De onbekende soldaat

Zoals in mijn andere berichten reeds verschillende keren vermeld is, ervaren we Zuid-Afrika vooral als een land van extremen.

Dit is een overpeinzing van mijn vrouw naar aanleiding van een tafereel dat ze aanschouwde op de spoedgevallendienst in Kalafong Hospital, een staatshospitaal in Pretoria.

 

De onbekende soldaat  (Opgedragen aan alle slachtoffers van de apathie)

 

Daar ligt hij… De gewonde soldaat: geen strijd omwille van vaderlandse belangen, maar de dagelijkse strijd om te overleven.

 

Ooit het toonbeeld van viriliteit, nu platgeslagen door een inner- en intermenselijke kracht. Boven zijn linkeroog een open wonde, zijn rastakapsel doordrenkt met bloed. Zijn stevige armen zijn een getuige van de sterke man die hij ooit was. Zijn borstkast, zijn billen: een donkere god. Zijn slappe penis, een sonde draineert het bloed. Het staat als een paal boven water dat hij ooit een adonis was. Had hij safe sex? Is zijn status positief? Het doet er allemaal niet meer toe…

 

Het is acht uur ’s ochtends. Ademen doet hij nog zelf. Maar wat er die nacht gebeurde, heeft gevolgen van levensbelang. Het ademen gaat moeilijk en snel. In zijn hoofd is er duidelijk meer aan de hand dan de wonde boven zijn oog doet vermoeden.

 

Een dokter staat te roepen tegen de verpleging. Het is niet zijn probleem dat deze patiënt moeite heeft met ademen. Hij heeft niets te maken met problemen in zijn hoofd. Ze zoeken het zelf maar uit.

Hij blijft alleen. Geen dokter die de verantwoordelijkheid over hem wilt nemen, geen vrienden of familie die bezorgd om hem zijn.  

 

Het is vier uur ’s namiddags. Ademen is een groot probleem geworden. Uiteindelijk heeft een dokter zijn lot ter harte genomen en nu wordt hij beademd door een machine. Maar het blijft moeilijk. Je hoort hem vechten tegen de beademingsmachine. Zijn laatste strijd…

 

En alle middelen worden ingezet om deze strijd te winnen. Zijn hart pompt dubbel zo hard als normaal, hij ademt alsof de laatste eindspurt is ingezet.

En hij is nog steeds alleen. Geen supporters aan de zijlijn. Alleen een bewakingsalarm zingt zijn monotone aria als er een probleem machinaal gedetecteerd wordt. Maar er is geen publiek in de zaal om naar de aria te luisteren.

 

Het is acht uur ’s avonds. Hij kan niet meer. Een hartstilstand. Hartmassage, adrenaline. Zijn hart komt weer bij. Maar zijn hersenen zijn er verder door beschadigd. Hij begint abnormale bewegingen uit te voeren, al vechtend tegen de beademingsmachine. De laatste rechte lijn naar de finaliteit, wat het ook moge weze…

 

Helemaal alleen. Niemand houdt zijn hand vast. Niemand staat hem bij. En dit voor een andere twaalf uur.

 

Ik ben getroffen door de eenzaamheid in zijn lijden. Ik wil hem bijstaan, ik wil zijn hand vasthouden. Maar ik kan niet. Ik heb andere verplichtingen, ook van levensbelang…

 

Hij is een slachtoffer, een oorlogsslachtoffer. Maakt niet uit of hij aan de goede of de slechte kant stond. Hij vocht om te overleven, maar dit vechten werd hem fataal. Hij werd waarschijnlijk geboren in armoedige omstandigheden, probeerde zijn eigen weg te vinden, en vocht. Vocht voor idealen, vocht voor een beter leven, met de capaciteiten en inzichten die hij had,  maar dat leven haalde hem in. Was hij schuldig voor de fatale vechtpartij? Waren zijn tegenstanders schuldig? Heeft een harde, apathische samenleving hen niet tot deze absurditeit gedreven? Zijn zijn tegenstanders dan medestanders geworden?

 

Hij moest het alleen doen. Hij verdiende dit niet.

Ik huil om hem, rouw om hem. Leg rode rozen op zijn fictieve graf.

 

Zal er een dag komen dat liefde de apathie verdrijft? Immers, als er alleen maar God is, wat is er dan nog voor de mens?


 

Kings of convenience

Zuid-Afrikanen houden van gemak.

Waarom je voeten verslijten in een winkelstraat - schandalig, er is zeker 100 meter tussen twee winkels! - als je ook tientallen winkels in een shopping mall kan stouwen?? (Elke stad de naam waardig heeft zijn eigen Wijnegem shopping centers)

Waarom 50 meter verder op een lege parking gaan staan, als je na 5 of 10 minuten blokjes rijden vlak voor de winkel kan parkeren??

Petrol attendants - want je eigen tank niet hoeven te vullen is een mensenrecht.

Bag ladies - want je eigen zakje vullen in de supermarkt is erg belastend.

Parkeerwachters - want zonder begeleiding je parkeerplaats uitrijden of zelf je winkelkarretje moeten terugbrengen is mensonterend.

