CDU juicht voor liberalen

Exit-polls 18u. Eerst een jammerlijke zucht bij het talrijk opgekomen publiek in het Konrad Adenauer Haus, het CDU-partijhoofdkwartier in Berlijn. Het resultaat voor de christen-democraten oogt met 33, 5 procent wel erg pover. Loopt het dan toch nog fout af? Meteen daarna luid applaus - voor de jammerlijke nederlaag van de SPD, de sociaal-democratische coalitiepartner van CDU/CSU, die als een pudding in elkaar zakt tot 22,5 procent. En dan uitbundig applaus voor de liberale FDP. En gejuich wanneer duidelijk wordt dat, volgens de exit-polls, een meerderheid van christen-democraten en liberalen vrijwel zeker is.

Nog even de cijfers: CDU/CSU 33,5 procent; SPD 22,5; FDP 15; Linke 12,5; Groen 10,5 procent. Met 48,5 procent van de stemmen haalt een "zwart-gele" coalitie van CDU/CSU en FDP een meerderheid van minstens 10 tot 35 parlementszetels.

Het bizarre aan de zucht en het applaus in het CDU-hoofdkwartier: eigenlijk is dit een electorale afgang voor Angela Merkel. CDU/CSU scoort zijn slechtste resultaat sinds 1949, het stichtingsjaar van de bondsrepubliek. Maar door de sterke score van de liberale FDP lijkt een "zwart-gele" meerderheid vrijwel zeker. Iets gelijkaardigs gebeurde overigens in 2002, toen Gerhard Schröders rood-groene regering werd gered, met een twijfelachtig resultaat voor Schröders SPD en een uitstekend resultaat voor Joschka Fischers Groenen.

Bij CDU wordt "Angie! Angie!" gescandeerd - al heeft Merkel haar partij nu al twee verkiezingen op rij een erg droevig aantal stemmen opgeleverd. Maar het totaalresultaat primeert. Op de televisie in de hoek is te zien hoe in het Willy Brandt Haus, het hoofdkwartier van de SPD in Berlijn, een volkomen grafstemming heerst. Ook dat is voor de christen-democraten een bijkomende reden om er een vrolijke lange nacht van te maken.

Duitsland krijgt voor het eerst sinds 1998 - het einde van de laatste regering-Kohl - een zwart-gele regering.


 

Relaxen bij CDU

Berlijn, Konrad Adenauer Haus net onder het park Tiergarten. Het CDU partijhoofdkwartier straalt, met nog een half uur te gaan voor sluiting van de stembussen, een grote mate van rust uit. Gasten stromen binnen, de catering staat klaar om een klein Afrikaans land te voeden, flessen Rottkäpchen-Sekt en Pfalz-wijn zijn ontkurkt om de zege te vieren. Een groot verschil met de verkiezingen van 2005, toen de verwachte grote zege van Angela Merkel al voor de sluiting van de stembussen werd ontkend door een nerveuze geruchtenmolen in de CDU-centrale.

Hoe het afloopt? Het gebouw gonst van de peilingen, die ver uit elkaar lopen, maar die allemaal de mogelijkheid van een kleine coalitie van CDU/CSU van Angela Merkel en de liberale FDP openlaten - zij het erg nipt. Een CDU-functionaris heeft weet van een exit-poll waarin CDU/CSU "32 tot 35" procent haalt, FDP 14. Een cijfer rond de 47 procent zou moeten volstaan voor een meerderheid. Een Duitse collega meent te weten dat CDU op dit moment op 37 procent staat (wat een goede zege voor Merkel zou betekenen) en FDP op 10 (wat minder zou zijn dan verwacht - waarbij het zegesgevoel gaat afhangen van de mogelijkheid tot regeringsdeelname of niet).

Spannend dus, als de speculatiemolen tenminste ergens het echte resultaat benadert. Dat de CDU-gasten hier rust uitstralen, heeft er tegelijk alles mee te maken dat Merkel vrijwel zeker bondskanselier blijft, welke coalitie er ook komt. Minder goed nieuws voor de Duitse democratie: om 14u had slechts 36 procent van de Duitse kiezers gestemd, ondanks de mooie herfstzon, en dat is zes procent minder dan in 2005.

Uitsluitsel komt er over een half uur - wanneer de stembussen sluiten, om 18u.


 

Versnipperd Duitsland

De Duitse verkiezingscampagne zit erop. Frank-Walter Steinmeier stond vrijdagavond nog naar stemmen voor zichzelf en de sociaal-democraten (SPD) te hengelen op een podium voor de Brandenburger Tor. Vanop enige afstand klonk hij helemaal zoals zijn vroegere baas, Gerhard Schröder. Mediatraining kan wonderen doen, al is het niet duidelijk of mediatraining ook stemmen oplevert.

Angela Merkel stond vanmiddag dan weer in de Arena van Treptow, een voormalig fabrieksgebouw in Oost-Berlijn dat een slimme zakenman na de val van de Berlijnse Muur heeft omgetoverd tot een concerthal, met het leuke terras van de "Club der Visionäre" aan het kanaal ernaast en het wonderbaarlijke Badesschiff op de Spree aan de andere zijkant - een azuurblauw zwembad dat letterlijk in de rivier is neergelaten. We dwalen af, en maar goed ook, want ook Merkels verhaal is intussen bekend - stabiliteit, stabiliteit etc. Anders dan Steinmeier trad Merkel niet in de open lucht en niet voor een "vrij publiek" op. Veiligheidsagenten en de politie hielden een extra scherp oogje in het zeil, officieel omdat Al-Qaeda al enkele weken video's in het Duits inspreekt. Maar een argeloze voorbijganger kon de indruk hebben dat Merkels christen-democratische CDU vooral vervelende tussenroepers wou buitenhouden, in naam van de stabiliteit. Treptow, waar Merkel haar afsluitende campagnetoespraak hield, is dan ook een bastion van links.

