Oud-presidenten en premiers tegen Barroso

SchröderChirac2004 ¨

José Manuel Barroso Commissievoorzitter? Zoals het er nu naar uitziet, allicht wel. Maar het zal echt niet van harte zijn en het wordt zeker geen consensus-mandaat, zoals de Portugees het zelf graag zou willen.

Nu hebben acht socialistische oud-leden van de Europese Raad, de instelling van de staatshoofden en regeringsleiders, een manifest gepubliceerd waarin ze vragen dat hun partij een alternatieve kandidaat voordraagt voor Jose Manuel Barroso. En het zijn niet de eerste de beste. Het gaat om Felipe Gonzales (oud-premier Spanje), Lionel Jospin (oud-premier Frankrijk), Paavo Lipponen (oud-premier Finland), Aleksander Kwasniewski (oud-president van Polen), Gerhard Schröder (voormalig kanselier van Duitsland - links op de foto, genomen op de top van juni 2004, naast de Franse president Jacques Chirac), Constantino Simitis (voormalig premier van Griekenland), Mario Soares (voormalig president en eerste minister van Portugal) en Franz Vranitzky (voormalig eerste minister van Oostenrijk).

In het manifest doen ze vooreerst een oproep om socialistisch te stemmen voor het Europees Parlement om de sociaal-democratische inbreng in de strijd tegen de crisis te verzekeren. En, zo schrijven de acht, niet alleen in het Europees Parlement maar ook in de Raad (de vergadering van de regeringen) en in de Europese Commissie moeten de sociaal-democraten kunnen wegen. 'De Europese Volkspartij heeft al een officiële kandidaat voorgedragen voor het voorzitterschap van de Europse Commissie. Veel socialisten en sociaal-democraten en andere progressieven kijken er naar uit dat de Partij van Europese Socialisten, de enige die het leiderschap van de EVP kan betwisten, een kandidaat voordraagt. In de huidige economische en politieke situatie is er een nieuwe meerderheid mogelijk in het Europees Parlement die een echte kans biedt voor een PES-kandidaat.' 


Het is nooit gezien dat oud-leden van de Europese Raad zich op die manier in het debat mengen over de aanduiding van een nieuwe Commissievoorzitter. Dat bewijst dat Europa onder invloed van de crisis snel aan diplomatiek karakter inboet en politiseert.

Het minste dat er van de geste kan gezegd worden, is dat de acht de huidige socialistische leden van de Europese Raad, in grote verlegenheid brengen. Die hebben zich allemaal uitgesproken voor EVP-er Barroso, ook de Spaanse premier Jose Louis Zapatero en de Portugees Jose Socrates. En de voorzitter van de Duitse socialisten, Franz Muntefering, heeft zich eveneens voor Barroso uitgesproken. 

Maar nog enkele van dat soort publieke verklaringen en Barroso kan een tweede mandaat vergeten, omdat zijn aanstelling dan te fel gecontesteerd zal zijn. Dat zou zijn functioneren 'boven de lidstaten en partijen heen' onmogelijk maken. Vooral het Europees Parlement, dat over de kandidatuur van de nieuwe Commissievoorzitter moet stemmen, zal een doorslaggevende rol spelen.

Her en der duikt daarom opnieuw de piste op waarmee de Duitse kanselier, Angela Merkel, en de Franse president, Nicolas Sarkozy, een jaar geleden al speelden, namelijk dat de huidige Commissievoorzitter de eerste permanente voorzitter zou worden van de Europese Raad. Dan zou er een nieuwe kandidaat-Commissievoorzitter moeten gezocht worden. Of de EVP dan automatisch de voorkeur krijgt voor een nieuwe Commissievoorzitter, valt nog te bezien.


Na de thriller van 2004, toen Guy Verhofstadt het moest afleggen tegen Barroso, is er dus opnieuw hoogspanning op komst rond de aanstelling van de Commissievoorzitter. Zij die binnen de EVP hebben gewaarschuwd dat het levensgevaarlijk was om de verkiezingscampagne in te gaan met een kandidaat-Commissievoorzitter, zullen misschien toch gelijk krijgen. Onder meer Jean-Luc Dehaene heeft daar binnen de EVP altijd voor gewaarschuwd.

Guy Verhofstadt voert in Europa een bijna openlijke campagne tegen Barroso en werkt mee aan een alternatieve coalitie waarvoor de acht pleiten. Hij kreeg vorige week overigens ook nog indirecte steun uit het socialistische kamp: van Ségolène Royal namelijk. In een Europese verkiezingstoespraak voor militanten in Rezé, deed de voormalige Franse presidentskandidate onder het waakzame oog van Martine Aubry, dochter van Jacques Delors, een felle oproep om de Europese Unie om te vormen tot de Verenigde Staten van Europa, zoals ook Verhofstadt bepleit. Maar ze noemde de voormalige premier niet bij naam.


 

Opel, de Europese Commissie en verkiezingen

BarrosoMAystadtVrijdagmiddag. Plots komt er een persconferentie uit de hemel gevallen van Commissievoorzitter José Manuel Barroso, samen met Philippe Maystadt, de Belgische voorzitter van de Europese Investeringsbank (EIB) (r. - foto Europese Commissie).

Wat bleek? De Commissievoorzitter zelf bezingt daar uitvoerig de inspanningen die de EIB doet voor de economische relance. Hij leest bijna letterlijk het jaarverslag voor van de EIB dat al weken geleden werd voorgesteld door de bank zelf.

Maystadt begon te blozen van plaatsvervangende schaamte. Hem moeten ze zo'n trucjes niet leren. Barroso wilde gewoon de pluimen voor de inspanningen van de EIB op zijn hoed en deze van zijn Commissie steken: zie-eens-wat-Europa-voor-u-doet.

'Mijnheer Barroso zou een uitstekend woordvoerder kunnen worden van de Europese Investeringsbank', repliceerde Maystadt spottend. De Commissievoorzitter kon er niet om lachen. En weg was het effect van de persconferentie. 


Een van de punten die Barroso nadrukkelijk in herinnering bracht, was dat de EIB speciale leningen ter beschikking stelt van de autoindustrie. Daarmee kan de sector vernieuwingsinvesteringen financieren om klimaatvriendelijker auto's te maken. En meteen werd helder waarom Barroso vrijdag per se een persconferentie wilde geven. Het was net voor de Duitse regering de knoop zou doorhakken in het Opeldossier. De Commissie krijgt zeer veel kritiek omdat ze ook voor die grensoverschrijdende sector geen initiatief neemt. Daar is nochtans veel reden toe. Er is een Europese overcapaciteit van meer dan 20 procent. De sector is in de EU goed voor 2,2 miljoen rechtstreekse arbeidsplaatsen en 12 miljoen werknemers met de toelevering erbij, 8% van de toegevoegde waarde van de EU27 en 11% van de Europese industriële export.

'Niet onze bevoegdheid' zei de woordvoerder van Commissievoorzitter Jose Manuel Barroso droogjes toen we hem begin dit jaar al polsten naar de redenen waarom Brussel geen overkoepelend initiatief nam.


Ik stond aan de deur van de bijeenkomst van Europese ministers van Industrie die bijeenwaren over de autosector, de zogenaamde 'top' die door de Commissie was aangekondigd als door haar 'bijeengeroepen'. In feite ging het over de uitvoering van een afspraak die de lidstaten eerder maakten, op 13 maart, om mekaar te 'ïnformeren'. Ook dat probeerde Barroso vrijdag te verkopen als zijn centrale rol in het dossier. 

Een van de aanwezige commissarissen, Neelie Kroes (Concurrentiebeleid), passeerde ons na afloop als een schicht. Geen enkele commentaar. Wat zou ze, er is op die vergadering niets substantieels gebeurd. Behalve dat de Commissie 'beloofde' om er bij de Duitse regering voor te pleiten een 'niet-Duitser' aan te stellen in de Treuhand. Dat is het voorlopige vehikel waarin de Europese Opelvestigingen worden ondergebracht om ze van het failliet te redden. Kroes volgt de zaak op om te controleren of de inbreng van de Duitse regering wel volgens de regels verloopt en de vestigingen in andere landen geen concurrentiële schade berokkent. Blijkbaar beschouwt ze het overheidsgeld dat de Duitse regering in de Treuhand stopt, als noodhulp voor alle vestigingen in Europa. En dat kan voor zes maanden.

Maar indien de Belgische - Vlaamse - regering echt zo bekommerd is om het lot van Opel-Antwerpen, waarom eist ze dan - voor de zekerheid - niet om nu ook al overbruggingsgeld te mogen stoppen in die Treuhand, zodat ze mee kan beslissen als er straks een nieuw herstructureringsplan op tafel komt? Want, alleen wie het geld levert, kan toch meebeslissen, niet? Of rekent ze op de generositeit van de Duitse belastingbetaler?

De Vlaamse minister, Patricia Ceysens (Open-VLD), bleek die vraag niet te hebben gehoord, of ze deed alsof. Ze verdween alleszins naar een andere dringende afspraak. Federaal minister Vincent Van Quickenborne (Open-VLD) trok een gezicht alsof hij het ook niet precies wist. Hij is in die kwestie overigens niet bevoegd. Indien er een 'Belgische' inbreng zou zijn, moet die van de Vlaamse regering komen.

Even verder hoorden we iets anders, misschien wel de ware uitleg.

