Economische groei in 2006 bedraagt 3%
Zoals al eerder in
deze rubriek aangehaald en zoals mocht worden verwacht op basis van de ramingen
van de diverse instellingen, bereikte de economische groei over het volledige jaar
2006 3%, wat exact het dubbele is van de economische groei van het jaar 2005.
Het vierde kwartaal
van 2006 was weliswaar iets lager dan het derde kwartaal, maar de algemene
prestatie is toch wel ronduit schitterend te noemen. Het was vooral de buitenlandse
vraag die de motor bleek te zijn van de sterke economische groei. Het open
karakter van de Belgische economie ervaart duidelijk de positieve invloed van
de goede economische prestatie van Europa en van onze belangrijkste
handelspartners, in de eerste plaats van Duitsland.
In 2006 kon de
Belgische economie met name duidelijk profiteren van de positieve economische
omgeving, gekenmerkt door groeiende exportmarkten, lage rentevoeten, stijgende
winstcijfers van de ondernemingen, een stabiele euro en stijgende beurskoersen.
Dit positieve klimaat zet zich ook in 2007 door, waardoor de economische groei
in het eerste kwartaal zou uitkomen op 0,6% volgens de eerste raming van de
Nationale Bank.
Economische groei ondersteund door alle
sectoren
In 2006 was de
bouwnijverheid met een bijdrage van 7,7% de grootste “driver” van de
economische activiteit. De industrie vond een tweede adem en groeide met 2,4%
terwijl ook de diensten een groeiversnelling lieten optekenen ten opzichte van
2005 en met 2,8% toenamen. Alleen de landbouw leverde een negatieve bijdrage,
maar het marginale belang van deze sector maakt dit verwaarloosbaar in
vergelijking met de andere sectoren.
Zowel de binnenlandse
als de buitenlandse vraag stuwden de economie. Op het vlak van de binnenlandse
bestedingen, was vooral de toename van de bedrijfsinvesteringen markant (+
6,6%), wat uiteraard het gevolg is van de sterke groei van de productie in
zowel de nijverheid als de dienstensector, mede gestimuleerd door gunstige
financieringsvoorwaarden (lage rentevoet en goedkoop kapitaal).
Deze gunstige
financieringsvoorwaarden speelden ook de woningmarkt in de kaart en de
particulieren verhoogden hun investeringen in de bouw en renovatie van woningen
met 4,7%. Door de toegenomen koopkracht konden de particulieren hun
consumptieve bestedingen eveneens met 2,5% laten toenemen.
De consumptieve
bestedingen van de overheid stegen in mindere mate, maar lieten toch eveneens
een groei van 1,4% optekenen. Enkel de bijdrage van de netto-uitvoer was
negatief (-0,7%) daar de groei van de invoer hoger was dan de groei van de
uitvoer.
2007 hoopvol van start
Niet alleen in België komen
er positieve geluiden inzake de economische groei in het eerste kwartaal van
2007, maar ook in de rest van Europa ziet het er voor dit jaar veelbelovend
uit. Nog deze week werden de groeivooruitzichten voor de Duitse economie stevig
opwaarts bijgesteld, wat uiteraard goed nieuws is voor België, gelet op het
open karakter van onze economie, waarbij veel halffabrikaten uit ons land
worden verwerkt in Duitsland. Een blijvend positief scenario voor Europa zal
België in 2007 dan ook geen windeieren leggen. Onze raming voor dit jaar
bedraagt op dit ogenblik 2,3% maar zal misschien nog naar boven worden
bijgesteld in de komende maanden als het positieve economische nieuws uit
Europa blijft aanhouden. Het mooie weer is alvast ingezet.
De Standaard Weblog om 16:09 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
Deze week werden de spotlichten in de financiële markten vooral gericht op de belangrijkste centrale banken die deze wereld rijk is. Zowel de centrale bankiers uit Japan als de Euro-zone verzamelden zich om hun reflecties omtrent de economische groei en inflatie te vertalen in een gepaste monetaire politiek. Verder werden ook de notulen van de vorige rentevergadering door de Amerikaanse centrale bank vrijgegeven.
In Japan rusten de centrale bankiers momenteel op hun lauweren na een renteverhoging in februari. Ondanks het feit dat het centrale rente tarief er slechts op 0.50% staat, moeten we ons aan weinig wijzigen verwachten de komende maanden. De inflatie flirt nog steeds met het nul niveau (momenteel 0.1%) en de economsiche groei in Japan is nog steeds niet van die aard om tot veel opwaartse prijsdruk aan te zetten. Mogelijks zal pas tegen het einde van het jaar opnieuw geopteerd worden voor verdere monetaire verstrakking.
In de Verenigde Staten heerst deze week een gevoel van optimisme nadat er vorige vrijdag een beter dan verwachte maandelijkse arbeidsrapport bekendgemaakt werd. De Federal Reserve heeft bovendien nog wat meer olie op het vuur gegooid. In de notulen van de Fed wordt immers ook de dreiging van een aanzienlijke economische terugval geminimaliseerd. De nadruk wordt daarentegen duidelijk op de inflatie gelegd die, in tegenstelling tot Japan, nog steeds veel te hoog is en moeilijker te bestrijden lijkt dan werd gehoopt door de centrale bank.
Gezien deze ‘hawkish’ toon van de centrale bank zien de marktspelers zich dan ook genoopt om hun verwachtingen omtrent een eerste renteverlaging uit te stellen. Waar de markten vorige week nog twee renteverlagingen in de loop van dit jaar inprijsden, is dit inmiddels teruggebracht naar slechts één. Aangezien wij toch iets meer oog hebben voor de precaire huizenmarkt in de VS, en de mogelijke gevolgen ervan op gans de economie, verkiezen wij vast te houden aan ons vooruitzicht van een aantal renteverlagingen in de tweede helft van het jaar.