Zondagavond om 18u zullen we weten hoe het verhaal afloopt. Voorlopig alvast één vaststelling: tenzij Merkel haar favoriete "kleine coalitie" met de liberale FDP rond krijgt - om haar huidige "grote coalitie" met de sociaal-democraten af te lossen - hebben weinig politici in Duitsland iets om over te juichen. Het optreden van Steinmeier aan de Brandenburger Tor bevestigde dat de SPD vooral "Schwung" mist, wat de nakende afgang van zijn SPD mee kan verklaren. Angela Merkel is vrijwel zeker dat ze bondskanselier blijft - met een kleine coalitie met de liberalen of een grote met de sociaal-democraten - maar volgens de peilingen haalt haar CDU/CSU zondag 33 procent. Ook dat zou een historisch laag cijfer zijn, vergelijkbaar met de afgang van Helmut Kohl in 1998. En verder moeten we terug gaan naar de eerste verkiezing van de naoorlogse bondsrepubliek, in 1949, om de christen-democraten nog op dat lage niveau terug te vinden.

Voor de goede orde nog even de laatste peilingen: CDU/CSU 33, SPD 25, FDP 14, Linkspartei 12, Groenen 10 procent. Als dat resultaat wordt bevestigd, halen zowel het centrumrechtse als het (centrum)linkse kamp 47 procent van de stemmen, en hangt een meerderheid mogelijk af van enkele finesses in het systeem van de Duitse zetelverdeling. Het mandaat van de volgende regering wordt mogelijk al even schamel als de verkiezingscampagne.

Vreemd toch. Je zou denken: Angela is populair, haar grote coalitie heeft dat sinds 2005 niet slecht gedaan, en de Duitsers zouden haar een supermandaat willen geven om door te gaan. Niet dus, tenminste als de peilingen correct zijn. Merkel koos voor een "presidentiële campagne" - voor een confrontatiecampagne is ze nu eenmaal ook minder geschikt - en het hele verhaal mist niet toevallig een element van begeestering. Of haar keuze om trouw te beloven aan de liberale FDP zo gelukkig was, valt ook nog af te wachten. In tijden van stabiliteit zitten misschien niet zoveel Duitsers te wachten op een koerswissel, met de liberalen die allerhande dingen met de belastingen willen doen en aan het Rijnlandmodel willen knabbelen (in tijden van crisis en sociale onzekerheid), die de kerncentrales langer willen openhouden (tegen een meerderheid van de bevolking in, daarin bevestigd door een heleboel recente schandalen in de Duitse nucleaire sector) en die onder leiding staan van het haantje Guido Westerwelle, die als minister van Buitenlandse Zaken (al jaren zijn droomjob) misschien een net iets te grote mond zal durven op te zetten.

Opvallend is verder de toenemende versnippering in de Duitse politiek. Die was verwacht - als een grote coalitie aan de macht is, wijken volgens de Duitse wiskunde meer kiezers uit naar de kleinere partijen - maar blijft opvallend. De FDP, de Groenen en de Linkspartei zweven alle drie tussen de 10 en 15 procent. Tegelijk nemen ze zelf niet de verantwoordelijkheid op voor dat toenemende succes. De FDP van Westerwelle sluit elke coalitie behalve die met de CDU/CSU uit. De Groenen willen geen driepartijencoalitie met CDU/CSU en FDP. En de Linkspartei wordt zelf uitgesloten van machtsdeelname door de andere partijen - en dat is, gezien de barensweeën van de jongste partij in het Duitse parlement, misschien maar goed ook, vooral voor de Linkspartei zelf. Samengevat: het Duitse politieke landschap versnippert, maar de kleinere Duitse partijen durven daaruit nog niet de juiste conclusie te trekken. Namelijk dat zeer binnenkort het land niet meer kan worden geregeerd door een coalitie van twee partijen, tenzij heruitgaves van de "onnatuurlijke" grote coalitie van christen- en sociaal-democraten. Ook als Merkel zondag een meerderheid vindt voor haar favoriete kleine coalitie met de FDP, wordt die conclusie alleen nog even uitgesteld.

Zondagavond om 18u wordt alles duidelijk. Van de vorige verkiezingen, in 2005, herinner ik me vooral de grafstemming in het CDU-hoofdkwartier, toen bleek hoe de opiniepeilingen er hopeloos naast hadden gezeten. Merkels CDU/CSU haalde vijf procent minder dan voorspeld, Schröders SPD 5 procent meer. Een foutenmarge van formaat. Hoe het zondagavond afloopt? De "grondstemming" in het land lijkt naar een kleine meerderheid voor CDU/CSU-FDP te gaan. Maar weinigen zouden er een Duitse mark op durven te verwedden dat de opiniepeilingen deze keer wel te vertrouwen zijn.


 .


 

Merkel - Steinmeier: 1 - 1,5

De zomer zit erop, Angela Merkel is terug uit vakantie in Tirol, Frank-Walter Steinmeier uit Zuid-Tirol (Noord-Italië, volgens het internationale recht). En zo waren ze vanavond allebei fit en uitgerust om de Duitse verkiezingscampagne in een hogere versnelling te schieten, tijdens het eerste en enige televisiedebat tussen de twee 'kanselierskandidaten' voor de Duitse verkiezingen van 27 september.

