynicus in mij niet van terug. (kho)


Gezien op VTM, op dinsdag 3 november om 22 uur.

Kristof Hoefkens


 

De Toestand

Bracke Een grote studio, helemaal leeg op twee erg ordinaire stoeltjes na. Die staan in het midden, dicht tegenover mekaar neergezet. Niet te veel licht ook. Theatraal kaal eigenlijk. Een beetje zoals de nieuwe Helmut Lotti: kijk eens hoe kaal we durven zijn.

De lege studio van De Toestand moet intimiteit uitstralen: hier gaan twee mensen, Siegfried Bracke en zijn gast, elkaar vragen wat ze echt willen weten en elkaar vertellen wat ze echt willen zeggen. Meer nog dan intimiteit straalt het decor uit dat De Toestand naar de essentie wil gaan. Geen pomp en circumstance, maar gewoon een goed en lang gesprek over wat belangrijk is.

Slow journalism, blijkt dat te heten. Siegfried Bracke, die bekend staat als de man die de korte, kortere en kortste tv-quotes bepleit, zou op deze manier 'het menu vervolledigen' dat de openbare omroep aanbiedt.  'Het sluitstuk' zo noemde hij zijn programma in aankondigende interviews. In aankondigende interviews hoeft men niet bescheiden te zijn.

'Slow journalism' is ook een beetje gevaarlijk na 23 uur 's avonds. Wanneer de concurrentie ons wakker houdt met politie-achtervolgingen of lichte erotiek, hoopt Canvas ons te overtuigen met een lang interview. Dat is op zich een applausje waard, ook al lijkt het er sterk op dat Canvas vooral het weekje vakantie van Phara en haar team moest opvangen.

De lineup van De Toestand is natuurlijk niet mis. Jean-Luc Dehaene, Godfried Danneels, Bert De Graeve en Bart De Wever: dat zijn, zoals dat heet, grote namen. Met één nadeel: op Bert De Graeve na, zijn het telkens mensen die al heel vaak geïnterviewd zijn. Zo groot is mijn nieuwsgierigheid niet meer om Jean-Luc Dehaene te horen over de pensioenen en de ziekteverzekering, of Bart De Wever over politiek en de kardinaal over religie.

'De mededelingen zijn niet gering' zo had Bracke aanvankelijk nochtans beloofd.

In de eerste aflevering met Dehaene viel dat wat tegen, als je tenminste 'niet gering' vertaalt als 'groot nieuws'. Nieuws had Dehaene niet te vertellen, wel duidelijke inzichten en het voordeel van zijn kennis plus afstand tegenover de huidige regeerders. Het maakte Dehaene overigens niet pedant. Hij gaf gewoon eerlijk toe dat het 'in zijn tijd' bijvoorbeeld gemakkelijker was op de lange termijn te werken - er waren gewoon minder verkiezingen en er was de Europese verplichting om te besparen.

Interessant was De Toestand maandag alleszins en daar was het programma ten slotte voor bedacht. Siegfried Bracke kent zijn job. Hij weet waarover het gaat en kan interviewen   -- al stoorden zijn steekkaarten de vertrouwelijke setting. Steekkaarten suggereren sowieso dat een lijstje goedbedachte vragen moet worden afgewerkt. Dat botst met slow journalism en op die manier gaan goede onderwerpen wat verloren. Ik denk aan de ongerustheid van Dehaene over het gebrek aan dynamiek in onze samenleving als we allemaal samen ouder worden. Ik parafraseer: 'Oudere mensen willen vooral het verworvene verdedigen, jongere samenlevingen zoals in China stralen meer dynamiek uit'. Daar had ik nog wat meer over willen vernemen.

Ik voelde ook net iets te vaak dat Siegfried Bracke graag straffe, genadeloze citaten wou ontlokken aan Dehaene. 'De politiek heeft het laten afweten' stelde hij en dan keek hij behoorlijk dramatisch met fijngeknepen ogen. 'Het zal niet meer zijn wat het ooit geweest is' probeerde Bracke op het einde nog. Je zag Dehaene hunkeren naar een glas of, op zijn minst, een zachtere zetel.

'De Toestand', op Canvas op donderdag en vrijdag rond 23 uur

Bart Dobbelaere


 

Zoeken op deze blog






Vlaamse blogs