Op donderdag was het aan de beurt aan de ECB leden om hun opwachting te maken. Zoals verwacht werd de refi rente ongewijzigd gelaten op 3.75%, maar eigenlijk was het hem vooral te doen omtrent de pers conferentie van Trichet na de rente vergadering. Uit deze proberen markt spelers immers hints te puren omtrent de toekomstige rente politiek van de ECB. Ook hier was een hoofdrol weggelegd voor de inflatie vooruitzichten. Ondanks het feit dat de Europese inflatie reeds meerdere maanden onder de ECB drempel van 2.0% stand houdt, blijven de centrale bankiers bevreesd voor een ontsporing van de prijs evolutie in komende maanden.
De ECB blijft er dan ook op wijzen dat de huidige monetaire politiek nog steeds erg accomodatief is en dat een verdere renteverhoging mag verwacht worden. In zijn commentaar van donderdag liet Trichet echter uitschijnen dat de ECB best wil wachten tot juni om deze stap te zetten. Bij deze werden sommige speculanten, die eerder op mei wedden, terecht gewezen. Wij kunnen ons goed vinden in de zienswijze van de ECB. Ook onze voorspellingen incorperen één additionele renteverhoging in juni, die de refi rente naar het neutrale niveau van 4.00% zou brengen.
Filiep Wyseur, Fixed Income Strategist Global Markets, Fortis Bank
De Standaard Weblog om 18:01 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
De voorbije twee maanden waren best wel hectisch voor de Zwitserse munt. Eind februari leek er een abrupt einde te komen aan een lange lijdensweg. De Zwitserse frank was sinds begin 2006 geleidelijk aan weggezakt ten opzichte van de EUR waardoor de wisselkoers EUR/CHF een niveau van 1.628 bereikt had. Maar een plotse toename van de globale risicoaversie deed de munt verstevigen tot 1.598 begin maart. Deze risicoaversie was vooral ontstaan door de problemen in de Amerikaanse sub-prime hypothecaire markt, de waarschuwing van Greenspan voor een Amerikaanse recessie en de forse klappen op de Chinese beurs. Risicoaversie betekent ook dat carry trades minder aantrekkelijk worden. Deze werden teruggeschroefd en aldus kon de Zwitserse frank hiervan profiteren omdat het, net zoals de Japanse yen, een typische laagrentende ontleningsmunt is voor carry trades. Maar de globale onzekerheid nam net zoals midden vorig jaar redelijk snel af en investeerders lijken al weer vergeten te zijn waarom ze de carry trades verlaten hebben. Het gevolg is dus een nieuwe verzwakking van de CHF en net alsof er intussen niks gebeurd is staat EUR/CHF weeral op 1.628.
Natuurlijk zal de munt profiteren telkens er nieuwe periodes van onzekerheid zijn. Maar dit lijkt eerder occasioneel en tijdelijk terwijl carry trades een lange termijn strategie lijken te zijn. Met andere woorden, eigenlijk is er geen reden om op korte en middellange termijn optimistisch te zijn over die Zwitserse frank ook al zijn de onderliggende fundamentals niet zo slecht.
Het laatste officiële groeicijfer is voor het vierde trimester in 2006 en bedraagt een zeer matige 2.2% t.o.v. het voorgaande jaar (en gemiddeld 2.7% in 2006). In tussentijd zijn er echter bemoedigende maandelijkse data zoals de industriële productie en de KOF-leading indicator. Deze data lijken te bevestigen dat de groei aan het uitbodemen is. Dit komt overeen met de recente beslissing van de regering om haar officiële groeivooruitzichten voor dit jaar opwaarts bij te stellen van 1.7% naar 2.0% Ondanks dit vooruitzicht van een positiever groeimomentum, blijft de inflatoire druk heel gematigd. Inflatie bedroeg slechts 0.2% in maart, slechts een kleine versnelling t.o.v. de 0.0% in februari (mede door de hogere olieprijzen). De officiële schatting voor dit jaar bedraagt een zeer matige 0.4%, doordat hoge binnenlandse concurrentie zal compenseren voor de impact van de zwakkere munt. Voor volgende jaar is een versnelling naar 1.1% verwacht.
De groeicontext geeft ons vertrouwen dat de renteverhogingcyclus voorlopig kan verder gezet worden. Echter, de inflatievooruitzichten pleiten voor een zeer gematigde stijging de komende maanden. Midden maart heeft de centrale bank de rentes met 25bp. verhoogd, naar 2.25%. Dit was de 6de achtereenvolgende trimestriële verhoging. De bijhorende verklaring was echter alles behalve agressief voor wat betreft verdere verhogingen. Er zal waarschijnlijk een verdere normalisering van de rentes plaatsvinden maar naar onze mening zal dit beperkt zijn tot maximum 50bp. Dit zou de rente op maximum 2.75% brengen eind dit jaar, nog steeds een stuk lager dan de beoogde 4.0% in de Eurozone.
Samengevat, de CHF zal ook de komende maanden nog steeds een slachtoffer blijven van zijn onaantrekkelijke rentevoeten. Dus fundamenteel is een verzwakking van de munt richting 1.64 zeker niet uit te sluiten. Technisch gezien is het beeld zelfs nog pessimistischer. Zolang men de steunlijn op 1.585 niet doorbreekt, zal de weg voor EUR/CHF opwaarts gericht zijn richting 1.6500/1.6600.
De Standaard Weblog om 15:52 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack