De Standaard Weblog om 12:29 | Link | 1 Reacties | 0 TrackBack
BP’s Statistical Review of World Energy: we kijken er ieder jaar naar uit. En dit jaar nog iets meer dan anders. Zou dat iets te maken hebben met de olieprijs? Inderdaad, het zwarte goud zit momenteel in uncharted territory. Omgerekend naar dollars van vandaag hebben we de laatste honderdvijftig jaar slechts twee keer een periode meegemaakt waarin de olieprijs naar 100 USD of meer ging. Maar meer dan 135 USD per vat? Neen, dat is nieuw.
Wat opvalt is dat die pieken in het verleden een zeer tijdelijk karakter hadden. Eerst gingen de prijzen verticaal de hoogte in en daarna even verticaal naar beneden. Pure speculatie dus, ingegeven nu eens door het enthousiasme rond de mogelijkheden van olie als energiebron (de zogenaamde Pennsylvania oil boom in de jaren ’60 van de 19de eeuw), dan weer door paniek omtrent een mogelijk tekort aan olie na de religieuze revolutie in Iran (1979-1981).
Ook vandaag gaat de olieprijs quasi verticaal de hoogte in. Speculatie? Wij denken van wel. Al is er wel degelijk een kink in de kabel. De wereldwijde consumptie van olie steeg vorig jaar, de productie daalde. Dat vraagt om spanningen. Los van de politieke spelletjes, waarbij landen hun olierijkdommen zoveel mogelijk in macht proberen te vertalen, hebben heel wat oliebedrijven het knap lastig om hun productie op peil te houden.
Er moeten nieuwe velden aangeboord worden. Die velden zijn er, maar ze liggen vaak diep in zee, waar de exploitatie een stuk duurder is. Dat laatste geldt ook voor de Canadese teerzanden. Daar we sowieso in toenemende mate die nieuwe velden zullen moeten aanspreken om aan de vraag te voldoen, is het logisch dat de olieprijs stijgt, maar daarom niet loodrecht. Gevraagd naar wat dan wel de faire prijs van olie is, krijg je antwoorden gaande van 75 USD tot 250 USD per vat. Het enige relevante aan deze cijfers is dat ze mijlenver uit elkaar liggen. Dat heb je nu eenmaal met speculatie.
Speculatie kan enkel overleven, zolang ze gevoed wordt door grote ideeën. Een ervan is dat er momenteel geen volwaardig alternatief bestaat voor olie als energiebron. Of beter gezegd, een alternatief dat de markt als volwaardig percipieert of erkent. Steenkool is overvloedig aanwezig, maar heeft de reputatie milieuonvriendelijk te zijn. Rond kernenergie hangt dan weer een taboe, al vertoont dat taboe de laatste tijd aardig wat barstjes. En biobrandstoffen – toch degene die we nu commercialiseren – doen zowel naar milieu-efficiëntie als ethische gevolgen steeds meer vragen rijzen. Olie en gas zijn dus nog steeds incontournable.
Anderzijds zijn er de haperingen in het marktmechanisme. Normaliter zou je kunnen veronderstellen dat naarmate de olieprijs stijgt, de vraag gaat dalen. Ofwel omdat mensen overschakelen op alternatieven (al is het maar als aanvulling), ofwel omdat ze simpelweg minder gaan verbruiken. In Europa en Japan zien we inderdaad een dalende olieconsumptie.
Maar in een land als China blijft de olieconsumptie fors stijgen. Subsidies houden er de olieprijs kunstmatig laag. De Chinese consument voelt de internationale prijsstijgingen niet en blijft dus gewoon consumeren. Logisch, maar het kan er wel voor zorgen dat de olieprijs zelf zwaar in het rood gaat. Vergelijk het met een oververhitte automotor. Als het wijzertje op uw instrumentenbord stuk is, zal u pas merken dat er iets niet klopt wanneer er rook uit de motorkap komt.