De Duitse regering, zo klonk het, wil er alles aan doen om het dossier zelf in handen te houden. Dan kan ze het zeker over de Duitse verkiezingen tillen die in september worden gehouden. 


Hoe moeten we dat nu beoordelen?

De verwijten van de Vlaamse minister-president, Kris Peeters (CD&V), dat de Europese Commissie niets doet, zijn terecht. Haar toegevoegde waarde had een globale, grensoverschrijdende omkadering kunnen zijn voor de herstructurering en garanties kunnen bieden voor een 'Europese' aanpak.

Maar Kris Peeters en Herman Van Rompuy zouden een kat een kat kunnen noemen. In feite moeten zij hun Europese politieke vriend, Jose Manuel Barroso, aanpakken en zich afvragen of die wel geschikt is om nog eens vijf jaar de Commissie te leiden met zo'n slappe Europese visie. In antwoord op de brief die Peeters deze week samen met premier Herman Van Rompuy naar hem stuurde, maakte de Commissievoorzitter er zich vrijdag op zijn persconferentie met Maystadt van af met een loutere verwijzing naar de 'informatievergadering' van vrijdagnamiddag.

En de Vlaams vice-premier, Frank Vandenbroucke (SP.A), moet de Duitse commissaris voor Industrie, Günter Verheugen, met de vinger wijzen. Dat is een Duitse socialist. 

Peeters en Vandenbroucke kunnen ook nog eens samen gaan praten met Angela Merkel (CDU) en Frank-Walter Steinmeier (SPD), de christen-democratische en socialistische kopstukken van de Duitse grote coalitie die de Europese solidariteit volgens hen 'als ratten' (dixit Peeters vrijdag) aan hun laars lappen.

Of moeten we de zaak bekijken als een zeer cynisch spel. Het lijkt er sterk op dat velen al lang het lot van Opel-Antwerpen kennen. Vermoedelijk ook de Vlaamse regering. Maar het is misschien te vroeg om dat bekend te maken. Want er zijn verkiezingen: regionale in België, Europese in heel Europa en in september ook Duitse parlementsverkiezingen. 


 

Waarover het niet gaat in de campagne

TRICHET Ik hoorde het José Manuel Barroso al meerdere keer zeggen: 'veel erger dan het eurosceptiscisme is het europessimisme van degenen die wel in Europa geloven.' Barroso rekent daarmee in de huidige campagne af met de politici, journalisten of ngo's die ontgoocheld zijn over het gebrek aan vooruitgang in de Unie en vooral met diegenen die dat toeschrijven aan de zwakke prestaties van zijn Commissie.

Barroso heeft een punt. Er wordt in de vele debatten tijdens de campagne veel kritiek geüit op Europa terwijl het essentiële allicht uit het oog wordt verloren.

Maar niet Barroso verdient daarbij de pluimen. Wel mensen als Jean-Claude Trichet (foto Raad) , de voorzitter van de Europese Centrale Bank. Hij is tot nu de rots in de branding, de stille werker die in het campagnegeweld weinig of niet aan bod komt. Net zo min overigens als Philippe Maystadt, de voorzitter van de Europese Investeringsbank. Zonder hen zou Europa er allicht bij liggen zoals vele straten na de storm van afgelopen nacht. Het zijn dat soort mensen waarover ook Barroso weinig spreekt omdat hij naast hen in het niets verzinkt.


Ik herinner me levendig die zaterdagmiddag van 13 september 2008 in het Congrescentrum van Nice. Jean-Claude Trichet zat er bij als een wrak tijdens de informele bijeenkomst van de ministers van Financiën van de EU. De hele nacht had hij aan de telefoon gehangen met Washington waar het Lehman-imperium verging. Trichet zweeg. Maar hij wist wel waarom.

Ongelukken zoals met Lehman Brothers zijn hier vermeden. De euro hield tot nu goed stand tegen de tsunami die er tegenaanbeukte. En dat was vooral dankzij het alerte maar discreet reageren van Trichet en zijn ECB.

Dat dergelijke rampen hier vermeden zijn heeft er toe bijgedragen dat Europa zich in deze crisis als economische supermacht liet erkennen, niet alleen van buitenuit (onder meer in de VS hebben ze grote ogen getrokken) maar ook van binnenuit in de EU, waar degenen die niet in de euro wilden, nu op de blaren zitten en niets liever vragen dan snel toe te treden. Dat zijn dingen die we in de vele debatten die nu over Europa gevoerd worden, niet zien. Omdat het misschien allemaal zo evident lijkt. Maar dat is het zeker niet.

Onder druk van de euro en het monetaire systeem, zijn er in de economische repliek van de lidstaten op de crisis, grote ongelukken vermeden. Er zijn weliswaar duidelijke aarzelingen geweest in onder meer Duitsland en Frankrijk. Maar uiteindelijk hebben de regeringen van de grote EU-economieën er voor gekozen om hun beleid Europees op mekaar af te stemmen (te 'coördineren') en om zich min of meer aan de afspraken te houden, al kon het veel beter indien de Commissie-Barroso haar rol had gespeeld. Duitsland, de grootste in de EU, heeft ervaren hoe sterk zijn economie afhankelijk is van de rest van de Unie. Berlijn heeft zeer zuinig gereageerd. Maar er zijn daar ook enkele opmerkelijke verklaringen afgelegd over het behoud van de Europese solidariteit. De orthodoxe minister van Financiën, Peer Steinbruck, heeft in het heetste van de crisis verklaard dat Duitsland geen enkel euroland zou laten failliet gaan. Zonder overdrijven is dat, politiek gesproken, zonder meer een historische uitspraak. Hij heeft ze afgelegd onder druk van de ECB. Een mooier bewijs van de definitieve verankering van de economieën kan nauwelijks gevonden worden. De politieke gevolgtrekkingen moeten nu nog komen. Maar Steinbrucks signaal is een van de weinige dat het niet anders zal kunnen. Het heeft de druk op de eurozone doen afnemen en de solidariteit in de Unie versterkt, ook tegenover de voormalige oostbloklanden.


Dat kwam overigens geen minuut te vroeg, omdat ook China tijdens deze crisis openlijk zijn planetaire ambities heeft laten zien op economisch vlak. Afgelopen herfst had het hele systeem rond de euro kunnen instorten. Maar omdat dit niet gebeurde, is vermeden dat de tandem VS-China de wereldeconomie in handen zou nemen. Europa heeft zich op wereldschaal weten te verankeren in het quartet dat de komende jaren de wereldeconomie zal leiden: de VS, China, Japan én de EU.      


Dat het systeem, hoe rudimentair het ook is, heeft gewerkt, is in de eerste plaats te danken aan de structuur van de monetaire unie. Die is uitgesproken federalistisch, met de Europese Centrale Bank als spil. Het heeft de voorbije maanden zijn stressbestendigheid bewezen, los van eender welk politiek EU-voorzitterschap en los van de Europese Commissie. Het is Trichet die in de weken van financiële stress meerdere video- en teleconferenties organiseerde waarop binnen de kortste keren, met de 27 centrale banken, een beslissing kon genomen worden als dat moest. Dat steekt schril af tegen bijvoorbeeld de totaal mislukte topbijeenkomsten van de chefs van de grote EU-landen die dachten dat zij de leiding in handen moesten nemen. Ze waren er niet toe in staat.

Het is merkwaardig dat de publieke opinie binnen Europa dat succesrijke optreden in de financiële crisis niet naar waarde schat.


 

G20: België weigerde

G20LONDENGROEP Er is in Belgische officiële kringen een en ander te doen geweest over de keuze van de Europese delegaties die uitgenodigd werden voor de G20, eerst in Washington half november vorig jaar en nu, begin april in Londen. Daarover is nooit echt onderhandeld, heet het.

België, dat negentiende staat op de IMF-ranking van de grootste wereldeconomieën, had er misschien kunnen bij zijn zoals Nederland en Spanje. Die behoren ook niet bij de G8-landen of de G13. Maar ze hadden alert gereageerd toen de delegaties werden uitgenodigd in het najaar van 2008, voor de top van Washington. Ze werden in de delegatie van Frankrijk opgenomen dat toen ook EU-voorzitter was. De toenmalige premier, Yves Leterme, reageerde blijkbaar niet, klinkt het.

Wat blijkt nu? Tijdens het bezoek, begin maart, van de Belgische premier Herman Van Rompuy aan de Franse president Nicolas Sarkozy, is de kwestie op het Elysée besproken. Sarkozy stelde de Belgen voor dat ze hem hun standpunten zouden overmaken en dat hij die zou meenemen in zijn agenda voor de G20 in Londen. Ons land kreeg ook het aanbod een diplomaat mee te sturen in zijn delegatie.

Goed ingelichte bronnen bevestigen dat ons land dat aanbod kreeg maar het heeft afgewezen, om diverse redenen. We wilden niet dat we op een lager niveau vertegenwoordigd zouden zijn dan Nederland en Spanje, waarvan de premiers Jan Peter Balkenende en Jose Louis Zapatero zelf aanwezig waren in Londen (op de officiële foto staan ze op de tweede rij, links van kanselier Angela Merkel).