Hoe hebben ze het ervan afgebracht? De uitgangspositie van de sociaal-democraat Steinmeier was een stuk minder luxueus dan die van bondskanselier Angela Merkel: haar CDU staat in de peilingen op 36 procent, Steinmeiers SPD op een historisch dieptepunt van 23 procent. Angela Merkel is geen kanselier die veel wild enthousiasme ontlokt, maar ze heeft op haar eigen nuchtere manier Duitsland de laatste vier jaar geleid en ze doet dat volgens de Duitsers redelijk goed. Steinmeier geldt als een redelijk goede minister van Buitenlandse Zaken, wiens partij een beetje de draai heeft verloren. Steinmeier moest kortom scoren, Merkel standhouden - terwijl ze allebei in de voorbije vier jaar samen in een coalitie zaten. Zou een recept voor een interessant debat kunnen zijn. Was het niet.

Frank-Walter Steinmeier kwam nochtans verrassend goed uit de startblokken. Weliswaar toverde hij pr-gewijs een glimlachje om de lippen dat zijn vrouw hem beter had afgeraden, maar de man kwam nuchter en goed argumenterend voor de dag, en deed wat hij moest doen: trots zijn op de resultaten van de 'grote coalitie', maar ook aantonen dat het land een stuk socialer zou zijn als zijn SPD niet die last van Merkels christen-democraten had moeten meetorsen. En o wee als Merkel na 27 september een 'kleine coalitie' met de liberale FDP zou kunnen vormen: de FDP, de partij van een yuppie genaamd Guido Westerwelle die vindt dat de kredietcrisis nooit was uitgebroken als we de banken maar wat meer vrijheid hadden gegund (Steinmeier drukte dat alles net iets diplomatischer uit dan we het hier weergeven, de man is tenslotte de grote baas van de Duitse diplomatie).

Merkel hield eindeloos vol dat 'Wachstum Arbeit schafft' (economische groei creëert jobs), maar Steinmeier counterde prachtig met de boodschap dat 'als je alle voorgestelde belastingverlagingen van CDU en FDP optelt, Duitsland jaarlijks een Wachstum van 9 procent nodig heeft om alle rekeningen te betalen'. Kortom, Steinmeier deed dat alles aanvankelijk keurig, wat eigenlijk niet zo eenvoudig is in een duel met Merkel: zij wordt door ontevreden christen-democraten zelf al als een 'halve sociaal-democrate' verketterd. Mevrouw Merkel heeft namelijk een feilloze neus voor de geografische positie van het midden. Alleen leek ze gisteren in de eerste helft van het debat wat defensief, wat ongemakkelijk.

Maar blijkbaar telt een televisiedebat van 90 minuten twee helften, net zoals een voetbalwedstrijd  (dat op het einde de Duitsers winnen, was hier vrijwel gegarandeerd). In een eindeloze discussie over de economische crisis begon Steinmeier zijn geduld te verliezen, begon als een gek dingen op papier te schrijven en die papiertjes van zijn notablokje af te scheuren. Zelfs als de camera's op Merkel waren gericht, klonk er geregeld een onrustig rrrrrits buiten beeld. Angela Merkel begon daarentegen aan de camera's te wennen en bleef verder haar rustige zelf, met af en toe een rake lieflijke sneer: 'Het probleem van de SPD is toch die gespletenheid? U schildert een coalitie van CDU en FDP af als een nachtmerrie, terwijl uzelf een coalitie met de FDP niet uitsluit. De mensen begrijpen niet wat u eigenlijk wil'. Touché. Maar, helaas, een vlammend debat is nog iets heel anders.

Slotsom? Steinmeier was beter in de eerste helft, Merkel in de tweede. Alleen is de kans groot dat een heleboel kijkers halverwege in slaap is gesukkeld of heeft weggezapt. Genadeloos cijferonderzoek van de openbare omroep ARD toonde dat Merkel fairer en competenter overkwam, maar dat Steinmeier het volgens 64 procent van de kijkers beter had gedaan dan verwacht. En belangrijker: onder de onbesliste kiezers vond 45 procent Steinmeier overtuigender, tegenover 37 procent voor Merkel.

Of dat wat verandert voor de verkiezingen over twee weken? Steinmeier scoorde een beetje, maar onvoldoende om Angela Merkel te doen wankelen.


 

De Kus

P1040688  

Een maand geleden vroeg een goede vriend me of er in Berlijn al een "muurvalgevoel" was. In het Duits klinkt dat mooier: "Mauerfallgefühl". Maar ook in het Duits was het er niet, zoveel maanden voor de twintigste verjaardag van de val van de Muur, die op 9 november wordt gevierd. Europese verkiezingen, Opel en Karstadt in de problemen, oude Stasi-lijken die uit de kast kwamen vallen: dat was er wel. Geen muurvalgevoel.

Nu lijkt het begin van een muurvalgevoel in zicht, tenminste gemeten aan de muurvalactiviteit die in Berlijn begint te gonzen. Enkele dagen geleden vond nabij Berlijn een generale repetitie plaats van een van de evenementen die op 9 november ongetwijfeld over uw scherm zullen rollen. Op 9 november dit jaar zullen om 20.15u precies (alleen in Duitsland valt de toekomst zo haarfijn te voorspellen) liefst duizend stukken muur - nagebouwd in kunststof en beschilderd door schoolkinderen - één voor één elkaar als dominostenen omver duwen. Tien minuten lang. De generale repetitie verliep vlekkeloos, en over vijf maanden zal de symbolische dominostunt ongetwijfeld nog vlekkelozer verlopen.

En aan de oever van de Spree, op de grens van de oude westwijk Kreuzberg en de oude oostwijk Friedrichshain, is dezer dagen de Russische schilder Dmitri Vrubel te vinden. Dmitri wie? Dmitri Vrubel schilderde de innige kus van de vroegere Sovjet-chef Leonid Brezjnev en zijn toenmalige Oost-Duitse collega Erich Honecker. Het meest bekende schilderwerk op de Berlijnse Muur ooit, waarschijnlijk.

Op luie zonnige namiddagen kan je Vrubel nu vinden aan de zogenaamde "East Side Gallery", een 1,3 kilometer lang stuk Muur dat als een soort tentoonstellingsruimte is bewaard gebleven aan de oever van de Spree. Een beetje een rare bedoening, geeft Vrubel toe: zijn eigen graffito opnieuw schilderen. Maar "als je de keuze hebt tussen opnieuw schilderen en niets, kies je als schilder voor schilderen".

De East Side Gallery wordt namelijk voor de twintigste verjaardag compleet gerenoveerd. Compleet betekent: dit voorjaar is de hele East Side Gallery met wit overschilderd, en alle originele kunstenaars - behalve een vijftiental dat weigert mee te werken - doen hun hele originele werk opnieuw over.

Een mens kan er vragen bij stellen. De East Side Gallery is namelijk pas beschilderd in juni 1990, maanden na de val van de Muur in november 1989. Met goede reden: de Gallery is een zogenaamd "oostmuur", dus gericht naar Oost-Duitsland (alle originele Koude Oorlog-graffiti bevonden zich aan de West-Berlijnse kant van de Muur, want wie aan de oostkant zijn verfkwast boven haalde, werd gearresteerd door de DDR-grenswachters). Een "oostmuur" had bovendien - we gaan nu dieper in op de finesses van de perfide muurbouwkunst van het DDR-regime - geen enkel contactpunt met het westen. De DDR bouwde namelijk een dubbele muur, met een zwaarbewaakte "veiligheidszone" ertussen, en de East Side Gallery is zo een "binnenmuur", waar dus geen graffitispuitende West-Berlijner in de buurt van kon komen.

In elk geval worden nu, voor de twintigste verjaardag van de val van de Muur, de niet-echt-originele muurgraffiti van de East Side Gallery opnieuw geschilderd - en zo staat Dmitri Vrubel hier vandaag in de Berlijnse zon weer te schilderen. De renovatie kost 2,2 miljoen euro, en elke schilder krijgt 3.000 euro. Dat is 3.000 euro meer dan Dmitri Vrubel in 1990 kreeg voor zijn icoon: hij heeft er nooit een roebel voor gevraagd, ook al verdienden postkaartenuitgeverijen en souvenirverkopers tonnen geld met afbeeldingen van Vrubels schildering. Vrubel is wel beroemd geworden met zijn communistische kus, die nu langzaam opnieuw ten tonele verschijnt. Op 9 november ziet de hele East Side Gallery er weer glanzend en nieuw uit.

Het langzaam ten tonele verschijnende Muurvalgevoel gaat deze zomer wel even met vakantie. Het is opvallend hoe alle huidige tentoonstellingen over 1989 - er is bijvoorbeeld een prachtige tentoonstelling van DDR-snapshots van een toenmalige toevallige Oost-Duitse fotoamateur in de Samariterkirche in de wijk Friedrichshain - in juli de deuren sluiten. Ook de Duitse politiek vergeet deze zomer even het prille muurvalgevoel, want op 27 september zijn er in Duitsland parlementverkiezingen. Het muurvalseizoen zal pas daarna in volle hevigheid kunnen beginnen, en op 9 november tot volle uitbarsting komen.

"Een muurgevalgevoel?", zei een toevallige Oost-Duitse gesprekspartner gisteravond proestend. Ze heeft tot haar twaalfde achter de Muur geleefd. "Een muurvalgevoel? Tjonge, is dat alweer twintig jaar geleden?"


 

Verdeelde stad

Berlinwahl 


(bron: www.tagesspiegel.de)

In Berlijn is, net zoals in België, het stof van de verkiezingen wat neergedwarreld en is het zelfonderzoek bij de politieke partijen begonnen. Dat levert vooral bij de sociaal-democraten (SPD) veel sombere gezichten op. Bondskanselier Angela Merkel is er met haar christen-democratische CDU/CSU zondag in geslaagd een verlies van 6 procent (naar 37,9 procent) tot een zege te maken. Omdat de SPD, die had gehoopt dat deze Europese verkiezingen een opstapje waren naar een succes in de Duitse verkiezingen van september, blijft hangen op een historisch lage score van 20,8 procent.

En dat in tijden van diepe economische crisis en sociale ongerustheid, met onheilstijdingen over Opel en de warenhuisketen Karstadt. De schuld ligt bij de "sofakameraden", klinkt het nu bij de SPD. "Kameraden" die wel sociaal willen stemmen maar zondag liever op hun luie achterwerk op de sofa bleven zitten. Slechts 43,3 procent van de Duitsers vond het zondag nodig te gaan stemmen. Bij de Bondsdagverkiezingen in september ligt dat cijfer ongetwijfeld veel hoger (vorige keer ging bijna 80 procent van de Duitsers stemmen), maar of dat op zich veel soelaas biedt voor de sociaal-democraten? Hun lijsttrekker en "kanselierskandidaat", minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier (ook vice-kanselier in de grote coalitie met Merkels christen-democraten), zag er zondagavond op televisie alvast uit als een schotelvod.