De oververhitte olieprijs versterkt de wereldwijd stijgende inflatie. De aandelenmarkten gruwen hiervan. Zij hadden al af te rekenen met een economische groeivertraging en een kredietcrisis en daar krijgen ze nu nog eens de inflatie bovenop. Die duwt de intrestvoeten en financiële lasten omhoog en bedreigt de winstmarges. Na een mooie remonte gekend te hebben in april, zijn de beurzen sinds de tweede helft van mei terug gecorrigeerd.
Ze moeten nu door de smalle en gevaarlijk kloof tussen recessie en inflatie door. Enige ontspanning op de oliemarkt zou daarbij bijzonder welkom zijn. Speculatie vaststellen is een ding, voorspellen wanneer ze ophoudt een ander. Herinner u Greenspan, die in het najaar van 96 de beurzen “irrational exuberance” aanwreef. Gelijk had hij, maar om gelijk te krijgen moest hij wel nog meer dan drie jaar wachten.
Geert Ruysschaert, aandelenanalist Fortis Bank.
De Standaard Weblog om 18:05 | Link | 1 Reacties | 0 TrackBack
• aandelenmarkten zitten sinds januari gevangen in een zijwaarts kanaal;
• we ketsen af van de bovenkant van dit kanaal (weerstandszone);
• volume ondersteunt de huidige rally niet;
• aandelenmarkten staan klaar voor een correctie.
De Standaard Weblog om 15:38 | Link | 1 Reacties | 0 TrackBack
• markten zitten sinds januari gevangen in een zijwaarts kanaal;
• we naderen de bovenkant van dit kanaal (weerstandszone);
• volume ondersteunt de huidige rally niet.
Na de zware sell-off in januari, zijn de aandelenmarkten (hier: DJ Euro Stoxx 50 index) terechtgekomen in een zijwaarts kanaal.
Door de huidige rally (sinds midden maart) zijn we niet ver meer verwijderd van de bovenkant van dit kanaal (voor bovenvernoemde index ligt dit op 3825/3900).
Een kritiek moment: breken we hier door (met nog wat meer winsten op korte termijn), of ketsen we af om lagere regionen op te zoeken? Zonder glazen bol zowaar een moeilijke vraag…
Onderstaande grafiek kan ons misschien wat raad geven: een vergelijkende grafiek tussen bovenvernoemde index en de OBV-indicator (een technische indicator die nagaat in hoeverre een trend al dan niet ondersteund wordt door het volume).
Deze indicator (volle lijn op de grafiek) toont een duidelijke ‘loskoppeling’ tussen de koersbewegingen en het volume. Kortom: de rally in de voorbije weken werd niet ondersteund door een toename in het volume. Merk ook op dat deze indicator zich momenteel onder het niveau van januari bevindt. Niet direct een signaal om warm van te worden…
Wat maken we hier nu uit op?
De aandelenmarkten hebben recent een mooie rally gezien en naderen de bovenzijde van hun zijwaarts kanaal. Rekening houdend met het volume in de voorbije weken, bestaat er een verhoogde kans dat deze rally nagenoeg voorbij is en dat we de komende weken geconfronteerd kunnen worden met dalende aandelenmarkten. Het wordt dan uitijken naar de laagtepunten van dit jaar, en of deze al dan niet standhouden.
Bestaat er dan echt geen kans op een verdere stijging?
Toch wel… op voorwaarde dat de aandelenmarkten een sterk signaal geven door de bovenzijde van hun zijwaarts kanaal uit te nemen. De kans dat dit laatste scenario zich doorzet, lijkt me eerder klein…
Stephan Debruyne, Technical Analyst Equities, Fortis Global Markets
De Standaard Weblog om 12:58 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
De aanhoudende verzwakking van de Amerikaanse dollar tegenover de euro sinds 2002 werpt twijfels op de toekomstige rol van het groene biljet als leidende wereldmunt. Op korte termijn behoort een herstel van de USD zeker tot de mogelijkheden, maar op lange termijn zien we weinig elementen die een einde kunnen maken aan de val van de USD. Van wereldleider naar wereldlijder? Het ziet er naar uit.
De Standaard Weblog om 20:09 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
Door de escalatie van de kredietcrisis is het wantrouwen van de markt en tussen de financiële spelers onderling torenhoog opgelopen. Dit vertaalt zich in een nooit geziene risicoaversie die de waardering van heel wat kredietgerelateerde instrumenten (zoals obligaties) sterk bemoeilijkt of vertekent, en naar beneden haalt (vooral bij perpetuals). In afwachting van een normalisatie van de marktomstandigheden is het daarom aangeraden zich niet te laten verleiden tot een paniekreactie.
De Standaard Weblog om 16:39 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
Gegeven de hoge volatiliteit gaan beleggers bij de samenstelling van hun obligatieportefeuille meer en meer op zoek naar munten van landen die stevige economische fundamentals kunnen voorleggen, eerder dan te opteren voor de munten die de hoogste rente bieden. De Noorse kroon past uitstekend in dit plaatje en vormt dan ook een mooie opportuniteit.
De eeuwige afweging tussen risico en rendement
Onderstaand staafdiagram geeft u een overzicht van de wisselkoersevolutie van verschillende deviezen tegenover de euro sinds begin dit jaar. Het valt meteen op dat de verliezen bij enkele munten in een tijdsspanne van amper drie maand al zeer hoog oplopen. Vooral de IJslandse kroon, de Zuid-Afrikaanse rand en de Turkse lira werden hard getroffen.
Dit heeft uiteraard alles te maken met de kredietcrisis en de forse economische verzwakking in de VS, die er voor zorgt dat beleggers het risico meer en meer schuwen en hun portefeuilles herschikken richting defensiever waarden. Hierbij werden de meer risicovolle posities (zoals hoogrentende munten) afgebouwd, onder andere ten voordele van veiliger staatsobligaties in voornamelijk euro en dollar.

De beleggers leggen in hun zoektocht naar investeringsopportuniteiten momenteel meer nadruk op de beheersing van het risico, en zijn in ruil voor een defensiever profiel bereid een lager rendement te aanvaarden.
De tweede figuur geeft een beeld van de geboden rendementen (op 5 jaar) in de verschillende vreemde munten. De Noorse kroon bevindt zich net als bij de eerste figuur in de middenmoot, maar biedt wel een hoger rendement dan in de eurozone. 
Rentevoordeel tov de eurozone
Bovendien verwachten we dat dit rentevoordeel tov de eurozone in de komende maanden nog kan toenemen. ECB-voorzitter Trichet zit momenteel gevangen tussen een economische groei die langzaam maar zeker vertraagt enerzijds, en een forse stijging van de consumentenprijzen anderzijds. Dit staat een verlaging van de centralebankrente voorlopig in de weg. We verwachten dat de inflatoire druk vanaf de tweede jaarhelft langzaam kan afnemen door een stabilisatie van de fel gestegen energie- en voedingsprijzen, en een dalende mondiale vraag ten gevolge van de lagere economische groei. Dit zal de inflatie temperen, en de ECB de nodige ruimte geven om de economie te ondersteunen. Een renteverlaging zou bovendien zeer welkom zijn voor de almaar duurder wordende euro die de Europese exporteurs met een concurrentienadeel opzadelt, vooral tegenover hun Amerikaanse concurrenten.
Terwijl Trichet het richttarief in de eurozone al ruim 9 maanden op 4% houdt, werd de rente in de Noorwegen gestaag opgetrokken, zoals u kunt zien in onderstaande figuur.