Bovendien, aldus nog een zegsman, vond ons land het, toen Sarkozy nog EU-voorzitter was, niet opportuun opgenomen te worden in de Franse delegatie. Dat zou teveel ons imago van 'kolonie van Frankrijk' versterken. België had immers nog maar pas de fusie moeten slikken tussen Suez en GdF, waardoor de hele Belgische energiesector in Franse handen kwam zonder dat we het door premier Guy Verhofstadt als 'verworven' aangekondigde gouden aandeel kregen waarmee we de Belgische belangen voluit zouden verdedigen. En toen, in oktober vorig jaar, de G20-delegaties werden samengesteld voor de top van Washington, zat ons land volop vast in de crisis rond Fortis. En later kwam Dexia. Ook in die dossiers moest België noodgedwongen de Franse wet ondergaan. Dat ons land ook nog zou deelnemen aan de G20 als lid van de Franse delegatie, zou van het goede teveel zijn geweest, heet het.

Op de jongste Europese top van 19 en 20 maart werd dan maar afgesproken dat Nederland de Benelux-standpunten zou verdedigen, werd er gezegd. Maar het valt af te wachten wat er gebeurt als straks de nieuwe structuur van het IMF wordt getekend, en deze van de nieuwe Financial Stability Board (FSB), de instelling die het wereldwijde financiële toezicht moet organiseren. Die structuren moeten volgens de G20-beslissingen van Londen aangepast worden aan de realiteit van de nieuwe wereldorde. De nieuwe economieën zoals China, India, Brazilië, Rusland maar ook Turkije moeten er veel meer zeggenschap kijgen. Die maken nu allemaal deel uit van de G20. En dat zal ongetwijfeld ten koste gaan van ons land dat nu in het IMF een vrij stevige positie bekleedt.

Volgens officiële geluiden zal ons land daar op zijn strepen staan en alleen een herschikking aanvaarden als dat binnen een EU-kader gebeurt. Maar de Nederlandse minister van Financiën, Wouter Bos, liet op de G20-top in Londen weten dat hij niet van plan is de Nederlandse positie op te geven.


 

Het moment

PraagBARTOPREIN

(Update)

De Amerikaanse president Barack Obama is weer thuis. Welke indrukken blijven er hangen van zijn trip door Europa, nu de karavaan weg is en de mediahype ging liggen?

Mij zal onder meer het tafereel bijblijven in het Congrescentrum in Praag, na afloop van de top tussen de EU-leiders en de Amerikaanse president. Een beperkt aantal media - alleen dat al - kreeg van het Witte Huis de toelating om na de top een ontmoeting bij te wonen met Commissievoorzitter José Manuel Barroso en president Obama. De twee zouden een woordje uitleg geven over de EU-VS top.

Wat bleek? Na enig wachten verschenen niet alleen president Obama en Commissievoorzitter Barroso maar ook Mirek Topolanek, de Tsjechische premier en de Zweedse premier, Frederik Reinfelt.

Er waren blijkbaar problemen gerezen over de samenstelling van de Europese delegatie die voor de cameras en de media mocht verschijnen.

Commissievoorzitter Barroso kon niet zomaar alleen de EU vertegenwoordigen. Dus moest de EU-voorzitter er bij, de Tjechische premier Mirek Topolanek. Begrijpelijk na een Europese Raad. Maar de EU-voorzitter was ontslagnemend. En dus had ook de volgende EU-voorzitter, de Zweedse premier Frederik Reinfelt, zich  - nota bene op suggestie van president Obama - mee in de delegatie gewrongen, .

De Amerikaanse president stond er zichtbaar verveeld bij (Eigen GSM-foto).

Overigens had het viertal eigenlijk niets te vertellen omdat die EU-VS-top niets inhield. De meeste EU-leiders zijn trouwens ook Navo-leden en ze hadden er dus al twee dagen Navo-top opzitten met Obama.

We hadden van president Obama wel uitleg willen krijgen over zijn aandringen om Turkije snel lid te maken van de EU. En over de reactie van de EU-leiders. Maar we mochten geen vragen stellen.

Dus hoorden we eerst Commissievoorzitter Barroso, nadien Frederik Reinfelt en tenslotte Mirek Topolanek zeggen dat het een goede vergadering was en dat ze blij waren dat de president er was. Obama zelf mocht als vierde spreken. Hij vond niet meteen de juiste woorden. Hij bedankte dan maar 'all three gentlemen for their leadership' en zei dat er een tijd was geweest waarin de relaties tussen de EU en de VS moeilijk waren maar dat alles nu weer goed was.

Het tafereel toonde opnieuw dat de Europese Unie snel haar werkmethodes en haar instellingen moet wijzigen om geloofwaardiger te zijn op het wereldtoneel. Tegenover de sterke figuur van de Amerikaanse president stonden kleinmenselijke rivaliteitjes onder de EU-leiders, die door het systeem in stand worden gehouden.

Na de bijeenkomst hoorden we een hoge functionaris bevestigen dat er tussen Tsjechië en Zweden al volop getouwtrek is over het verdere bilaterale overleg tussen de EU en de VS, onder meer over de opvolging van de G8 en de voorbereiding van de klimaatconferentie in Kopenhagen. Zweden vindt dat die contacten beter worden uitgesteld tot juli. Dan is Reinfelt EU-voorzitter. De Tsjechische regering kon, na het ontslag van Topolanek, toch geen sterke EU uitstralen, klonk het.

Bovendien hebben heel wat delegaties het de Tsjechische EU-voorzitter zwaar aangerkend dat hij, zonder enig overleg, het aantal delegaties had beperkt dat mocht spreken tijdens de anderhalf uur durende top. En hij had de sprekers bovendien zelf aangeduid: vooral de grote lidstaten. Ook de Belgische premier, Herman Van Rompuy, was daarover blijkbaar misnoegd, maar hield dat binnenskamers.

Iets verder in de gang van het congrescentrum zagen we een ontspannen Obama die het Europese gekissebis achteraf met de handen in de broekzakken stond te overpeinzen.


 

'Ook het nationalisme dreigt'

SolanaSchwarzenberg Javier Solana, die we gemakshalve de minister van Buitenlandse Zaken van de EU kunnen noemen - ook al mag dat officieel niet omdat dit de EU teveel op een staat doet lijken - is sowieso een bezadigd man. Maar nu loopt hij er de jongste maanden afwezig bij. Hij weet dat zijn tijd gekomen is om te gaan, na bijna tien jaar het diplomatieke gezicht te zijn geweest van de Unie. Hij wacht gelaten het einde af van zijn mandaat.

Zaterdag toonde de minzame Solana zich echter bezorgd (Foto EU2009.CZ). Hij waarschuwde op het informele overleg van de ministers van Buitenlandse zaken in Hluboka, dat de uitbreiding van de Unie naar de Westelijke Balkan dreigt te vertragen door de economische crisis en door het niet goedkeuren van het Verdrag van Lissabon. En dat kan erge gevolgen hebben, voor de betrokken landen, voor de regio maar ook voor de Europese Unie.


Zowel de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Bernard Kouchner, als de Duitse staatssecretaris Reinhard Silberberg hebben in Hluboka bevestigd dat er geen uitbreiding komt zo lang het Verdrag van Lissabon niet goedgekeurd is. Echt nieuws is dat niet. Maar het accent ligt nu anders.

Eerst beweerden Berlijn en Parijs dat het technisch gewoon niet mogelijk is om nog nieuwe lidstaten toe te laten, omdat het nu geldende Verdrag van Nice maar opgemaakt is voor maximaal 27 lidstaten. Maar strikt genomen is dat een loos argument. Want in een uitbreidingsverdrag kunnen ook de noodzakelijke aanpassingen aan de instellingen geregeld worden. Dat is door de jaren heen altijd zo geweest.

Nu zeggen Frankrijk en Duitsland echter dat ze geen uitbreiding willen zo lang het verdrag niet goedgekeurd is. De twee zullen ze hoe dan ook blokkeren. Er wordt dus geen technische maar een politieke koppeling gemaakt. Ze doen dat om Ierland, Tsjechië en Polen onder druk te zetten. Dat zijn voorstanders van de uitbreiding die het Verdrag van Lissabon nog niet goedkeurden.


Maar wat gebeurt er als het Lissabonverdrag wel wordt goedgekeurd?

De Belgische minister, Karel De Gucht, vreesde zaterdag dat de uitbreiding dan quasi 'automatisch' een feit wordt. En dat wil hij niet. Net zo min als de meeste van zijn collega's.

Zaterdag bleek immers dat er nog maar zeer weinig enthousiasme bestaat voor het toelaten van nieuwe lidstaten. De ervaringen met Roemenië en Bulgarije, die in 2007 toetraden zonder dat ze echt klaar zijn, zijn niet van aard om het nu al opnieuw te proberen in de Balkan. Maar veel regeringen hebben er vooral geen zin in om in deze crisis hun politiek vel te riskeren door te pleiten voor de zeer onpopulaire uitbreiding van de Unie. Ook commissaris Olli Rehn van Uitbreiding waarschuwde in Hluboka dat het verloren gaan van arbeidsplaatsen de uitbreiding niet mag afremmen. Vuk Jeremic, de Servische minister van Buitenlandse Zaken, die ook in Hlokuka was, had het perfect begrepen wat er scheelt.  'Het zal wat meer tijd vragen' zei hij na het overleg gelaten.


Javier Solana ziet het wegvallen van de bereidheid om de landen van de Westelijke Balkan als nieuwe lidstaten toe te laten, al langer aankomen. En hij waarschuwde zaterdag dat er naast het economisch protectionisme dat door de crisis opflakkert, ook een politiek protectionisme dreigt voor Europa: het nationalisme. Dat kan de Balkan weer in brand steken.

De Tsjechische minister van Buitenlandse Zaken en EU-voorzitter, Karel Schwarzenberg (rechts op de foto), heeft zaterdag nog geprobeerd om de zaak te forceren. Maar toen hij voelde dat de discussie over de uitbreiding niet bracht wat hij wilde, namelijk een krachtig engagement dat ze in de Westelijke Balkan op schema zal blijven, blokte hij de gesprekken af. En hij publiceerde een eenzijdige 'Verklaring van het Voorzitterschap' die alleen hem bindt. 'Western Balkans - fostering the integration momentum' luidt de kop. Vrij vertaald: 'het ritme in de uitbreiding behouden'.

Schwarzenberg gebruikte overigens ook het Verdrag van Lissabon als drukkingsmiddel. Hij wees daarbij in de richting van de Tsjechische president, Vaclav Klaus. Dat is zoals bekend een notoire tegenstander van verdere Europese integratie en dus a fortiori van het Verdrag van Lissabon. Maar de Tsjechische president is een voorstander van de uitbreiding.

Nu wordt vermoed dat de Tsjechische president ook achter de val zit van de Tsjechische regering van premier Mirek Topolanek, afgelopen week. Die regeringscrisis zal de verdere goedkeuring van het Verdrag van Lissabon in de Tsjechische Senaat vertragen en, door de koppeling die Frankrijk en Duitsland maken, dus ook de uitbreiding. Klaus is dus voor Schwarzenberg mee schuldig voor de vertraging van de uitbreiding.


 

Les Gendarmes Européens à Kaboel

(update)

Hluboka nad VltavouDe informele bijeenkomst van de ministers van Buitenlandse Zaken in Hluboka (Tsjechië) staat volledig in het teken van het bezoek van de Amerikaanse president Barack Obama van volgende week aan Europa, ook al zal de ontmoeting tussen de EU-chefs en de president van volgende zondag in Praag maar anderhalf uur duren. Zelfs de leverancier van de catering voor de bijeenkomst liet zich inspireren door de Amerikaanse president (foto bb).

Met het oog op de Navo-top en de EU-VS-top, circuleert er een Franse 'non-paper' met daarin een voorstel over de Europese bijdrage aan de operaties in Afghanistan. Het officieel niet bestaande papier dateert van 20 maart en draagt als titel 'Mise en place d'une action européenne en matière de gendarmerie'.

Frankrijk pleit er voor dat de Unie in het kader van de Europese Defensie- en Veiligheidspolitiek een 300-tal instructeurs en 'mentors' ('tuteurs') naar Afghanistan stuurt die de bestaande acties van EUPOL versterken.

Concreet gaat het erom de Afghaanse politie via vooral de Franse gendarmerie structuur en vorming te bezorgen, een noodzaak om het land te stabiliseren, staat er in de nota. De Europese 'gendarmes' zouden eerst in de 'voldoende veilige regio van Kaboel' ontplooid worden. De operatie kan dan geleidelijk verder uitdeinen naargelang de situatie in de andere regio's van Afghanistan ook veiliger wordt. Elke lidstaat zou mee financieren naargelang de eigen inbreng. Maar Frankrijk is, luidens de nota, bereid om de meest 'substantiële' bijdrage te leveren en de rol te spelen van als 'motor'.

Tijdens het informele overleg van ministers van Buitenlandse Zaken in Hlobuka hebben Frankrijk, Italië, Spanje en Portugal daarover zaterdagochtend apart gezeten. Italië is namelijk niet zeer enthousiast omdat het al in het kader van EUPOL een grote groep Carabinieri ter plaatse heeft. Overigens is die EUPOL-missie niet volledig ontplooid. Het was de bedoeling 400 manschappen uit te sturen die vooral vorming geven en niet operationeel zijn op het terrein. Maar er zijn maar 250 instructeurs gestuurd. ook is er geen duidelijkheid of het wel goed is dat in een land als Afghanistan naast het leger en de politie een derde niveau van nationale politie wordt gecreëerd waar aparte beslissingscentra voor nodig zijn.

België staat 'neutraal' tegen het voorstel, zei minister Karel De Gucht zaterdagnamiddag in Hluboka. Het voorstel zou een essentieel onderdeel van het EU-aanbod kunnen worden voor de Amerikaanse president.


 

Wachten op Obama

Kasteel5 Een week voor het bezoek van de Amerikaanse president Barack Obama aan de Europese leiders in Straatsburg en Praag, zijn de EU-ministers van Buitenlandse Zaken bijeen voor hun informeel overleg onder Tsjechisch voorzitterschap. Plaats van het gebeuren is het kasteel van Hluboka nad Vltavou (foto bb), een optrekje dat destijds toebehoorde aan de voorvaderen van de Tsjechische minister van Buitenlandse Zaken en EU-voorzitter, Karel Swarzenberg. Na de val van het communisme kwam het domein in handen van de Tsjechische staat. Het is opgefrist en kreeg daardoor een Disneyland-look. Nu is het een toeristische trekpleister waar de hele streek van leeft.

Dat Europa nog een lange weg moet afleggen, hebben heel wat delegaties - letterlijk - aan den lijve ondervonden. De ministers werden op de luchthaven van Praag opgewacht. Van daaruit vlogen ze per Tsjechisch regeringsvliegtuig naar de oude Warschaupact-luchthaven in Ceské Budejovice, vlakbij Hluboka, een landingspiste zonder verkeersbegeleiding of verlichting. Maar niet iedereen kon mee in de A319 van de Tsjechisceh regering. Voor de delegatieleden zat er niets anders op dan een zuidwaarts autoritje van 150 km, ruim anderhalf uur. 

Blijkbaar past het (nog) niet dat een EU-voorzitter de delegaties gewoon ontvangt in de luchthaven die het dichtst bij de vergaderplaats ligt, ook al is dat dan in het buurland. De Tsjechen hadden heel wat broeikasgassen en stress kunnen uitsparen indien ze de Blauwe Donau-luchthaven in Linz hadden gebruikt om hun gasten te ontvangen. Die is maar 50 km verwijderd van Hluboka maar, helaas, in Oostenrijk gelegen.

Tijdens de besprekingen bereiden de ministers de Navo-top en de EU-VS-top voor met de Amerikaanse president Barack Obama. Drie grote onderwerpen gaan ze met de Amerikaanse president bespreken: het Midden-Oosten, de Balkan en Afghanistan.

Vrijdag waren de ministers over de toestand in het Midden-Oosten zeer pessimistisch gestemd. De Israëlische positie is duidelijk verstrakt en er is een groot wantrouwen tegenover de nieuwe premier Benjamin Netanyahu. Het enige positieve geluid dat er in de wandelgangen was te horen, was dat de VS er goddank in geslaagd waren zodanig veel druk uit te oefenen op de regeringsonderhandelaars dat Ehud Barak van de Arbeiderspartij zich bereid toonde om in de coalitie te stappen. De EU-regeringen zijn zeer kritisch tegenover Israël en hopen dat de nieuwe Amerikaanse regering van president Obama zich snel en voluit engageert in het vredesproces.


In verband met de top met de Oostelijke buurlanden, die plaatsvindt op 7 mei, zijn de EU-lidstaten het niet eens over het al of niet uitnodigen van de Wit-Russische president, Aleksandr Loekasjenko, de laatste Europese dictator. Die staat op het punt om Abchazië en Zuid-Ossetië te erkennen, de afgescheurde mini-republieken in Georgië. Als hij dat doet mag hij het Oost-europese partnerschap met de Eu en daarmee gepaard gaande geld, vergeten.


Mysterieus is dat er over de institutionele chaos die na de Europese verkiezingen dreigt te ontstaan in de EU in verband met de benoeming van de nieuwe Commissie, met geen woord wordt gerept. Zo lang het verdrag van Lissabon niet goedgekeurd geraakt - ten vroegste in het tweede Ierse referendum dat allicht in oktober zal plaatsvinden - moet het verdrag van Nice toegepast worden. En dat bepaalt dat niet elke lidstaat nog een commissaris zal hebben. Maar hoeveel commissarissen er dan zullen zijn, staat niet in het verdrag. En welke lidstaten er niet meer bij zullen zijn, ook niet.

Komt daar bij dat de huidige Commissie vanaf de Europese verkiezingen in juni, totaal zal uiteenvallen. Tal van commissarissen vertrekken dan naar het Europees Parlement of naar iets anders, buiten de politiek. Die onvolledige Commissie zou dan weer een tijdje verder moeten dobberen in de leegte, zoals dat eerder al gebeurde. Voorwaar geen geruststellende gedachte voor het anti-crisisbeleid. Pas tegen het einde van het jaar zou er weer duidelijkheid zijn. Van het huidige college van voorzitter Jose Manuel Barroso zouden behalve de Portugese voorzitter, alleen nog Olli Rehn (Uitbreiding), Janez Potocnik (Wetenschapsbeleid), Antonio Tajani (Transport) en Viviane Reding (Telecom) in de Commissie blijven, eventueel wel met andere portefeuilles. Zekere nieuwkomers zijn de voormalige minister van Buitenlandse Zaken van Oostenrijk, Ursula Plassnik, en de huidige Franse minister van Landbouw, Michel Barnier. Die was in de Commissie van Romano Prodi al eens Europees commissaris van Regionaal Beleid.


 

Sarkozy versus Trichet

SARKOMETVANROMPEN REYNDERS De Franse president, Nicolas Sarkozy (rechts op de foto met premier Herman Van Rompuy (l) en Didier Reynders tijdens een onderbreking van de top) slaagt er telkens weer in om op de Europese Raden zijn moment te creëren. Zo haalde hij dit keer uit naar de voorzitter van de Europese Centrale Bank, Jean-Claude Trichet, nadat die een alarmerende tussenkomst hield over de financiële en economische toestand.

Trichet bevestigde de voorspelling dat de economie van de EU dit jaar met 3% zal krimpen. De voorzitter van de ECB riep de regeringsleiders op om zich op het ergste scenario voor te bereiden omdat de lidstaten zowat aan de limiet zitten van hun mogelijkheden en de economie nauwelijks nog een impuls kunnen geven. De overheidsfinanciën laten dat niet meer toe. Anderzijds is geloofwaardigheid voor Trichet het sleutelwoord. De markten geloven momenteel niet dat de overheden hun banken nog veel kunnen helpen. Hij sloot niets uit.


De Franse president liet daarop nog maar eens blijken dat Trichet niet direct tot zijn vriendenkring behoort. Hij sommeerde hem de instituten die de economische voorspellingen uitwerken, het zwijgen op te leggen zodat ze ophouden te dramatiseren. Geen enkele van die bureaus en instituten zag de crisis aankomen, zei Sarkozy, en nu komen ze met de ene negatieve voorspelling na de andere.

Aan de top van de Europese Commissie worden de cijfers die Trichet citeerde, bevestigd. De Commissieberekeningen gaan in dezelfde richting, klinkt het. En het gaat van kwaad naar erger. De diensten van de Commissie berekenden dat de lidstaten samen al voor 23% van het Europese bbp in de economische relance hebben gestopt, inclusief weliswaar het bedrag aan garanties voor de noodlijdende banken. Dat geld wordt dus niet allemaal uitgegeven. Maar als er banken failliet zouden gaan, zou dat wel het geval zijn. Dat cijfer steekt in de dossiers waarmee de onderhandelaars van de Commissie de Amerikanen willen overtuigen op de G20 in Londen, dat Europa meer dan zijn deel doet om de crisis te bestrijden.


Op de financiële markten is de inzet van de Europese lidstaten goed te zien aan de grote verschillen in de rente die ze moeten betalen om hun schuld te financieren. Landen als Griekenland en Italië betalen zich te pletter.


En de alarmkreet van Trichet heeft zijn effect niet gemist. De staatshoofden en regeringsleiders waren zodanig geschokt dat ze totaal onverwacht de betalingsbalansfaciliteit voor lidstaten die hun schulden niet meer kunnen betalen, verdubbelden: van 25 naar 50 miljard. Dat is het bedrag dat de Europese Commissie kan lenen om die lidstaten te helpen. Vorige week nog zegden de ministers van Financiën met grote stelligheid dat er geen enkele reden was om dat leningsplafond te verhogen.

Dat was eind vorig jaar al eens gebeurd, toen Hongarije en Letland in de problemen kwamen. Het bedrag werd toen opgetrokken van 15 naar 25 miljard. Er is nog 15,4 miljard van beschikbaar na tussenkomsten voor Hongarije en Letland. Maar Roemenië heeft nu ook hulp gevraagd. En dat andere lidstaten binnenkort zullen volgen, is bijna zeker. Over de voorwaarden om Roemenië te helpen, wordt momenteel nog onderhandeld, ook met het IMF.

De EU-leiders beslisten trouwens ook dat ze hun bijdrage aan de verhoging van de leningscapaciteit van het IMF zullen optrekken, als de VS dat ook doen. Er komt vanuit de EU 75 miljard euro bij. Dat gebeurt formeel via bilaterale weg. Maar de EU-lidstaten zullen hun aandeel in dat globaal EU-bedrag coördineren. Voor België betekent het een bijdrage van 4 miljard euro.

Belangrijk om weten is dat het vooral de Oostenrijkse regering is die aandrong op een hogere leningscapaciteit voor de EU en in het IMF, omdat ze een collaps vreest van de Oost-Europese landen. De Oostenrijkse banken hebben er immers het meeste van alle EU-lidstaten geïnvesteerd. Ze hebben voor 191 miljard uitstaande vorderingen op de Oost-Europese landen of 8,5% van hun bbp. Duitsland heeft 144 miljard uitstaande vorderingen, Italië 119 miljard, Frankrijk 113 miljard en België 83 miljard, goed voor 3,6% van het bbp van die Oost-Europese landen.


 

Het einde van het 'Lissabonproces'

VanRompuy1 Van de Europese top van maart 2000, waarop in de Portugese hoofdstad het Lissabonplan werd gelanceerd, dateert een hilarische anekdote. Met dat plan wilde Europa tegen 2010 de 'meerst performante en competitieve kenniseconomie ter wereld' worden. Het was de derde Europese top van Guy Verhofstadt als premier. Vol vuur en vlam was hij op zijn afsluitende persconferentie de ene 'historische' beslissing na de andere aan het opsommen, allemaal 'voor de eerste keer beslist sedert het ontstaan van Europa'. Eén van die 'maatregelen' was dat er zowaar een eenvormig Europees formulier moest komen voor het opstellen van een Curriculum Vitae. Die Europese CV zou de mobiliteit van werknemers bevorderen. Een immer ernstige collega kreeg het danig op haar heupen dat ze zich verontwaardigd, maar luid genoeg afvroeg of Verhofstadt de 'Europese C4' niet vergat te vermelden. De hele zaal ontplofte in een ontstuitbare lachbui.


Dat schetst goed het onbegrip dat er altijd rond dat 'proces' is blijven hangen. De ambities waren hoog, maar Europa had er ofwel de bevoegdheid niet voor, ofwel niet de middelen. De Unie kon de noodzakelijke beslissingen vaak niet nemen omdat ze alleen met unanimiteit mogelijk waren, zei Romano Prodi bij zijn afscheid in 2004. Voor hem was dat Lissabonproces toen al mislukt.

Zijn opvolger, José Manuel Barroso, heeft geprobeerd er iets nieuws van te maken. Hij doopte het Lissabonproces om tot een project 'Voor Groei en Jobs'. Maar ook dat lukte niet echt. Die naam geraakte zelfs zo besmet door het 'liberale' imago van Barroso's bewind -  hij zette onder impuls van de Britse premier Tony Blair alles in op 'competitiviteit' - dat de Commissievoorzitter in november vorig jaar 'voor Groei en Jobs' zelf schrapte uit de titel van zijn 'Europees' herstelplan, uit schrik dat het plan als 'weer-van-hetzelfde' zou afgedaan worden. 


Een van de beslissingen uit het Lissabonplan was dat de staatshoofden en regeringsleiders jaarlijks hun Europese Raad van maart in het teken zouden stellen van de opvolging van dat Lissabonproces. Op die 'lentetop' werden de doelstellingen jaarlijks bijgestuurd en, sedert 2006, werd elke lidstaat zelfs beoordeeld op zijn prestaties en met een beleidsadvies bedacht.

Niet dit jaar. Door de financiële crisis en de economische recessie geraakte het project definitief voorbijgestreefd. Er is op de Europese Raad van afgelopen donderdag en vrijdag nauwelijks over 'het Lissabonproces' gesproken, al bevatten de besluiten (klik hier) nog altijd vijf paragrafen onder de kop 'Ten volle gebruik maken van de hernieuwde Lissabonstrategie voor groei en werkgelegenheid'. Maar niemand leest dat nog. Bij zoverre dat precies daar de grote toegeving zit verborgen die Merkel op de top heeft afgedwongen van de Europese Commissie, in ruil voor haar akkoord met de 5 miljard die Barroso uit de Europese begroting mag halen om Europese breedband- en energieprojecten te financieren. Merkel kreeg de toezegging dat de telecomoperatoren (zoals Deutsche Telekom) zelf mogen beslissen wie er toegang krijgt tot hun telecominfrastructuur, op basis van hun eigen 'risk of investment'. Over die paragraaf is er op de top met geen woord gesproken.


Een bewijs temeer dat die Europese Raden meer en meer gedomineerd worden door de grote lidstaten die de anderen, en vooral de Europese Commissie, met gemak in hun zak steken en hun problemen onderling regelen. Zelfs in de Europese Commissie, waar Barroso omwille van z'n herbenoeming een gedoogbeleid moet voeren tegenover de grote leiders, begint men het af en toe welletjes te vinden. In de verdragen worden almaar meer domeinen gezet waarover met een meerderheid kan beslist worden en waar het vetorecht wordt geschrapt. Maar als een voorstel de grote landen niet goed uitkomt, zorgen ze er voor dat ze in de gewone vak-ministerraden, samen met enkele andere lidstaten, een blokkeringsminderheid vormen tegen het voorstel. Dat is met de regels van het verdrag van Nice, niet zo moeilijk. En dan wordt de kwestie doorgeschoven naar de Europes Raad van staatshoofden en regeringsleiders, waar alleen de unanimiteit geldt. Wat dus met grote trom aan de voordeur buiten gaat - de vetorechten - halen de grote lidstaten langs de achterdeur weer binnen.