De zoo bezoeken is een erg vermoeiende bezigheid, zeker die belachelijk grote zoo van Pretoria. Al die dieren... al die afstanden. Huur daarom een golfkarretje, zeker als u overgewicht meetorst! Uitgerust met strategische blikjeshouders om uw pilsje in te zetten. Of beter nog: neem de kabelbaan, dan hoeft u die gigantische berg niet op te wandelen om de leeuwen te kunnen zien.

(Discrete snapshot van dikkerds op hun golfkarretje)

IMG_2775

Natuurgebieden... heel mooi om te gaan braaien. Prop dus je 4x4 vol met vlees, bier, kampeerstoelen, je hond, je schoonouders enz., parkeer vlak naast de barbecues en begin aan het festijn! Lach maar een goed met die gekken die het in hun hoofd halen om te gaan wandelen of fietsen. 

Elke rechtgeaarde Zuid-Afrikaan rijdt op het snelle of het middenste rijvak. Aan de kant moeten gaan voor invoegende chauffeurs of vrachtwagens is namelijk te vermoeiend.

Afval sorteren: een overdreven futuristisch en politiek correct idee. Gemakkelijker is: alles - letterlijk ALLES - in één bak te gooien. Bovendien help je zo goedkope, ongeschoolde arbeiders aan een baan: alles achteraf tóch sorteren.

Enzoverder, enzovoorts


 

Bevestiging

(Het relaas van een bevriende Zuid-Afrikaanse kinderarts)

 

Als zoon van een Europese moeder heb ik nooit begrepen waarom ik me hier niet thuis voel. Dat gevoel werd nog sterker toen ik de eerste keer als kind Europa bezocht. Ik voelde het nog scherper aan toen ik na mijn studies geneeskunde in Europa werkte gedurende twee jaar. Daar was ik echt thuis.

 

Toen ik daarna terugkeerde naar Afrika om mijn studies verder te zetten, werd één zaak zonneklaar: Afrika koestert zijn oerkarakter.

 

Dit continent staat synoniem met alles wat wild en dierlijk is; een rode draad die zelfs in de - verwesterde - traditionele opvattingen zichtbaar is.

Sinds ik in de gezondheidszorg werk, vind ik het ethisch - en zelfs moreel - onaanvaardbaar om dagelijks met deze opvattingen te worden geconfronteerd.

Maar omdat ik hier ben opgegroeid en omdat gelatenheid een integraal deel van het leven is (denk maar aan het begrip ‘African time’), zocht ik eerder de fout bij mezelf en sprak ik er nauwelijks over.

 

Het heeft me altijd enorm gefrustreerd, op vele manieren. Het is emotioneel uitputtend en vernietigend voor je zelfbeeld om dagelijks verantwoordelijk te zijn voor mensenlevens en telkens opnieuw vast te stellen dat het ondersteunend personeel dezelfde taak beschouwt als een last, een karwei - vergelijkbaar met de planten in de tuin gieten of het vuilnis buiten zetten. Als er een noodsituatie is zoals een reanimatie en de verpleging die jou zou moeten bijstaan liever thee gaat drinken (het is nu eenmaal tea time…) of liever naar het toilet gaat (een natte broek is niet bevorderlijk om levens te redden), gaan er kostbare seconden verloren - de seconden dat je absoluut verstomd staat van hun prioriteiten.

 

Het is vernietigend om te werken in een systeem waar het motto ‘niet meer voorradig’ eerder de norm is dan de uitzondering… daargelaten dat het eigenlijk nooit zou mogen gebeuren. Wie is hard genoeg om te kiezen tussen het canuleren van een prematuur met een naald die groot genoeg is om zijn hart te doorboren - laat staan een amper zichtbare ader te prikken - of helemaal geen levensbelangrijke testen te doen? Maar wat belangrijker is: waarom zou iemand ooit die keuze moeten maken?

 

Ik wil niet dat iemand denkt dat ik alleen het negatieve zie van de situatie. Ik ben dankbaar voor de vele waardevolle lessen en karakterkwekende ervaringen die ik heb mogen meemaken.


 

Deze afschuwelijke status quo heeft me de gelegenheid gegeven om mijn vaardigheden inzake probleemoplossend - en dus vaak onorthodox - denken te ontwikkelen. Weten wat te doen in een hospitaal heeft ironisch genoeg veel gemeen met weten wat te doen in de wildernis: vitale functies vervullen in een omgeving met beperkte middelen. Het doet je plannen en vooruitdenken, rekening houden met alle mogelijke uitkomsten. Alleen jij bent de ultieme grens tussen een goede afloop en een ramp.

 

Je leert je taken zo organiseren dat je het werk van drie doet. Ik heb geleerd om snel en verantwoordelijk beslissingen te nemen en toch vanaf de eerste keer met precisie taken goed uit te voeren. Tenslotte is er geen tijd te verspillen wanneer je tegelijkertijd alles met niets moet doen.

Afrika is vertrouwd met de dood. Zelfs in die mate dat mensen sterven zonder dat daar vragen bij worden gesteld. Er is geen reden, ze ‘sterven gewoon’. Want dat is nu eenmaal het leven: het eindigt sowieso in de dood.

 

Onder de patiënten is er een cultuur van ontkenning: als je iets negeert, verdwijnt het vanzelf. De traditionele genezer (sangoma) zal je wel genezen. Een matriarchale familie doet er soms maanden over om te beslissen of je eigenlijk wel door een dokter moet worden onderzocht.

 

Een ander typisch aspect van de Afrikaanse ethiek is dat het een patriarchaal systeem is waarin het belang van de gemeenschap voorrang krijgt op dat van het individu. Kinderen hebben geen zeggenschap over hun gezondheid, zelfs tot in hun twintiger jaren. Dat is begrijpelijk als je moet kiezen hoe je je karig inkomen zal spenderen: het voeden van een groot aantal familieleden of één persoon over grote afstand naar het hospitaal vervoeren?

 

Helaas krijgt de dokter hierdoor vaak geen toestemming om belangrijke medische handelingen te stellen. Zeker als het om levensreddende ingrepen gaat die geen financiële gevolgen hebben.   

 

Misschien is een westerse geest wel niet gemaakt om de mysteries van Africa te begrijpen, net zoals Afrikaanse levensstijl weinig gemeen heeft met westerse denkwijzen.

 

Maar eigenlijk spreek ik mezelf tegen als ik dit zeg, want er zijn veel dokters en verpleegsters die met toewijding hun job doen, op een manier die ik kan begrijpen.

Toch word ik droef van het feit dat iemand langzaam gesloopt kan worden door zo’n systeem, erdoor gekraakt wordt en zichzelf uit zelfbescherming eraan onderwerpt.  

 

Maar dit jaar had ik een meevaller: een Belgische uitwisselingsstudente werkte met me samen in het ziekenhuis. Een nog grotere meevaller is dat we dicht bij elkaar wonen en samen pendelen. Deze dagelijkse ritten zijn een verbazingwekkende bron van bevestiging voor mij.

 

Ze is Europees en denkt zoals ik. Ze is kwaad en gefrustreerd over dezelfde zaken als ik, en waarvoor ik bij mezelf de fout zocht. Ze zegt luidop wat ik voor mezelf hield. 

Ik kreeg weer terug moed door de bevestiging van de waarden die ik heb meegekregen tijdens mijn opvoeding. Ik begon mijn werk weer leuk te vinden, al was het maar voor die minuten van en naar het hospitaal.

 

Over enkele maanden krijg ik het voorrecht om een jaar in België te werken. Ik weet dat het niet de utopie zal zijn die ik me erbij voorstel, maar ik zal tenminste niet moeten compenseren voor een falend systeem.

 

Afrika. Hoe meer je het begrijpt, hoe minder je het denkt te vrezen. Die illusie is een gebrek aan respect. Als je er geen respect voor hebt, zal Afrika je verslinden. Het is westerse arrogantie, niet eens optimisme, dat Afrika probeert te doorgronden. Je moet je bewust zijn van je eigen geluk en medelijden hebben met het droeve lot van Afrika, maar het tegelijk respecteren als een gewond dier, wil je het tenminste emotioneel overleven. Het is misschien best dat je het niet probeert te begrijpen, want het is een soort van vreemde religie die genadeloos en als een hongerige vampier aan je geloof knaagt.

 

Je moet Afrika graag zien voor de schoonheid en het mysterie. Want dat heeft het in overvloed.

Om dit alles in context te plaatsen: een vriend in Londen kloeg onlangs over de corruptie in hun parlement. Een parlementslid werd gevraagd om af te treden omdat hij voor £5000 meubels had gekocht voor zijn kantoor. Dat vond ik grappig. Ik zat net voor het tv-nieuws: verkrachting, moord, politieke onrust, banenverlies, stijgende voedselprijzen… en daarnaast een parlementslid wiens Mercedes van 1,2 miljoen rand (ongeveer € 110 000) - betaald met belastingsgeld - op de dag na de aankoop al werd gestolen. Al deze zaken zaten in één nieuwsuitzending. Eén enkele dag.

 

Ik vraag me af of Europeanen wel beseffen wat ze hebben. En het naar waarde schatten. Want weten en appreciëren lijken elkaar uit te sluiten.

 

Maar we moeten de realiteit waarin we leven pas beoordelen als we ze echt hebben beleefd. Je kan alleen weten of een gerecht lekker is als je het hebt gegeten. Dat is het verschil tussen feiten en meningen.

 

Dr. Jaques van Heerden, Juni 2009  

(vertaald naar beste vermogen)


 

De plakband en het mantelpakje

(Uit goede bron vernomen...)

 

Op een koude, donkere winteravond in een staatshospitaal aan de rand van een township in Zuid-Afrika is het druk op de neonatologie-afdeling. Het ligt er vol met zieke babytjes, de ene al wat zieker dan de andere.

