De Standaard Online

23-11-07

Afstraffing banksector: trop is teveel

Geert Ruysschaert Midden september kwamen de grote Amerikaanse zakenbanken met hun cijfers op de proppen. Zij hadden zich in het verleden tot de meesters ontpopt van het herverpakken en doorverkopen van subprime-hypotheken (dit zijn Amerikaanse hypotheekleningen van mindere kwaliteit). Zij werden dan ook geacht zware klappen te krijgen.

En die kregen ze ook. Met uitzondering van Goldman Sachs, die de bui tijdig had zien hangen, dienden de meeste zware waardeverminderingen op te biechten. Maar zij voegden daar aan toe dat het ergste leed nu wel geleden was. Wou niemand hun herverpakte hypotheken nog hebben, gelet op de magere opbrengsten die andere leningen boden, zou de appetijt wel spoedig terugkeren. Temeer daar de beleggers alles door elkaar leken te slaan en alle herverpakte leningen, goede en minder goede, over dezelfde kam scheerden. Eens het wantrouwen verdween, zou de honger wel terugkeren en zouden de herverpakte producten terug aan waarde winnen.

Maar ondertussen is het wantrouwen niet verdwenen. Waardoor heel wat grote Amerikaanse banken op hun eerdere, rozige voorspellingen terugkomen, en met nieuwe, gigantische waardeverminderingen komen aandraven. Dat brengt meteen allerlei spookverhalen terug op de voorgrond. Dacht men in juli nog dat de hele subprimeschade voor banken te begroten was op 50 miljard USD, nu nemen analisten al bedragen in de mond van 250 tot 400 miljard USD.

Niet alleen de Amerikaanse financiële groepen moeten daarvoor het gelag betalen. Ook elders krijgen bankaandelen slaag. Vooral in herverpakte vorm zijn de Amerikaanse subprime-hypotheken immers over de hele wereld verspreid geraakt. Dat veroorzaakt algemene achterdocht waarbij beleggers de neiging hebben het kind met het badwater weg te gooien. Zo moeten ook bedrijven waar de potentiële impact van het subprime-debacle in verhouding tot de winst naar alle waarschijnlijkheid gering is, het zwaar ontgelden.

Hoewel de volatiliteit in de sector nog wel een tijdje zal aanslepen, denken wij dat vele defensieve financiële waarden voor de middellangetermijnbelegger toch wel koerspotentieel bezitten. De koers-winstverhoudingen zijn tot bijzonder lage niveaus gezakt, terwijl de dividendrendementen tot de vetste van de hele markt behoren. Voor beleggers met een iets bredere tijdshorizon biedt het Europese banklandschap, dat er momenteel bijligt als een uitgebrande barak, voldoende instapopportuniteiten. Gelet evenwel op de gigantische volatiliteit kan een spreiding van de transacties in de tijd aangewezen zijn.


De banksector staat, gemeten naar de verwachte koerswinstverhouding (d.i. op basis van de verwachte winst van de komende 12 maanden) zowel in historische termen (d.w.z. ten opzichte van zijn historisch gemiddelde) als in relatieve termen (ten opzichte van het marktgemiddelde) bijzonder aantrekkelijk geprijsd.

Geert Ruysschaert, aandelenanalist Fortis Bank.

De Standaard Weblog om 12:28 | Link | 1 Reacties | 0 TrackBack