Vandaar ook het einde van het Lissabonproces. Van veel afspraken die in 2000 werden gemaakt is er niets in huis gekomen omdat de grote lidstaten zich de wet niet laten dicteren en met hun veto werken, zoals Romano Prodi het aangaf. 

Met het Lissabonproces voor ogen is het misschien niet slecht dat premier Herman Van Rompuy (Foto Europese Raad) er mee voor zorgde dat de werkgelegenheidstop van 7 mei werd afgeblazen met het argument dat daarmee alleen maar grote verwachtingen worden gecreëerd, die Europa met zijn huidige instellingen en toegemeten bevoegdheid niet kan waarmaken. Meer had Sarkozy niet nodig om die werkgelegenheidstop te begraven (klik hier).

Het is de les van het Lissabonpoces. Maar een die kan tellen. Het kan toch niet dat Europa veel geld mobiliseert om de banken te helpen maar niets kan doen om jobs te redden, klonk het aan de top van de Europese Commissie. 


 

Mister 1,25 procent

Fototop19032009 De lente kan beginnen. De staatshoofden en regeringsleiders van de Europese Unie zijn weer bijeen voor hun voorjaarstop in Brussel. Die Europese lenteklassieker is sedert 2000 aan de financiële en economische toestand van de Unie gewijd. Jaarlijks ontmoet de EU-top dan de sociale partners en wordt de vooruitgang gemeten in het zogenaamde 'Lissabonproces' dat van Europa de meest competitieve economie ter wereld moest maken tegen 2010.

Niemand durft dat nog uitspreken. We waren op goede weg tot september vorig jaar, toen de bankencrisis in de VS de hele wereld meesleurde. Nu gaat de top over een zogenaamd Europees herstelplan van 400 miljard euro of 3,3 % van het bruto binnenlands product van de Unie. Op enkele maanden tijd zijn daarmee tien tot vijftien jaar saneringsinspanningen, interne marktbeleid en privatisering van de economie van tafel geveegd.


Overigens mag niet vergeten worden dat het niet echt om een 'EU-plan' gaat. Met die 400 miljard manifesteert de Europese Unie zich alleen voor de schone schijn als één economie. Het cijfer is voor het grootste deel een vijgenblad dat de Europese Commissie voor zichzelf heeft bedacht omdat ze zelf geen geld heeft. Commissievoorzitter Jos Manuel Barroso (rechts op de foto samen met de Tsjechische premier Mirek Topolanek, vanochtend na de ontmoeting met de sociale partners - FOTO Raad) maakte gewoon een optelsom van wat de lidstaten uit hun begroting in de banken en andere economische projecten in hun kand hebben gepompt en van hetgeen ze automatisch méér moeten uitgeven door de crisis, bijvoorbeeld voor de werkloosheidsvergoedingen. Die 'automatische stabilisatoren', goed voor zowat de helft van het bedrag, beschouwt de Europese Commissie als extra uitgaven die zonder de crisis niet zouden bestaan. Het is niet omdat Europa er via haar verzorgingsstaten voor zorgde dat die uitgaven 'automatisch' ter beschikking komen in slechte tijden, dat ze geen extra impuls zijn die mag meegeteld worden, klinkt het. Barroso heeft daar een punt. Hij wil Europa daarmee profileren tegenover de VS die, in de aanloop van de G20 in Londen van 2 april, méér herstelmaatregelen eisen van de Europese Unie. Maar de boodschap van vanavond en morgen zal luiden dat de EU genoeg doet, ook al kwam Nobelprijswinnaar Paul Krugman twee dagen geleden in Brussel vertellen dat het veel te weinig is. 'Maar dat is een Amerikaan!' grapt een hoge Commissie-ambtenaar.

In die 400 miljard zitten er maar 5 - dat is 1,25% - uit het Europese budget, dan nog gespreid over drie jaar. Het is geld waarvan de Commissie vermoedt dat het niet zal moeten uitgegeven worden in 2009 en 2010 en eventueel ook in 2011 kan aangesproken worden. Commissievoorzitter Barroso heeft voorgesteld om voor dat bedrag ook vanuit de EU-begroting een inspanning te doen. Hij liet een hele reeks investeringsprojecten oplijsten inzake energie en telecom (breedband voor landelijke gebieden) en verdeelde die uitgaven netjes over de lidstaten, zeg maar op basis van het principe van de 'juste retour'. Het economisch- en werkgelegenheidseffect van die projecten is voor 2010 zo goed als onbestaande. Enkele belangrijke lidstaten, met Duitsland op kop, zijn dus tegen. Omdat ze het meeste aan de EU bijdragen en dus ook meest van die 5 miljard moet betalen. 

Comissievoorzitter Barroso heeft er een halszaak van gemaakt. Hij speelt het spel hard en wil vanavond een akkoord over de besteding van die 5 miljard, die op jaarbasis amper 4 honderdduizendsten betekenen van het Europese bbp.


In de krant schreef ik een artikel (klik hier) waarin ik uitleg hoe de Commissievoorzitter door zijn ambitie om herbenoemd te worden, een jojo is geworden van de staatshoofden en regeringsleiders enerzijds en het Europees Parlement anderzijds. Die vechten voor het beslissingsrecht over de benoeming in juni van de nieuwe Commissievoorzitter. Van de meeste EU-chefs mag Barroso voortdoen. Maar in het Parlement heeft hij veel tegenstanders. Het is voor hem erop of eronder op de top. En allicht zal hij het halen als hij aan Angela Merkel de toezegging doet dat de nieuwe EU-telecomwetgeving, die nu ter discussie ligt in de Raad en in het Parlement, wordt afgezwakt. Deutsche Telekom vindt hem te betuttelend.

Dat Barroso zijn gevecht principieel hard speelt, siert hem. Het was de voorbije vijf jaar niet zijn gewoonte om zich zo nat te maken voor Europa. Maar wat voor beeld laat de EU achter, wetende dat dit alles gebeurt op het moment dat de Europese Unie zich met het oog op de G20 als een sterk en hecht blok zou moeten manifesteren in de wereld. José Manuel Barroso zal trouwens op die G20 in Londen samen met de Chinese en de Russische president de enige wereldleider zijn die niet democratisch verkozen is en geflankeerd wordt door zes collega's waaraan hij schatplichtig is.


Vaagheid op essentiële punten in de ontwerpbesluiten van de top, dekt veel onenigheid toe. De verhoging van de middelen om lidstaten met betalingsproblemen te helpen, wordt in het midden gelaten. Over de regulering en het toezicht op de financiële markten - een van de belangrijkste agendapunten van de G20 -is er geen overeenstemming. Het rapport dat de Commissie daarover liet maken door een groep onder leiding van de Franse expert Jacques de Larosière, is slechts 'een goede basis voor verdere discussie'. Frankrijk en Duitsland willen ze snel in wet omzetten. Gordon Brown temporiseert in naam van de City, die regels en pottenkijkers verafschuwt. Brown wil de voorstellen op de lange baan schuiven of afzwakken. Over maatregelen tegen belastingparadijzen zijn er alleen voornemens en over de nieuwe IMF-structuren en de bijkomende financiering is er ook nog geen akkoord. Voor de schijn wordt alles in het teken gezet van het behoud van de werkgelegenheid, waarover op 7 mei een top wordt gehouden in Praag. Maar die top zal maar een aanhangsel zijn voor de al eerder geplande hoogmis met Armenië, Azerbeidjan, Belarus, Georgië, Moldavië en Oekraïne. Die landen aan de oostgrens van de Unie, krijgen dan een speciale behandeling, voor de ene lidstaat om ze buiten de Unie te houden, voor de andere om ze voor te bereiden om lid te worden. 

Kortom, Europa dreigt vanavond en morgen, door gebrek aan politieke wil en leiderschap, weer een kans te missen om zich als grote wereldmacht te tonen.


 

Maakt Dehaene Barroso bang?

Dehaenefoto We kunnen er ook niets aan doen. Nog maar eens moeten we het over de benoeming hebben van een opvolger voor Commissievoorzitter José Manuel Barroso. Het valt te vrezen dat we dat nog wel meer zullen moeten doen. Want het wordt met de dag spannender, zeker nu het almaar duidelijker wordt dat de Franse president hem zou laten vallen. En hoe men het ook draait of keert, de man of vrouw die deze functie uitoefent zal minstens zo veel ons lot bepalen als de eerste minister van België of de minister-president van Vlaanderen. Wie dat nu nog ontkent, is politiek blind.


De jongste dagen bleek opnieuw hoe zenuwachtig ze daarover zijn in de omgeving van de Portugees. En hoe fel die kwestie de Europese agenda domineert. Of liever, hoe leeg de Commissieagenda blijft, om controverses te vermijden die het parcours van Barroso kunnen bemoeilijken. Zo vindt er over Opel slechts een 'informele' vergadering plaats van de Commissie met de top van GM en enkele geïnteresseerde ministers vanuit lidstaten met een GM-vestiging. Maar niemand in de Commissie wil daarover iets kwijt. De Commissie wil het dossier duidelijk niet naar zich toe trekken. Ze kan er toch niets aan doen en het veroorzaakt alleen maar miserie, is er te horen. Voor België gaan de ministers Vincent Van Quickenborne en Patricia Ceysens naar die 'informatie-uitwisseling' luisteren.