 

Dat is dagelijkse kost, maar toch is er een verschil met andere dagen. De opslagruimte is immers maar half gevuld in vergelijking met vroeger. Ondanks het feit dat het nieuwe financiële jaar nog maar onlangs is begonnen, is er niet genoeg geld om alle noodzakelijke uitgaven te bekostigen. Zo zijn de fijne naaldjes, nodig om in de adertjes van de baby’tjes te prikken, al enkele maanden niet meer voorradig.Ook is men is de vorige dag begonnen aan het laatste pak wegwerpbare papieren handdoekjes, onmisbaar voor goede handhygiëne, een must op elke neonatologie-afdeling. De plakband die men gebruikt om ondersteunend materiaal zoals infuzen en endotracheale tubes aan de baby te fixeren, is vervangen door een goedkopere variant. Het plakkend vermogen van deze ‘plak’band is voor discussie vatbaar.

 

22 uur: een alarm, een kindje dat niet meer ademt, de dokter wordt erbij gehaald, een reanimatie volgt…

 

Het kindje komt weer bij, maar heeft symptomen van een infectie. Het heeft nood aan meer intensieve verzorging. Er wordt besloten om het te beademen.

Een buisje wordt in de luchtpijp geplaatst. De ‘plak’band wordt bovengehaald, maar plakt niet… Het buisje verplaatst zich richting uitgang, bijna uit de luchtpijp. Gelukkig heeft de verpleegster een snelle reflex.

 

De dokter wil een andere oplossing voor dit probleem, want hij weet dat er een zwelling van de omringende weefsels kan ontstaan als hij het buisje enkele keren achter elkaar moet herplaatsen. De zwelling kan voor problemen op lange termijn zorgen. Bovendien heeft het kind net een reanimatie achter de rug en wil hij voorkomen dat het nog meer zuurstoftekort krijgt. Het is tenslotte nog maar een baby en de hersenen zijn in volle ontwikkeling en heel gevoelig voor zuurstoftekort.  Dus wordt er geplakt en geplakt en een hele constructie bedacht, maar zonder bevredigend resultaat.

 

Er wordt naar plakband gevraagd op andere diensten, maar overal is men gefrustreerd dat men het met deze niet-plakkende tape moet doen. Men komt zelfs tot de vaststelling dat er in de verloskamer, de plaats waar er statistisch gezien de meeste reanimaties plaatsvinden, helemaal geen plakband te vinden is, zelfs geen niet-plakkende!

 

Uiteindelijk beslist de dokter dat het een medische urgentie is. Met dit materiaal kan hij immers de luchtweg van de baby niet op een veilige manier verzekeren. Hij belt de hoofdgeneesheer van  wacht die men moet raadplegen in geval van crisis. Deze is verbaasd. Hij is niet op de hoogte dat er tegenwoordig gewerkt wordt met niet-plakkende plakband! Hij kan verder ook geen advies geven.

 

Een half uur na dit telefoongesprek komt de hoofdverpleegkundige van wacht op de dienst. Zij is gemakkelijk te herkennen, want twee maanden geleden hebben de hoofdverpleegkundigen een nieuw uniform gekregen. Geen witte broekpakken of schorten, maar een volledig op maat gemaakt mantelpakje in modieus bruin-beige, met bijpassende lila blouse. Stijlvol…

 

Ze is niet blij. De hoofdgeneesheer van wacht heeft haar net gebeld en was boos dat hij om 23u gebeld werd met de mededeling dat de plakband die in het ziekenhuis gebruikt wordt, niet plakt. Hoe durft een dokter van wacht de hoofdgeneesheer van wacht midden in de nacht wakker te bellen om zoiets banaal te bespreken? De dokter legt uit dat het een medische urgentie is, met eventuele ernstige gevolgen voor de baby, en dat hij vindt dat medische problemen tussen diensdoende dokters dient besproken te worden. Helaas kan deze, met voorsprong meest stijlvol geklede vrouw in het hele ziekenhuis, geen hulp bieden.

 

Gelukkig is er uiteindelijk de anesthesist van wacht, die ook regelmatig buizen in de luchtpijpen van patiënten moet plaatsen, die toevallig nog een rolletje ouderwetse goedplakkende plakband op zak heeft en wordt het leven van het zieke kindje veiliggesteld.

Moraal van het verhaal: het lot van arme Zuid-Afrikanen is van ondergeschikt belang, enkele hersencellen meer of minder zullen het verschil niet maken, maar ze kunnen er gelukkig op rekenen dat ze in stijl zullen verzorgd worden!


 

Parkeerwachters

Een van de meest geziene hamburgerjobs hier is die van parkeerwachter. Op elk parkeerterrein - of wat daarvoor moet doorgaan - vind je ze. Ze helpen je bij het parkeren, gebaren van ver waar er een plek vrij is, letten op je auto, brengen je karretje terug naar de winkel... en krijgen daarvoor graag enkele rands toegestoken. Ik heb de neiging om altijd zelf nog te kijken waar ik precies rijd, maar veel Zuid-Afrikanen zijn deze 'luxe' zo gewend, dat ze blindelings op de instructies van de parkeerwachters afgaan.