Vooral in Noorwegen verwachten we een verdere stijging van de rente. De kerninflatie kwam in februari uit op 2,2% en nadert daarmee de doelstelling van 2,5% die de centrale bank op middellange termijn vooropstelt. Onder andere door de bijzonder stevige groei en de krappe arbeidsmarkt (momenteel is het aantal openstaande vacatures maar liefst dubbel zo groot als het aantal werklozen), wordt verwacht dat de inflatoire druk nog fors kan toenemen. We kunnen er dan ook van uitgaan dat de Noorse centrale bank haar richttarief verder zal optrekken.
De Noorse economie groeide vorig jaar met maar liefst 6%. Dit is ruim dubbel zo snel als in de eurozone. De binnenlandse consumptie en de forse investeringen in de olie- en gassector zijn de drijvende factoren achter deze economische knalprestatie. Noorwegen geniet als vijfde olie-exporteur ter wereld van de fel gestegen energieprijzen. De massale olie-inkomsten zorgden vorig jaar voor een overschot op de lopende rekening van 15,4% (van het BBP).
Ook op langere termijn worden de zaken aangepakt. Om de vergrijzing van zijn bevolking op te vangen besloot de Noorse regering om een groot deel van de olie-inkomsten te investeren in het ‘Government Pension Fund’. Dit fonds is ondertussen uitgegroeid tot één van de grootste pensioenfondsen ter wereld en vormt door zijn zeer internationale spreiding een gedeeltelijke indekking tegen de volatiele olieprijs.
Gegeven deze elementen zijn we optimistisch dat de Noorse economie haar mooie groeitempo ook in de komende jaren zal kunnen aanhouden. Samen met een verdere verhoging van de rente kan dit leiden tot een appreciatie van de Noorse kroon.
Conclusie
Extremen worden momenteel gemeden. De NOK biedt een aantrekkelijk rendement dat hoger ligt dan in de eurozone en heeft bovendien, gezien de stevige economische fundamenten, het potentieel om verder te appreciëren tegenover de euro. (Kristof Wauters, Fortis Global Markets).
Kristof Wauters, Fixed Income & Forex Analyst, Fortis
De Standaard Weblog om 17:57 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
• succesvolle test van het laagtepunt op 22 januari;
• technische indicatoren vertonen positieve divergenties en wijzen op enige sterke op korte termijn;
• steunniveaus moeten standhouden om rally staande te houden
EUROPA (DJ Euro Stoxx 50 Index)
De Euro Stoxx 50-index is er in geslaagd stand te houden boven zijn steunniveau op 3530. De technische indicatoren RSI & MACD vertonen een positieve divergentie (hogere bodem bij de huidige correctie), waardoor we een rally op korte termijn richting 3700 of zelfs 3900 mogen verwachten.
Het steunniveau op 3530 moet echter standhouden om deze positieve visie op korte termijn aan te houden. Slagen we daar niet in, dan zijn bijkomende verliezen niet uit te sluiten.
USA (S&P500 Index)
De S&P500-index is er in geslaagd stand te houden boven zijn steunniveau op 1275. De technische indicatoren RSI & MACD vertonen een positieve divergentie (hogere bodem bij de huidige correctie), waardoor we een rally op korte termijn richting 1395 of zelfs 1410 mogen verwachten.
Het steunniveau op 1275 moet echter standhouden om deze positieve visie op korte termijn aan te houden. Slagen we daar niet in, dan zijn bijkomende verliezen niet uit te sluiten.
Stephan Debruyne
Technical Analyst Equities
Fortis Global Markets
De Standaard Weblog om 10:45 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
Na de zware afstraffing in januari is de DJ Stoxx 600-index in een zijwaarts kanaal 311.5 – 331.5 terechtgekomen. De aandelenindex heeft heel wat moeilijkheden om richting te kiezen in huidige moeilijke omstandigheden.
We zien spijtig genoeg een aantal negatieve factoren de kop opsteken: er is een belangrijk weerstandsniveau op 324 (en het volgend niveau op 331.5 ligt kortbij); de niveaus van het zijwaarts kanaal zijn belangrijke Fibonacci-niveaus die voor de nodige strubbelingen zorgen; het volume is de laatste weken eigenlijk wel vrij pover te noemen.