Ook in Berlijn leverden de verkiezingen verrassingen op. Verkiezingen mogen dan vaak technisch lijken en individuele stemmen lijken soms weinig verschil te maken, maar ik kan eindeloos blijven kijken naar kaarten met de grootste partijen per kiesdistrict. In De Standaard is dat een kaart waarop zowat het hele Vlaamse platteland oranje kleurt, met de kerktoren in het midden. In Berlijn blijkt de Muur nog altijd deels overeind te staan. In de westelijke buitendistricten scoort de christen-democratische CDU van Merkel nog altijd het best (de donkergroene kleur op de kaart). In de oostelijke districten is dat de paarse kleur van Die Linke - in het oosten de opvolgerspartij-in-de-tweede graad van de oude communistische partij SED van de oude DDR. Alsof 1989 nog geen twintig jaar geleden is.

De vernieuwing van Berlijn is, bijna twintig jaar na de val van de Muur, natuurlijk wel merkbaar - maar slechts ten dele. Opvallend is het enorme succes van de Groenen in de centrale districten van Berlijn: de impact van de jonge grootstadsbevolking, met zijn jonge singles en jonge gezinnen, die in West-Berlijn al zijn opgerukt tot de poorten van het oude keizerlijke Charlottenburg en ook de centrale Oost-Berlijnse wijken als Prenzlauer Berg en Friedrichshain hebben ingepalmd.

Ik ben zondag een kijkje gaan nemen in "mijn" stembureau in Friedrichshain. Gevestigd in een "Frauenzentrum" en haast iedereen die ik sprak, stemde er op de Groenen. In het hele kiesdistrict Friedrichshain-Kreuzberg haalden de Groenen uiteindelijk 43 procent van de stemmen (in heel Berlijn met 23 procent tweede partij na de CDU). De SPD kon in mijn wijk maar 15 procent van de kiezers bekoren en in heel Berlijn 18,8 procent, wat meteen het probleem van de sociaal-democraten tekent - in de stad die ooit met een volstrekte meerderheid aan de voeten lag van wijlen oud-burgemeester Willy Brandt (aan de westelijke kant van de Muur, uiteraard).

De meest relativerende stem in mijn wijk kwam van de shoarma-uitbater om de hoek. "De enige verkiezingen die vandaag plaatsvinden en de wereldpolitiek kunnen veranderen, zijn die in Libanon", zei shoarma-man. Hij had nog gelijk ook.


 

Dresden

Terwijl de halve wereld de woorden van Barack Obama in Caïro aan het nasmaken was, stond Angela Merkel vanavond op de Breitscheidplatz in Berlijn, aan de Gedächtniskirche, bij Bahnhof Zoo. Een Oost-Duitse in het hart van het oude West-Berlijn, pratend over hoe belangrijk Europa is - tussendoor ook even vermeldend dat "ze daar in Brussel ook niet moeten komen zeggen hoe ons brood moet smaken".

Het publiek bestond uit een man of tweehonderd, en evenveel politieagenten - zelfs de stoere alternativo's met piercings en zwarte t-shirts bleken bij nader bestuderen een oortje in te hebben. Hoezeer de Duitse media en politici ook hun best doen om Europa uit te leggen aan de burger - en ze doen dat uitstekend - toch zegt de burger foert. Allemaal zo ver, zo moeilijk, het is me wat. Maar als Merkel in september opnieuw spreekt op de Breitscheidplatz, voor de Duitse verkiezingen, dan staat er minstens tweeduizend man.

Morgenvroeg trekt Angela naar Dresden, waar ze haar vriend Barack - die van in Caïro - zal ontmoeten. Maar tussen Angela en Barack zit er een haar in de boter, zo klinkt het hier langs alle kanten. Obama komt vanavond aan in Dresden, doet daar morgen een kleine wandeling, houdt een gesprek en een persconferentie met zijn vriendin Angela, trekt dan naar het concentratiekamp van Buchenwald - tien kilometer van Weimar - en bezoekt daar de verschrikkelijke plek die in 1945 mee door zijn grootoom Charlie Payne werd bevrijd.

Uitstekend programma, zou je denken. Dresden is de stad die op 13 februari 1945 door de Britten en Amerikanen werd platgebombardeerd - er vielen naar schatting 30.000 burgerdoden die nacht - en leent zich uitstekend tot een intelligente en complexe historische en toch actuele toespraak, een genre dat Obama perfect beheerst. Hetzelfde geldt voor Buchenwald, waar Obama naartoe trekt met Nobelprijswinnaar Elie Wiesel, die in 1945 mee door Obama's grootoom in Buchenwald werd bevrijd.

Maar het is de Duitsers ook opgevallen wat niet op het programma staat. Geen bezoek aan Berlijn, geen duik in het publiek in Dresden, zelfs geen bezoekje aan de Frauenkirche (de heropgebouwde kerk die symbool staat voor het bombardement van 1945), en geen stop in Weimar - nochtans ook een stadje met een complex historisch kapitaal. En nergens iets leuks: alleen herinneringen aan ongure Duitse tijden. Obama neemt trouwens ook nauwelijks tijd voor Merkel.