In veel gevallen is het ronduit irritant. Ik kan namelijk zelf ook nog wel parkeren, dank u, en ik ben zoals de meeste inboorlingen hier ook niet te lui om zelf mijn kar terug te brengen - hoewel ook dat stilaan aanlokkelijk wordt... In sommige gevallen is zo'n parkeerwachter wel welkom; als je b.v. in het centrum van Pretoria je auto op langs de weg parkeert, geeft het toch een geruster gevoel dat er iemand op je auto past.


Parkeerwachters vallen in dezelfde categorie als de mensen die je zakje vullen in de supermarkt (bag ladies), of de degenen die je tank volgooien zodat je je auto niet uit hoeft (petrol attendants): ogenschijnlijk nutteloze jobs, maar voor velen hier: tenminste een job. In het begin wisten we niet wat we zagen, maar nu vinden we het doodnormaal.


Vorige week ondervond ik dat parkeerwachters ook nog andere 'vaardigheden' hebben. Ik was zo dom geweest om mijn autosleutel in de koffer te laten vallen en die dan te sluiten. Een vriendelijke winkelierster had het zien gebeuren en raadde me aan om hulp te vragen aan de parkeerwachters. Die zouden zeker weten hoe ze mijn koffer zonder sleutel konden openen. Voorwaar een geruststellende gedachte! De eerste parkeerwachter die ik tegenkwam kon me zeker helpen, zolang ik maar voor een schroevendraaier zorgde. Dan zou hij het kofferslot er wel uit kloppen. Jammer van de collateral damage, maar ja, da's dan de prijs van je eigen domheid. Gelukkig maakte dezelfde vriendelijke winkelhoudster me erop attent dat er in het nabijgelegen tankstation wel een paar 'specialisten' te vinden waren. 'They do it all the time'. Blijkbaar is 'sleutel in koffer laten liggen en dan dichtdoen' een veel voorkomende stommiteit in het chique winkelcentrum van Groenkloof. Eind goed al goed, een van de specialisten had in een oogwenk de deur geopend met een oude kleerhanger.
Alweer een geruststellende gedachte.
Uit pure dankbaarheid gaf ik hem 50 rand, niet slecht voor drie minuten werk.


 

Verkiesings: stem en wen!

Op 22 april trekt Zuid-Afrika naar de stembus. Om een aantal redenen zijn het historische verkiezingen. Voor het eerst sinds de afschaffing van de apartheid zou deze keer de absolute (2/3) meerderheid van het ANC kunnen worden gebroken. Daarnaast wordt waarschijnlijk de controversiële populist Jacob Zuma president. Die werd vorige week officieel buiten vervolging gesteld voor vermeende corruptie.

Een overzicht van de belangrijkste spelers.

ANC

Het ANC zal hoogstwaarschijnlijk de verkiezingen winnen met een 'gewone' meerderheid. Onder het leiderschap van Jacob Zuma is de partij eerder de links-populistische weg opgegaan. Dit in tegenstelling tot de elitaire technocraat Thabo Mbeki, een neo-liberaal. Of Zuma ook daadwerkelijk zijn beloften aan de armen zal nakomen, is maar zeer de vraag. Hij belooft wel meer ondersteuning aan de armen (b.v. meer uitkeringen) maar er is niet meteen een aanduiding dat hij van de economische lijn van zijn voorganger zal afwijken.
Het kiespubliek van het ANC is doorgaans zwart en laagopgeleid. Toch probeert probeert Zuma het te verbreden: enkele weken geleden was hij in Johannesburg om daar de Afrikanergemeenschap op te vrijen. Hij beweerde dat de Afrikaners de enige echte blanke Zuid-Afrikanen zijn. Wat natuurlijk tot gefronste wenkbrauwen leidde bij de Engelstalige blanken. Ook de hardliners van de Afrikaner Volksparty waren misnoegd, maar dan wegens het "stuitende volksverraad" - Afrikaners die naar een speech van de baarlijke duivel luisteren, stel u voor!
Op dit moment zit het ANC nog in een coalitie met de communistische SACP en de vakbondsunie COSATU, en dat zal waarschijnlijk zo blijven.

Lekota

Wat de Congres of the People (Cope) zal klaarmaken, is zeer de vraag. Deze afsplitsing van het ANC begon veelbelovend, maar lijdt ondertussen aan de typische partijpolitieke problemen: interne strubbelingen, een voorzitter-oprichter (Lekota) die intern niet als presidentskandidaat werd verkozen, een late en onopvallende campagne, overlopers van het ANC die terugkeren naar het ANC...
"Will Cope cope?" is de vraag.