Aanleiding voor de nieuwe zenuwachtigheid is nu onder meer het rapport-Dehaene dat in de 'constitutionele' commissie van het Europees Parlement werd goedgekeurd. Over een maand komt het ter stemming in de voltallige vergadering in Straatsburg. In het rapport pleit de voormalige Belgische premier (Foto Pol De Wilde) voor een vertraging van de benoeming van de nieuwe Commissievoorzitter. Dat ritueel zou niet mogen plaatsvinden op de Europese top van 18 en 19 juni, tien dagen na de Europese verkiezingen, vindt Jean-Luc Dehaene. Hij stelt voor om de benoeming te verdagen tot het einde van juni en om de Europese Raad en het Parlement over de procedure een akkoord te laten sluiten. Pas tegen ende juni zou immers volledig duidelijk zijn wat de nieuwe machtsverhoudingen zijn in het Europees Parlement. En bij de benoeming moet daarmee rekening gehouden worden. Die machtsverdeling zal niet bekend zijn op de verkiezingsavond van 7 juni omdat er geen Europese lijsten bestaan, alleen maar nationale. De nieuwe groepen in het Parlement worden later samengesteld. 


Het belang daarvan is dat de voormalige Belgische premier er voor pleit om voor de benoeming van de Commissievoorzitter, al meteen het Verdrag van Lissabon toe te passen in juni, ook al zal het nog niet van kracht zijn. Dat verdrag verandert de benoemingsregels. De beslissing verschuift naar het Parlement dat beslist op basis van een voordracht van een kandidaat door de staatshoofden en regeringsleiders. Nu, onder het regime van het Verdrag van Nice, benoemen de staatshoofden en regeringsleiders de kandidaat die zij zelf voordragen. Het Parlement kan volgens de huidige regeling alleen de voordracht goedkeuren.

Die omkering van de logica is voor Barroso minder subtiel dan ze lijkt. Een leider van een grote fractie in het Europees Parlement vat het zo samen. Indien Barroso kandidaat is en moet verkozen worden volgens de logica van het Verdrag van Nice, haalt hij het zonder probleem. Want hij beschikt nu over voldoende steun onder de Europese leiders. Maar als het Parlement moet beslissen, aldus de zegsman, wordt het een ander paar mouwen. Er is immers veel kritiek in het Parlement op Barroso. Bij de christen-democraten zowel als de sociaal-democraten en de liberalen zijn er heel wat afgevaardigden die vinden dat hij en zijn Commissie het maar slapjes hebben gedaan de voorbije vijf jaar en zeker bij de aanpak van de crisis.


Op het eerste gezicht maakt Dehaene het dus moeilijk voor Barroso om voor een tweede termijn verkozen te geraken. Maar bij nader toezien is dat toch niet noodzakelijk zo. Integendeel. De aanpak van Dehaene zou de redding kunnen betekenen van de Portugees.

Want de vertraging van de procedure zal niet alleen toelaten om koppen te tellen in het Parlement en tijd geven om Barroso's tegenstanders te overtuigen. Ze zal de staatshoofden en regeringsleiders vooral de tijd geven om discreet te onderhandelen over het omvangrijke pakket benoemingen dat gekoppeld is aan de aanduiding van de Commissievoorzitter. Er moet immers ook een opvolger gekozen worden voor Javier Solana (de Europese topdiplomaat zeg maar), een opvolger voor Hans-Gert Poettering als voorzitter van het Europees Parlement, de eerste 'permanente' voorzitter van de Europese Raad moet aangeduid worden (de zogenaamde EU-president) en er moet een opvolger gevonden worden voor Jaap de Hoop Scheffer, de secretaris-generaal van de Navo. Ook die Navo-functie komt normalerwijze toe aan een Europees land en ze zit mee in de mand van topbenoemingen onder de EU-leiders. Insiders geven de Deense premier, Anders Fogh Rasmussen, daarvoor de meeste kansen. Verder zou ook de secretaris-generaal van de Raad (her)benoemd worden en er zal ongetwijfeld ook gesproken worden over de verdeling van de Commissieportefeuilles tussen de lidstaten, een kwestie waarin onze kandidaat-commissaris, minister Karel De Gucht (Open VLD), zeer geïnteresseerd is.


In dat pakket zit er dus voldoende eten en drinken om iedereen te bedienen: grote en kleine lidstaten, christendemocraten, socialisten en liberalen, oude en nieuwe lidstaten, en - niet te vergeten - mannen en vrouwen. En dat 'evenwicht' zou het dan ook makkelijker maken om Barroso te handhaven omdat, eens er een akkoord is onder de chefs over hem en het pakket, dat akkoord zo afgewogen zal zijn dat de leden van het Parlement geen ruimte zullen krijgen van hun fractieleiders en van hun nationale partijen - waar de regeringsleiders de plak zwaaien - om vrij te stemmen over de Commissievoorzitter. Nu al is iedereen het eens dat de Commissievoorzitter uit de groep komt die het meeste zetels haalt in het Parlement. En, zonder ongelukken, zullen dat de christendemocraten van de EVP en van Barroso zijn, ook al dreigt het vertrek van de Britse Conservatieven en van de Tsjechische ODS van premier Mirek Topolanek de 'meerderheid' te verzwakken.


Voor Barroso is er dus veel minder reden dan op het eerste gezicht lijkt om ongerust te zijn over een vertraging en een benoeming door het Parlement. Des te meer is het bizar om zien hoe zijn woordvoerder, Johannes Laitenberger, vragen over het Commissiestandpunt inzake de benoemingsprocedure afwimpelt met de - begrijpelijke - repliek dat Barroso momenteel maar drie prioriteiten heeft: de crisis, de crisis en de crisis. Voor het overige houdt hij officieel vast aan de in december onder de staatshoofden en regeringsleiders afgesproken kalender. Die zegt dat 'onmiddellijk na de verkiezingen voor het Europees Parlement in juni 2009 begonnen zal worden aan het proces van de benoeming van de toekomstige Commissie, met name van de voorzitter.' Bij nader toezien spreekt het voorstel-Dehaene dat kalenderakkoord onder de EU-chefs overigens niet tegen. Wat is dat immers, 'onmiddellijk na de verkiezingen' beginnen aan 'het proces' van de benoeming'?  

   

    


 

Opel en Günter Verheugen

Verheugenfoto De Vlaamse minister-president, Kris Peeters, deed in het Vlaamse Parlement een nieuwe oproep aan de Europese Commissie om tussen te komen in het Opel-dossier. Hij richtte zich meer bepaald tot commissaris voor Industriebeleid, Günter Verheugen (Foto Europese Commissie). Die zou moeten verhinderen dat de Duitse regering een financiële bijdrage voor Opel koppelt aan de voorwaarde dat het geld alleen mag gebruikt worden voor de Duitse Opelfabrieken. En dat zou meteen het doodvonnis betekenen van Opel-Antwerpen.


De Vlaamse minister president, zo valt te vrezen, is bij Verheugen niet aan het juiste adres. De Duitse commissaris is een dood gewicht in deze Europese Commissie. Niemand houdt nog echt rekening met hem, noch in het college, noch de industrie en nog minder de regering in Berlijn.

Günter Verheugen is zijn tweede ambtstermijn van vijf jaar aan het voltooien. Hij was in de vorige Commissie de voortreffelijke commissaris voor Uitbreiding die de toetreding van tien nieuwe lidstaten behoorlijk wist af te ronden in 2004. Maar nu loopt hij al enkele jaren totaal ongeïnteresseerd rond in het Berlaymontgebouw. Niemand weet er te vertellen wat Verheugen zal achterlaten inzake industriebeleid. En dat hij zijn vriendin tot kabinetschef benoemde, heeft hem zijn laatste geloofwaardigheid in het college ontnomen. Commissievoorzitter Barroso heeft dat als een loutere privézaak toegedekt.

De positie van de Duitse commissaris heeft toen ook de regering in Berlijn beroerd. Het is een publiek geheim in Brussel dat kanselier Angela Merkel de SPD' er Verheugen liever wilde vervangen en dat ze daarover gesproken heeft met Commissievoorzitter José Manuel Barroso. Maar het is er niet van gekomen. Dat zou allicht problemen veroorzaakt hebben in Merkels grote coalitie van christendemocraten en socialisten. Maar Commissievoorzitter Barroso heeft de commissaris zo vurig verdedigd tegenover Merkel dat Verheugen weliswaar mocht blijven maar vanaf dan politiek vleugellam werd, door het besef dat zijn lot vanaf dan volledig in handen lag van Barroso. De Commissievoorzitter kon op die manier zijn machtspositie in het college verstevigen. Als Merkel iets wil regelen belt ze met Barroso, niet met Verheugen, klinkt het.


Indien Kris Peeters dus echt wil dat de Europese Commissie tussenbeide komt in het Opel-dossier, zou hij zich beter tot de Commissievoorzitter richten. Dat is trouwens een Europese geestesverwant van hem via de Europese Volkspartij (EVP). En als Barroso geen tijd heeft voor Kris Peeters moet hij Neelie Kroes aanspreken, de Nederlandse die commissaris is van Concurrentiebeleid. Of Joaquin Almunia, de Spaanse commissaris van Economie en Financiën. Het drietal Barroso-Kroes-Almunia beslist momenteel binnen de Europese Commissie immers over alle financieel-economische dossiers sedert ook de Ierse commissaris voor Interne Markt, Charlie McCreevy, in ongenade viel na zijn slap optreden in de bankencrisis.