Voldoende argumenten met andere woorden om vast te kunnen stellen dat de komende periode zeer volatiel zal blijven en meer neerwaartse druk te verwachten valt. Het dieptepunt van 22 januari zal een belangrijke test zijn voor de Europese aandelenmarkten…
Enkel een duidelijke remonte boven 331.5 zou een einde kunnen maken aan dit negatief scenario, en zou de index hoger kunnen tillen richting 348.
Technical Analyst Equities,
Fortis Global Markets
De Standaard Weblog om 16:47 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
Januari zit erop. Voor de beurzen is 2008 op een vrij desastreuze wijze begonnen. U kan dezer dagen geen krant openslaan of u leest hoeveel miljarden “in rook zijn opgegaan”. Vraag is natuurlijk wat we daarmee bedoelen.
Trekken we even een parallel met de woningmarkt. Als uw huis in waarde daalt, betekent dat niet dat het krimpt. Neen, u hebt er nog evenveel plezier van als tevoren, alleen, mocht u het verkopen, dan zult u er minder voor krijgen dan voorheen. Slecht nieuws voor u, goed nieuws voor de potentiële koper. Die krijgt meer waar voor zijn geld.
Met aandelen is het net zo. Onze ondernemingen zijn in het overgrote deel van gevallen nog net hetzelfde als een maand geleden, maar men is niet meer bereid er evenveel voor te betalen. En dat doet pijn. Waarom? Aan uw huis beleeft u elke dag plezier omdat het u sowieso een stuk comfort geeft, uw aandelen daarentegen staan daar maar gewoon op uw effectenrekening, u kunt ze niet eten, ruiken, knuffelen, over het bolletje aaien, u kunt er niet mee voetballen, ze geven u geen enkele vreugde tenzij ze stijgen of een dividend uitbetalen. Het eerste doen ze niet en voor het tweede is het veelal nog te vroeg.
Wij begrijpen uw frustratie. Toch zouden we u afraden uw aandelenportefeuille onverwijld door het venster te kieperen. Zoals we eerder reeds stelden, als de prijzen dalen, is dat een goed zaak voor de koper, niet voor de verkoper. Tenzij u degelijke aanwijzingen hebt dat het onderliggende bedrijf u effectief niet meer hetzelfde biedt als voorheen.
En waar hebben we het dan over? Ten eerste willen we dat het bedrijf voldoende gezond is om zonder problemen zijn betalingsverplichtingen na te komen. Ten tweede dient zijn winstgevendheid zijn huidige prijs meer dan te rechtvaardigen. Die winstgevendheid bekijkt men best vanop een wat langere termijn, anders belegt men enkel volgens de waan van de dag, wat zelden geld opbrengt.
Screent u uw portefeuille vandaag de dag volgens deze twee criteria, dan zult u vaststellen dat er verbazend weinig verkocht moet worden. Toch spreken we van een crisis. Dat heeft vooral te vooral maken met de veranderde context, en de perceptie van die context. Ja, de Verenigde Staten zijn een recessie nabij of zitten er misschien al middenin. Ja, dat zal ook elders in de wereld voelbaar zijn. Ja, de gemiddelde winstprognoses voor 2008 van het analistenheir zijn o.i. nog steeds te optimistisch.
Maar – en dat is het goede nieuws - de huidige waarderingen van de beurzen bevatten veelal een voldoende buffer om een neerwaartse herziening van deze winstprognoses op te vangen. Bovendien is het zo dat de monetaire overheden niet blind zijn voor de ons omringende risico’s. Met zijn drastische renteverlagingen wil Bernanke de nakende recessie verdrinken in een dikke saus van goedkoop geld. ECB-voorzitter Trichet heeft voorlopig teveel last van het inflatiespook om eenzelfde scenario te volgen.
Niettemin schrikt ook hij er niet voor terug (cfr de kapitaaloperaties rond kerstmis) om de geldkraan van tijd tot tijd stevig open te draaien om haperingen in de kredietverstrekking – een onrechtstreeks gevolg van de Amerikaanse hypotheekcrisis – op te vangen. Die Amerikaanse hypotheekcrisis is – zoals u genoegzaam weet – de bron van alle kwaad. Neemt niet weg dat de Amerikaanse markten het momenteel (zelfs inclusief het dollarverlies) minder slecht doen dan de Europese.
En dan is er de perceptie. De vierdekwartaalresultaten van de S&P 500 bedrijven laten momenteel een winstdaling zien van 30%. Vreselijk. Lichten we evenwel de financiële sector eruit, dan houden we een gemiddelde winststijging over van –jawel- 17,3%. Banken en verzekeraars zijn inderdaad nog steeds kop van Jut. Al moet u toch een beetje oppassen met die barslechte kwartaalrapportjes.
Nogal wat banken en verzekeraars opteren ervoor zoveel mogelijk slecht nieuws op het vierde kwartaal af te schuiven. Temeer daar hun aandelenkoers aanduidt dat Mister Market toch alleen maar slecht nieuws van hen verwacht. Ze beogen zo een stuk onzekerheid uit de markt te nemen en 2008 met een schone lei te beginnen. Deze betrachting wordt momenteel evenwel overschaduwd door de problemen bij de Amerikaanse kredietverzekeraars, die – mochten ze ontaarden - een nieuwe rondje waardeverminderingen in de bank- en verzekeringssector op gang zouden kunnen brengen.
Dit risico, in combinatie met de overwegend zwakke kwartaalrapporten, verklaart voor een belangrijk stuk de onwaarschijnlijke volatiliteit van de markt op dit ogenblik.
Vorige week zagen we zelfs in de loop van een sessie fatsoenlijke indices 8% en meer op en neer dansen. Die volatiliteit hoeft niet altijd een nadeel te zijn voor de belegger. Deze week donderdag bijvoorbeeld stonden de markten door de problemen bij kredietverzekeraar MBIA de hele dag in verlies. Tot de topman van het bedrijf in kwestie enkele sussende woorden sprak en Wall Street op enkele uren tijd meer dan 3% hoger ging.
Uw beursposities verkopen en het geld op een spaarrekening zetten, het kan. Maar het zal u maar overkomen ’s morgens te verkopen om s’avonds vast te stellen dat de beurs die dag meer heeft opgebracht dan een spaarrekening op een heel jaar. De kernvraag blijft: welke plaats mogen krachtens uw risicoprofiel volatiele aandelen in uw portefeuille bekleden. Hebt u die vraag voor uzelf opgelost, dan hoeven de bokkensprongen van Mister Market u niet meer dan nodig te beroeren.
|
|
Price |
% Change 1 Month |
|
Bel 20 Bench (BE) |
3,722.2 |
-9.8% |
|
AEX Bench (NL) |
441.3 |
-14.4% |
|
CAC 40 Bench (FR) |
4,869.8 |
-13.3% |
|
DAX Perf (DE) |
6,851.8 |
-15.1% |
|
DJ Stoxx 50 Bench |
3,240.8 |
-12.0% |
|
S&P 500 Full Share Bench (US) |
1,376.7 |
-6.2% |
|
Dow Jones Industrial Average Bench (US) |
12,650.4 |
-4.8% |
|
NASDAQ Composite Bench (US) |
2,389.9 |
-9.9% |
|
TOPIX 100 Bench (JP) (as of June 2005) |
983.4 |
-9.0% |
|
FTSE 100 Full Share Bench (GB) |
5,880.4 |
-8.9% |
Geert Ruysschaert, aandelenanalist Fortis Bank.
De Standaard Weblog om 13:11 | Link | 4 Reacties | 0 TrackBack