De belangrijkste oppositiepartij is de liberale Democratic Alliance/Demokratiese Alliansie. De DA trekt veel stemmen van blanken, kleurlingen en Indiërs, maar ook een aanzienlijk aandeel van de zwarte stem. De DA heeft enkele sterke punten: vooral uithangbord Helen Zille, de dynamische burgemeester van Kaapstad die de criminaliteit in haar stad drastisch heeft doen dalen. Dat is iets wat het ANC vooralsnog niet klaar heeft gekregen in de grootsteden waar ze aan de macht zijn, zoals Johannesburg, Pretoria of Durban. Zille doet denken aan Hillary Clinton, zowel wat haar uiterlijk betreft als haar vechtlust. Zille
Een ander sterk punt is dat de DA een einde wil maken aan alle positieve discriminatie (BEE, Black Economic Empowerment), iets wat veel weerklank vindt bij blanken maar ook anderen die vinden dat deze politiek contraproductief is geworden.
Een groot nadeel van de DA is dat ze buiten Zille geen echt opvallende figuren in haar rangen telt. Nog een andere contra: de DA wordt vaak gepercipieerd als de partij van de gefrustreerde blanken die voortdurend het vingertje opsteken en alleen maar kritiek leveren.
De kans is groot dat de DA in de Western Cape zal winnen en eventueel in enkele grote steden zoals Pretoria en Johannesburg.

Verder is het politieke landschap erg versnipperd. Kleine partijtjes zoals United Demoratic Movement, Independant Democrats, de Zulu-partij Inkatha Freedom Party enz. zullen niet het verschil maken. Vermeldenswaard is nog het electoraal marginale Freedom Front Plus, een afstammeling van de Nasionale Partij na de apartheid. Deze partij (ook VF+ genoemd, Vrijheidsfront+), geleid door Piet Mulder, wil de waarden van de conservatief-christelijke Afrikaners verdedigen en voert dus campagne met slogans als "Te wit vir 'n werk? Stem FF+!". Graag willen ze een officieel erkend thuisland voor Afrikaners, "Orania". Utopia zou een betere benaming zijn.

Mulder

De laatst bijgekomen verkiezingsaffiches in onze wijk zijn die van de Afrikaner Volksparty, een radicaal minipartijtje dat Afrikaners oproept om gewoonweg niet te stemmen. Waarom is me niet duidelijk. Misschien omdat ze te laat waren om zich als partij voor de verkiezingen te registreren?


 

Proud to BEE South African!

Moeilijke werkomstandigheden. Dat is wel het minste wat je kan zeggen over werken in een overheidshospitaal in Zuid-Afrika. Materiaal dat niet werkt, verpleging die geen moer om de patiënten geeft, patiënten die veel te laat naar het ziekenhuis komen, … Het zijn maar enkele voorbeelden van obstakels die een dokter hier moet overwinnen vooraleer hij nog maar begint om zijn patiënt beter te maken.

 

Om het plaatje compleet te maken, heeft het BEE-system (Black Economic Empowerment) er voor gezorgd dat een aantal incompetente dokters strategische plaatsen innemen in de hele gezondheidszorg. Deze ‘hoogopgeleide’ mensen beslissen zelf of ze al dan niet komen opdagen (pech voor de collega’s), ongeacht of het een gewone werkdag is of een weekenddag met wachtdienst (nog meer pech voor de collega’s die er al 24 u werken hebben opzitten: laten ze de patiënt achter zonder dokter of gaan ze verder op automatisch piloot? Een automatische piloot die over mensenlevens moet beslissen…). Ze lopen weg van kritiek zieke patiënten als ze de situatie niet aankunnen. Dan hebben ze al herkend dat de patiënt kritisch ziek is: een verdienste op zich! Vermits ze al jaren in het systeem zitten, vinden ze zichzelf ervaren en zijn wetenschappelijk gefundeerde opmerkingen van jongere collega’s een persoonlijke aanval die met de zwaarste artillerie moet worden afgeschoten. Discussie is voor deze ‘hoogopgeleide’ en dus ‘kritische’ mensen niet nodig.

 

Het feit dat ze al jaren meedraaien in het systeem, is eigenlijk de kern van het probleem. In een maatschappij waar kwaliteit op de eerste plaats komt, waren deze ‘gevaren voor de mensheid’ al lang aan de kant geschoven. Maar ze zijn zwart en dus jaren onderdrukt door de apartheid en hebben daardoor een vrijgeleide gekregen om te doen wat ze willen. Huidskleur komt boven alles, inlusief deontologie en ethiek. Dat patiënten sterven door hun gedrag, is hier ondergeschikt aan. De indruk wordt gewekt dat een zwarte huidskleur beschermt tegen juridische vervolging.

 

Het gevolg is dat er een sfeer van omgekeerde apartheid wordt gecreëerd. Als blanke man heb je de minste kans om aan een goede job te geraken, als zwarte vrouw de meeste. Een blanke man gaat dus uiterst zijn best doen om zich te bewijzen, terwijl de zwarte vrouw weet dat ze toch de job krijgt en dit eindigt soms in excessen van extreme onverschilligheid en arrogantie. In deze context is de uittocht van blanke Zuid-Afrikanen ook te begrijpen: in Australïë zijn er ondertussen gemeenschappen met 60 000 uitgeweken Zuid-Afrikanen.