De Obama-mensen in Washington zien Angela namelijk een beetje als een moeilijkdoener. Toen haar voorganger Gerhard Schröder ten oorlog trok tegen Obama's voorganger George Bush, ging Merkel ostentatief naar Washington - het klassieke spel van een oppositieleidster. Toen presidentskandidaat Obama vorig jaar Berlijn uitkoos om zijn grote "lijm de brokken met Europa"-toespraak te houden, was het bondskanselier Merkel die er een stokje voor stak dat Obama optrad voor de Brandenburger Tor. Obama moest het bos in - in Berlijn Tiergarten genoemd. Merkel wou de Republikeinen te vriend houden - tenslotte kon John McCain toen nog altijd de verkiezingen winnen.

Intussen heeft ook Obama een mooie job, maar nog altijd gaat het niet goed met Angela. Heeft geen leiderschap getoond toen de kredietcrisis uitbrak vorig jaar, zeggen ze in Washington - Merkel verkoos maandenlang vooral niets te doen. Duitsland weigert, anders dan Frankrijk, zich sterker te engageren in de moeilijkere gebieden van Afghanistan. En minister van Binnenlandse Zaken Wolfgang Schäuble, een partijgenoot van Merkel, weigert een stel onschuldige Oeigoeren (Chinese moslims) op te nemen die eindelijk uit Guantanamo zouden weg mogen - anders dan Karel De Gucht wil Schäuble daarvoor zijn nek niet uitsteken, toch niet in een verkiezingsjaar.

En dus komt Obama nog geen 24 uur naar Duitsland, mijdt hij Berlijn, en blijft hij wel twee nachten in Frankrijk - Nicolas Sarkozy staat dezer dagen wel goed aangeschreven in Washington.

Waarschijnlijk kan het Angela Merkel op dit moment weinig schelen: ze krijgt in Dresden haar photo opportunity met de populaire Barack, altijd meegenomen in een verkiezingsjaar. Nog een pluspunt voor Angela: haar minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier, in september de kanselierskandidaat van de sociaal-democraten, verkiest uit Dresden weg te blijven omdat hij niet te zichtbaar op de tweede rij achter Merkel wil figureren. 

Samengevat? Ook grote landen bedrijven kleine politiek.


 

Onszelf buiten

Berlijn2 130Een wat ouder Berlijn stel staat in de Oranienburgerstrasse harenkrabbend te kijken naar een nieuwe poster voor de Europese verkiezingen van zondag. Voordien waren de posters er niet, nu hangen enkele wijken van de stad er plots vol mee: "Willen jullie de Beiers ook niet weg? Stem dan op de Beierenpartij." Op de foto wandelt een Beiers paartje in Lederhose en Dirndl weg, zwaaiend met de handjes. "Voor een Duitsland zonder Beieren."

Het oudere stel in de Oranienburgerstrasse moet er even over nadenken."Is die partij nu voor of tegen Beieren?" Ze besluiten ermee te lachen, de vrouw zegt: "Mooi! Grappig!"

Nationalisten hebben wel eens de neiging "wij zijn beter!" te roepen. Misschien daarom omschreef de Franse schrijver Ernest Renan een "natie" ooit als een "groep mensen die een vertekend beeld hebben van hun verleden en die hun buren haten". Niet zo de separatistische Beierenpartij, althans in hun verkiezingspropaganda: de partij voert campagne in de - door hen - verfoeide hoofdstad van Duitsland met de boodschap: "We weten dat jullie ons verschrikkelijk vinden! Wel, stem op ons en jullie hebben geen last meer van ons!" Het klinkt bijna als een masochistische versie van het nationalisme: "Stem ons alstublieft weg! Onszelf buiten!"

In Berlijn vinden ze dat mooi en grappig. De Beiers, zo menen de Noord-Duitsers, zijn nu eenmaal een ras apart. Hun witbier is welkom, maar daar houdt de liefde zo ongeveer bij op - wederzijds (wij laten hier overigens in het midden wie gelijk heeft, we beschrijven gewoon het ongezonde Volksempfinden). Ook politiek vinden ze in Berlijn de Beiers wat bizar. Niet wegens de genoemde Beierenpartij (want die minipartij kende niemand tot die posters verschenen), maar de Beiers stemmen al decennia met grote meerderheid op hun eigen versie van de christen-democraten, de CSU. Een opmerkelijke partij die even socialistisch is als de sociaal-democraten, ethisch even conservatief als de paus (niet toevallig een Beier), erg succesvol in het economische beleid van de eigen deelstaat, soms anti-Europees in haar retoriek en pro-Europees als er landbouwsubsidies te verdelen vallen. De CSU klaagt over het feit dat Beieren via de zogenaamde "Finanzausgleich" miljoenen moet afdragen aan armere Duitse deelstaten, en vergeet bij voorkeur dat Beieren zelf decennialang - tot diep in de jaren tachtig - zo door de rest van Duitsland werd gesubsidieerd. De CSU zit sinds vorig jaar overigens ook in Beieren in een electorale dip, maar dit terzijde. 

Naar Vlaanderen! Het overkomt me niet gauw, maar in de Oranienburgerstrasse kon ik moeilijk anders dan aan Bart De Wever te denken. Hij wou van zijn kartel met CD&V een "Vlaamse CSU" maken, en in een interview met Het Nieuwsblad verkondigde hij vorig jaar zijn liefde voor Beieren. "Ik bewonder wel de manier waarop traditie en vernieuwing in Beieren hand in hand gaan", zei De Wever. "Ik hoor mensen wel eens zeggen dat Vlaanderen geen Beieren aan de Noordzee mag worden. Wat een onzin."

Zou het dan geen idee zijn voor Vlaams-nationalisten om campagne te voeren zoals de Beierenpartij? Een mens vraagt het zich af, in de Oranienburgerstrasse. "Liefste Franstaligen, we weten dat jullie ons verschrikkelijk vinden, stem ons daarom alstublieft weg. Vlamingen buiten!"

Misschien een interessant experiment. Het stuit weliswaar op wetten en praktische bezwaren. Als Vlaams-nationalisten zichzelf bij Franstaligen willen wegverfoeien, moeten ze eerst de herinvoering van een federale kieskring steunen. In Duitsland bestaat die, althans voor de Europese verkiezingen (beter nog: de partijen mogen zelf kiezen of ze voor de Europese verkiezingen met één nationale lijst of met verschillende deelstaatlijsten opkomen). Bovendien wijst mijn collega bij Der Tagesspiegel erop dat de Beierenpartij eigenlijk de Berlijners in het ootje neemt. "In Beieren zelf halen ze maar één procent van de stemmen. Nu proberen ze hier wat bijkomende kiezers te lokken", lacht hij. "Eigenlijk gaat het om kiezersbedrog!"

Ach, alsof daaraan ooit al iemand is gestorven in een verkiezingscampagne?


 

Fergie

Sarah Ferguson, de hertogin van York, heeft vandaag de Britse militaire parade voor de verjaardag van Queen Elisabeth II afgenomen, nabij het Berlijnse Olympiastadion. Er traden 730 Britse soldaten aan, naast veertien tanks, zestien pantserwagens en 49 andere militaire voertuigen, zo meldt de krant.

Vandaag, dat is vandaag precies twintig jaar geleden, op 26 mei 1989. Ik herinnerde me nauwelijks nog dat Sarah Ferguson ooit heeft bestaan. En dat er twintig jaar geleden een Britse bezettingszone in Berlijn was - naast een Amerikaanse, een Franse, en een Sovjet-zone aan de andere kant van de Muur - daar staat een mens vandaag in Berlijn ook nauwelijks nog bij stil. Maar in de aanloop naar de twintigste verjaardag van de val van de Berlijnse Muur, op 9 november, publiceren de Berlijnse kranten dezer dagen geregeld een terugblik op hoe het precies twintig jaar geleden was - fascinerende lectuur is dat. Op dit moment twintig jaar geleden, wanneer Sarah Ferguson de Britse troepen schouwt bij het Olympiastadion, is er zoveel nog onvoorspelbaar. In China bezetten studenten het Plein van de Hemelse Vrede, maar de slachting zal pas volgende week plaatsvinden, op 4 juni. De Oost-Duitsers trekken nog niet deze zomer naar Hongarije, de Hongaren doen hun grens nog niet open, de "maandagsdemonstraties" bij de Nikolaikirche in Leizpig zouden pas in september beginnen. En in Berlijn heeft Günter Schabowski, lid van het politburo, nog lang niet op een persconferentie verklaard dat de reisvrijheid voor de Oost-Duitsers "voor zover ik weet, nu meteen" ingaat.

Wel gebeurd op 26 mei 1989, zo meldt de krant: twee voormalige DDR-vluchtelingen, Ingo en Holger Bethke, vliegen met twee ultralichte vliegtuigjes over de Berlijnse Muur om hun achtergebleven derde broer Egbert in Oost-Berlijn te gaan oppikken. Ze worden niet neergehaald door de Oost-Duitse grenswachten en landen veilig op het grasplein voor de Reichstag, in West-Berlijn. Vanwaar ze meteen naar de redactie van de West-Berlijnse krant "Quick" trekken om hun verhaal te verkopen.

In dit grote verkiezingsjaar in Duitsland (met de bondspresidentsverkiezing vorig weekeinde, de Europese verkiezingen op 7 juni en de federale parlementsverkiezingen op 27 september - in Duitsland spreekt men dan wat knullig over een "Superwahljahr") is het goed nog een andere fascinerende twintigste verjaardag in herinnering te roepen. Eerder deze maand, op 7 mei, vonden twintig jaar geleden de laatste vervalste verkiezingen op Duitse bodem plaats: de "verkiezingen" voor de Oost-Duitse gemeenteraden in 1989. De "eenheidslijst" die onder toezicht van de Socialistische Eenheidspartij (SED) was samengesteld, haalde daarbij 98,5 procent van de stemmen - zo beweerde het DDR-regime althans. De onvrede bij de bevolking over zoveel schaamteloze fraude was een van de katalysatoren voor wat later dat jaar zou gebeuren.

Onlangs las ik nog ergens een oud DDR-grapje. Twee Oost-Berlijners ontmoeten elkaar op straat. "Heb je het al gehoord?", zegt de ene. "Er is ingebroken in het hoofdkwartier van de communistische partij!" "Is er iets gestolen?", vraagt de andere. "Niets belangrijks", zegt de eerste. "Alleen de verkiezingsresultaten van volgend jaar."


 

Ohnesorg

Een zorgeloos weekeinde in Berlijn. Zo'n zeshonderdduizend Duitsers vierden zaterdag rond de Brandenburger Tor met veel braadworst en muziek de zestigste verjaardag van hun naoorlogse republiek. In Wolfsburg (de thuishaven van Volkswagen) deed de lokale voetbalploeg VfL de crisis in de autosector even vergeten door voor het eerst voetbalkampioen van Duitsland te worden. En in de Reichstag werd zaterdag Horst Köhler in de eerste stemronde herverkozen als bondspresident. En toch zaten enkele mensen die weekeinde duidelijk met een "unheimliches Gefühl", door de onthullingen in de zaak-Ohnesorg.

Om het verhaal nog even in herinnering te roepen. Op 2 juni 1967 betoogde de student Benno Ohnesorg (26), een gelovige jongen die net was getrouwd en zijn eerste kind verwachtte, in Berlijn mee tegen de bezoekende sjah van Perzië, die bekend stond om zijn autoritaire regime en zijn foltermethodes. De politie trad, zoals gewoonlijk in die tijd, erg handhandig op. Op een binnenkoer werd student Ohnesorg - zijn naam kon nauwelijks tragischer klinken - in nooit opgehelderde omstandigheden van dichtbij doodgeschoten door een agent in burger, Karl-Heinz Kurras. Die pleitte zelfverdediging en werd na een aanklacht vrijgesproken, al vonden ook de rechters dat Kurras zijn dodelijke schot onvoldoende kon verklaren. Voor de studentenbeweging was de 'moord' op Ohnesorg het bewijs voor het autoritarisme van de West-Duitse staat, die tot dan toe nauwelijks was 'ontnazificeerd', zoals dat in Duitsland heet. In Duitsland waren het de '68ers die hun ouders de vraag stelden wat ze tijdens de oorlog hadden gedaan, en die zo aan de basis lagen van het feit dat Duitsland een modelstaat is geworden voor een diepgravende omgang met een pijnlijk verleden.

Maar voor een extreme vleugel van de studentenbeweging was de dood van Ohnesorg de aanleiding om te radicaliseren: uit hun kringen zou het linkse terrorisme van de Rote Armee Fraktion (RAF) ontstaan, dat Duitsland in de jaren zeventig en tachtig in de ban hield. Politieagent Kurras, een wapengek, heeft zelf nooit uitsluitsel gegeven over de feiten. Hij is nu 81 en woont nog altijd in Berlijn. In 2007 zei hij nog in een interview. 'Wie me aanvalt, wordt vernietigd. Gedaan. Zo moet je dat zien.'

Nu hebben twee historici toevallig in de 180 kilometer lange archieven van de Stasi, de vroegere Oost-Duitse geheime dienst, ontdekt dat politieagent Kurras sinds 1955 als betaalde 'Inoffizieller Mitarbeiter' (IM) op de loonlijst van de Stasi stond. Kurras speelde informatie door over de West-Berlijnse politie. De onderzoekers vonden evenwel geen bewijs dat Kurras de dodelijke schoten had gepleegd op bestelling van de Stasi. Uit de documenten blijkt dat de Oost-Duitse geheime dienst meteen na de dood van Ohnesorg de contacten met de agent verbrak, en officieel besloot de zaak als een "betreurenswaardig ongeval" te catalogeren. Maar omdat de dood van de student de toenmalige DDR wel goed uitkwam - elke destabilisering van de West-Duitse Bondsrepubliek was winst - is met de onthulling over Kurras' Stasi-contacten wel twijfel ontstaan.

Neem nu Otto Schily (76), een man die zelf een complex verleden heeft maar erg wordt gerespecteerd. Hij was erbij in Berlijn, bij de studentenbetoging op 2 juni 1967. Begin jaren zeventig stond hij als advocaat de vader van Benno Ohnesorg bij in een aanklacht tegen politieagent Kuras. Later zou Schily ook nog RAF-leden verdedigen in de rechtbank. In de jaren tachtig stapte hij in de politiek, eerst bij de Groenen, dan bij de sociaal-democratische SPD, waar hij onder bondskanselier Gerhard Schröder van 1998 tot 2005 minister van Binnenlandse Zaken was. En als "rode sheriff" toezag op de invoering van maatregelen tegen het nieuwe terrorisme - in Duitsland, gezien zijn totalitaire verleden, nog meer dan elders een heikele balanceringsact tussen repressieve maatregelen en burgerrechten.

Schily klonk dit weekeinde niet erg gelukkig op de televisie, toen hij sprak over het 'nieuwe grauwe licht' dat de Stasi-onhullingen wierpen op de zaak-Ohnesorg. "Moest die agent doelbewust provoceren? Moest hij de spanningen in de samenleving in West-Duitsland en West-Berlijn verscherpen? Als de Stasi-contacten van agent Kurras toen bekend waren geweest, had dat een ander licht op de zaak geworpen. Dan rijst ook de vraag of de hele protestscène zich niet anders had ontwikkeld. In elk geval was de verwarring groot geweest. Dat een West-Berlijnse politieagent voor de Stasi werkte, kon men zich toen echt niet voorstellen."

Volgens sommigen, zoals de gerespecteerde historicus Arnulf Baring, had zo'n onthulling toen weliswaar niets aan de geschiedenis veranderd. Weinigen hadden zoiets geloofd, de DDR zou alles hebben ontkend, en de hele zaak-Ohnesorg was ook maar een element in een bredere maatschappelijke beweging.

De zaak herinnert er wel aan hoe in het lieflijke Berlijn, met zijn braadworst en muziek en vreugde om zestig jaar democratie, het verleden van nazisme en communisme nog altijd historische lijken uit de kast kan laten vallen. Unheimlich, noemen ze dat.


 

Over deze blog



Buitenlandredacteur Jorn De Cock brengt de komende maanden in Berlijn door, als gastjournalist bij de krant Der Tagesspiegel, in het kader van een Duits-Nederlands-Belgische journalistenuitwisseling.

Onze oosterburen hebben een drukke agenda voor de boeg: de zestigste verjaardag van de Bondsrepubliek, de Europese verkiezingen (7 juni), de Duitse parlementsverkiezingen (27 september), en de twintigste verjaardag van de Berlijnse Muur (9 november).


Zoeken op deze blog





Vlaamse blogs