Maar de kans is groot dat Kris Peeters op zijn beurt het probleem zal ondervinden dat José Manuel Barroso nu volop campagne voert om in juni zijn benoeming te halen voor een tweede termijn als Commissievoorzitter. Hij is daarvoor in de eerste plaats afhankelijk van de staatshoofden en regeringsleiders. En de Duitse kanselier, Angela Merkel, speelt daarbij een belangrijke, zoniet doorslaggevende rol. Dat Barroso Merkel nu tegenwerkt, is dus zeer onwaarschijnlijk. Want de Portugees voelt stilaan nattigheid. Die andere Europese leider, de Franse president Nicolas Sarkozy, staat blijkbaar niet meer voluit achter zijn kandidatuur. Barroso heeft er immers alles aan gedaan om Sarkozy's plan te dwarsbomen om alleen de in Frankrijk gevestigde fabrieken van Peugeot-Citroën en Renault te steunen. En hij heeft dat vooral iets te openlijk gedaan.

Dat de Commissievoorzitter volop campagne voert voor een herbenoeming moge blijken uit de vele discrete gesprekken die hij momenteel voert met Europese politieke leiders. Hij vraagt daarbij om in de aanloop naar de Europese verkiezingen de kritiek op de Commissie te sparen met als argument de populisten en eurosceptici de wind uit de zeilen te halen. Want dat wordt allicht de echte inzet van de Europese verkiezingen in juni: het anti-Europese gevoel afblokken, zeker met de huidige financiële en economische crisis en de snel stijgende werkloosheid.  

Barroso heeft tussendoor zelfs tijd vrijgemaakt voor een optreden in De Laatste Show, bij Frieda Van Wijck. De Commissievoorzitter was in juni 2006 al eens haar gast in de laatste Zevende Dag die Van Wijck presenteerde. Ze kreeg toen een groot bos bloemen en drie kussen van Barroso. Er lopen in Vlaanderen niet veel mensen rond die dat kunnen zeggen.


 

Clintonshow

CLINTONEP  

Wat ze een nieuwe Secretary of State al niet aandoen: een zogenaamd 'debat' met '800 enthousiaste jonge Europeanen', zoals de website van het Europees Parlement het voorstelt (Foto Europees Parlement). De werkelijkheid is enigszins anders.

De zaal was in zeven haasten gevuld met medewerkers van de fracties en van de parlementsleden die er bij wijlen een applausbijeenkomst van maakten. Hillary Clinton moest geen moeite doen om het gezelschap te charmeren, voorzitter Hans-Gert Poettering incluis. Ze deed met haar gehoor alles wat ze wilde. De enige opmerkelijke uitspraak (in antwoord op een SP.A-medewerker) was dat de economische crisis de klimaatpolitiek niet naar de achtergrond mag duwen en dat de vorige Amerikaanse regering van George Bush nalatig was geweest inzake klimaatverandering. Ze vergat er bij te vertellen dat ook haar man, Bill Clinton, toen nog net president, ook niets zag in het Kyotoprotocol dat hij pas op het laatste moment, net voor de nieuw verkozen George Bush zijn intrek zou nemen in het Witte Huis, om politieke redenen ondertekende maar niet aan het Congres had willen voorleggen.

Parlementsvoorzitter Hans-Gert Poettering was zichtbaar tevreden. Hij en zijn Parlement hebben met het debat (hij mocht zelf de zes vraagstellers aanduiden) op het nippertje een graantje publiciteit meegepikt bij het eerste bezoek van een lid van de nieuwe Amerikaanse regering. Clinton was ook de eerste hoge Amerikaanse functionaris die het Parlement sinds 1985 bezoekt. Toen hield president Ronald Reagan een toespraak in het Europese halfrond. In 2005, bij het bezoek van president George Bush aan Europees Brussel, werd het Parlement genegeerd.

Begin april is er voor het Parlement weer geen plaats voorzien bij de eerste reis van de Amerikaanse president Barack Obama naar Europa. Brussel komt zelfs helemaal niet aan bod in het schema. Na de G20-top in Londen, op 2 april, en na de Navo-top van 3 en 4 april in Straatsburg (waar het Parlement dan niet bijeen is) en Kehl, trekt de Amerikaanse president op 5 april, na sterk aandringen van de Tsjechische EU-voorzitter Mirek Topolanek, naar Praag voor een speciale top met de EU-leiders. Voor het Europees Parlement is er dan weer geen tijd voorzien. De Navo-top komt in Straatsburg bijeen in het congrescentrum dat op geen 500 meter van het Parlementsgebouw gelegen is.


 

Allen naar Clinton


Fotoclinton3 Dat de nieuwe Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Hillary Clinton, vandaag voor de eerste keer - in die functie - Brussel bezoekt, was goed merkbaar in de Europese Commissie. De perszaal van het Berlaymontgebouw was zo goed als leeg en de sessie van de middagbriefing duurde amper tien minuten, waarvan ruim de helft werd volgepraat door de woordvoerster van commissaris Kuneva van Consumentenbeleid. Ze gaf toelichting bij een zoveelse rapport over de internethandel. De Commissie doet daar blijkbaar het researchwerk voor de sector.

De reden voor de geringe belangstelling liet zich raden: de Navo. De meeste buitenlandse correspondenten in Brussel zaten in Evere. Als er een Amerikaanse hoge functionaris 'Europa' bezoekt, gebeurt dat sowieso niet op het EU-hoofdkwartier in de Schumanwijk maar wel bij de Navo in Evere. Niet Commissievoorzitter José Manuel Barroso mag dan de eerste Europese viool spelen maar wel Navo-secretaris-generaal Jaap de Hoop Scheffer (Links op de foto). En het eerste bezoek van Secretary of State Clinton wilde niemand missen.

Algemeen wordt verwacht dat er met het aantreden van president Barack Obama en zijn minister van Buitenlandse Zaken een accentverschuiving komt in het Amerikaanse beleid tegenover 'Europa'. De VS denken nu veel meer in de Europese lijn, zei onze minister van Buitenlandse Zaken, Karel de Gucht, woensdagavond na zijn eerste ontmoeting met Clinton tijdens de transatlantische Gymnich op het Egmontpaleis. 

De kans dat er zich wijzigingen voordoen is inderdaad zeer groot. Al is het de vraag of die alleen maar uit VS-hoek zullen komen. De mensen die in de periode van president Bill Clinton de Europese dossiers beheerden en nu onder Obama terugkeren, zullen opkijken hoe fel de EU veranderd is, heet het in de omgeving van Javier Solana, de Europese topdiplomaat. Dat geldt niet in het minst voor de visie van de lidstaten op de transatlantische relaties. Zelfs de grote, onvoorwaardelijke liefde tussen 'nieuwe' lidstaten van de EU en de VS zijn nu fel bekoeld. En dat is zeker het geval voor Polen, tot voor kort zowat de belangrijkste bondgenoot in de EU van de VS, na het Verenigd Koninkrijk.

De Poolse regering van premier Donald Tusk en minister van Buitenlandse Zaken, Radoslaw Sikorski, zendt signalen uit die veel Europeser zijn dan voorheen. Dat heeft verschillende reden. Polen ervaart met de economische en financiële crisis snel de gevolgen en schurkt zich tegen de Europese buren aan. Met lede ogen ziet Warschau de waarde van zijn nationale munt smelten als sneeuw voor de zon, door een crisis die in de VS werd veroorzaakt. De zloty verloor in een half jaar tijd meer dan een vijfde van zijn waarde tegenover de euro. Dat schept ernstige problemen voor de vele Polen die in Zwitserse frank of in euro een hypotheeklening hebben afgesloten. Polen wil nu zo snel als maar kan naar de eurozone en stelt zich daarbij geen vragen meer over het soevereiniteitsverlies. Wat een verschil met enkele jaren geleden toen de Kaczynski-tweeling regeerde.

Maar er is meer. Polen is ook zeer ontgoocheld geraakt in de VS omdat het voor zijn onvoorwaardelijke steun aan de Amerikaanse buitenlandse politiek onder Bush, weinig of niets terugkreeg. Warschau stuurde bij de eerste vingerknip in Washington troepen naar Irak en Afghanistan. Naast de financiële crisis hebben ook de avonturen in Irak het prestige van de Amerikanen bij heel wat Poolse burgers fel doen slinken. De machtspolitiek van Washington bij de plaatsing van het raketschild, deed evenmin goed en de weigering van Washington om het land een voordelig visa-regime te geven ook niet. En, als klap op de vuurpijl, is zelfs president Lech Kaczynski persoonlijk fel ontgoocheld in de Amerikanen. De afscheidnemende president, George Bush, heeft zowat iedereen van zijn Europese bondgenoten met een bedankje opgebeld toen hij uit het Witte Huis vertrok. Maar de Poolse leiders hoorden niets.


 

Over deze blog

De Europese Unie wint constant aan belang en dagelijks volgt De Standaard de actualiteit van dichtbij. Bernard Bulcke blogt daarover vanuit de Europese wijken.


Zoeken op deze blog





Vlaamse blogs