 

Gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel: er zijn ook fantastische zwarte dokters en verpleging die dagelijks het verschil proberen te maken en hoop doet leven…

 

Dit bericht is geenszins een klacht tegen het hele zwarte medische korps in Zuid-Afrika, maar een schets van de dagelijkse trieste realiteit. De apartheid was een nazistisch geïnspireerd en verwerpelijk regime, maar of het tegenantwoord beter is voor de levenskwaliteit van de doorsnee Zuid-Afrikaan is nog maar de vraag…


 

JZ is free

Na acht jaar juridische strijd en - how convenient - twee weken voor de nationale verkiezingen heeft de National Prosecuting Authority (het parket, zeg maar) besloten om Jacob Zuma, leider van het ANC en presidentskandidaat, niet verder te vervolgen.

Hij werd beschuldigd van corruptie, witwassing en afpersing in het kader van een beruchte wapentransactie in de jaren '90 - gekend als de 'Arms deal'.


De reden waarom de vervolging wordt gestaakt: Leonard McCarthy, voormalig hoofd van het Directorate of Special Operations - een ondertussen opgeheven elitepolitiedienst - heeft misbruik gemaakt van zijn macht om Zuma te beschadigen. Dit zou in opdracht zijn gebeurd van Thabo Mbeki, voormalig president en Zuma's politiek aartsrivaal, maar dat is niet bewezen.


Pijnlijk is dat de NPA noch het gerecht zich nu over de grond van zaak hebben uitgesproken: heeft Zuma nu wel of niet illegale feiten gepleegd? In het geval van zijn voormalig raadgever, Schabir Schaik, ging de rechtsgang opvallend sneller; hij werd tot 15 jaar veroordeeld voor dezelfde feiten.

Toch zei de NPA al dat de kans dat ze Zuma nog opnieuw gaan vervolgen onbestaande is. Volgens hen is de rechtsgang al teveel "besmeurd" om nog tot een eerlijk proces te komen. Het hoeft niet gezegd te worden dat ANC- en Zuma-aanhangers juichen en dat zijn tegenstanders er zeker van zijn dat de manipulatie van het ANC eindelijk zijn doel heeft bereikt.


Zuid-Afrika zat tot vandaag in een Catch 22-situatie: als Zuma werd vrijgesteld van vervolging, zouden velen zich grote zorgen gaan maken over de normale werking van de democratische instellingen zoals parket en gerecht. Het is immers zo goed als zeker dat Zuma vanaf eind april president wordt, en wie wil er nu een president van twijfelachtig allooi?

De corruptiezaak is niet het enige smet op zijn blazoen: hij werd enkele jaren geleden beschuldigd van verkrachting, maar vrijgesproken omdat het niet bewezen kon worden dat de vrouw (HIV-positief trouwens) niet had ingestemd. De vrouw was nogal labiel van geest. Hij was toen nochtans al getrouwd met vier van zijn huidige vijf vrouwen. Zaken die wenkbrauwen doen fronsen in een land dat als geen ander geteisterd wordt door HIV/aids.


Anderzijds zou een verdere vervolging van Zuma politieke instabiliteit en mogelijk geweld hebben betekend. Het MK, de gewapende arm van het ANC, deed hierover al forse uitspraken. Ook zijn bepaalde Zuma-aanhangers - veel armen en laaggeschoolden - nu niet meteen vies van intimidatie of meer om hun idool te steunen. Zij zien deze hele rechtszaak als een groots opgezette operatie van Mbeki en consoorten om hun held van het politieke toneel te krijgen.


Het was dus een keuze tussen twee kwaden, tussen afglijden richting bananenrepubliek of politieke instabiliteit en mogelijk geweld. Vandaag is die keuze gemaakt.


Wie geïnteresseerd is in de details: de Mail and Guardian is doorgaans goed op de hoogte.

http://www.mg.co.za/section/national


 

Hou het simpel, praat Afrikaans!

Afrikaans is een maf taaltje dat zoals bekend een dochtertaal is van het Nederlands. Vanaf de zeventiende eeuw is het Kaapse Nederlands een eigen leven gaan leiden, en werd het beïnvloed door de talen van slaven en inheemse volkeren. Ook werd het vereenvoudigd, zodat het makkelijk aan te leren was.


Dat heeft zo zijn voordelen. Afrikaans-sprekenden hebben geen last van moeilijke dt-regels, vervoegingen, sterke werkwoorden, twijfel tussen c en k enz. De tegenwoordige en verleden tijd van een werkwoord hebben maar één vorm b.v. ek doen, jy doen, hy doen, ons doen, hulle doen, ek het gedoen, sy het gedoen enz. Net als sommige Limburgers laten ze de t aan het einde van een woord wegvallen: 'n produk, de pos, polisiediens, sleg ... Meervouden zijn meestal met een simpele s of e: verkiesings, mans, vroue, boers, berge,...


Veel woorden klinken voor ons erg grappig (omgekeerd geldt dit ook!): sielkundige (psycholoog), rekenaar (computer), boomslopings (bomen vellen), moltrein (metro), deurpad (snelweg), pletterpet (veiligheidshelm), blikkieskos (conserven), suurlemoen (citroen), skelmpie (buitenechtelijk vriendinnetje), snijdokter (chirurg), dwelms (drugs), kameelperd (giraffe), hyser of hysbak (lift), warmpatat (vervelend probleem), padvark of padbuffel (wegpiraat), spoedvervolging (snelheidscontrole), bedorwe brokkie (verwend kind), loerpypie (verrekijker), seekoei (nijlpaard), bobbejaan (baviaan), paddavissie (kikkervisje), indringerbos (niet-inheemse boomsoort), drukkie (knuffel),... en zo kunnen we nog een paar dagen doorgaan. Sommige van die woorden worden door alle Zuid-Afrikanen gebruikt, zoals bakkie (pick-up), kak (klote, bullshit), voetsek! (bol het af!), vrot (rot, slecht), braai (barbecue), ja (met doffe a)...


De culturele betekenis van Afrikaans is beladen. Onder de Apartheid werd ze op een bepaald moment verplicht opgenomen in het leerpakket van scholen, zelfs in het zwarte onderwijs. Daarom heeft ze bij veel mensen een nogal negatieve bijklank. Veel zwarten in Pretoria kennen Afrikaans omdat ze het ooit hebben moeten leren, maar weigeren om het nog te spreken. Niet allemaal natuurlijk; onze zwarte tuinman Piet kent b.v. beter Afrikaans dan Engels.
In de West-Kaap is de taal minder beladen dan hier omdat ze daar al het langste wordt gesproken en omdat zowat alle kleurlingen (die veelal in de Kaapprovincie wonen) Afrikaans als moedertaal hebben. Pretoria daarentegen was de hoofdstad van de Apartheid dus is het niet verwonderlijk dat velen hier Afrikaans nog altijd als taal van de Apartheid en blanke racisten beschouwen.


De taal staat enigszins onder druk. De jeugd van tegenwoordig mengt vaak Afrikaans met Engels, ze schakelen voortdurend over van de ene naar de andere taal. Tot ergernis van de puristen natuurlijk. Daarom dat er hier ook t-shirts te koop zijn met opschriften als 'Praat Afrikaans of hou jou bek!'.


Voor een Afrikaans taalbad kan ik de website ('webwerf') van Beeld aanraden, de belangrijkste krant in het Afrikaans.


 

Julius Malema, the man you love to hate

Sinds enige tijd kennen we in Zuid-Afrika een merkwaardig politiek verschijnsel: Julius Malema, leider van de ANC-jeugdliga (ANCYL). Malema een ongeleid projectiel noemen, is een eufemisme. Hij is gekend om zijn op zijn zachtst gezegd controversiële uitspraken over alles en iedereen die zijn partij of zijn grote voorbeeld Jacob Zuma durven te bekritiseren.


Een bloemlezing uit 's mans fijnste werken:

- hij beweerde de wapens te zullen opnemen als Jacob Zuma effectief wordt veroordeeld voor corruptie. Hij is bereid te "moorden" voor Zuma (juni 2008).

- hij omschrijft de leden van COPE (de recente afsplitsing van ANC) als "kakkerlakken, honden en slangen" die moeten "vernietigd" worden (december 2008). Later zegt hij dat dit maar "symbolisch" is bedoeld.

- hij stelt dat de vrouw die Zuma beschuldigde van verkrachting (waarvoor hij werd vrijgesproken) een "nice time" had gehad. Waarom zou ze anders blijven voor het ontbijt en geld voor een taxi vragen? (januari 2009).

- hij noemt Helen Zille, blanke leidster van de Democratic Alliance "racistisch, kolonialistisch en imperialistisch" (februari). Het was hem blijkbaar ontgaan dat Zille, gewaardeerd burgemeester van Kaapstad, jarenlang anti-apartheidsactiviste was en dat vele van haar partijleden kleurlingen en zwarten zijn. Zille riposteerde door Malema een "inkwenkwe" te noemen, een onbesneden en dus onvolwassen jongen. In de Pedi-cultuur een stevige belediging

- hij vindt de ANC-minister van onderwijs maar een snobistische madam met een fake Amerikaans accent (februari). Die woorden mocht hij meteen inslikken.


Het hoeft dus niet te verbazen dat Malema een fenomeen is. Geliefd als stormram-zonder-vrees bij jonge ANC-leden, en veracht en bespot door tegenstanders en politieke commentatoren. Zo zijn zijn schoolcijfers (gebuisd over de hele lijn in het middelbaar) een geliefkoosde verklaring voor zijn ondoordachte uitspraken. Onlangs werd aan luisteraars van 702 Talk Radio gevraagd om de betekenis van "een Malema" te bepalen. De resultaten waren niet mals. De ene vond dat Malema een synoniem moet worden voor een vuvusela ("een luide en vervelende voetbaltoeter"), de andere hield het droogweg op "a bag of dog vomit".


Hoe ernstig moet je zo iemand nu nemen? Moeilijk te zeggen. De ene neemt hem niet serieus en beschouwt hem als een gewiekste aandachttrekker. Anderen zien hem als hét symptoom van de verruwing der politieke zeden - vooral dan die van het ANC. De toekomst zal uitwijzen wie gelijk heeft.


Malema   


 

In samenwerking met


Schrijf mee

Woont u in het buitenland? Wil u ook meeschrijven aan En Nu Even Elders? Stuur een e-mail naar weblog@standaard.be



Zoeken op deze blog