Rota Comando

Deze week werd de nieuwe onafhankelijke film van Elias Junior uitgebracht. De prent “Rota Comando” is enkel verkrijgbaar op DVD en zal voorlopig niet te zien zijn in de bioscopen van Brazilië. Rota Comando is gebaseerd op het boek “Matar e Morrer” (Doden en Sterven) van Conte Lopes (ex-kapitein van de ROTA). Namen werden vervangen en nieuwe personages werden gecreëerd om de betrokkenen van het verhaal te vrijwaren. De film is wel degelijk gebaseerd op waargebeurde feiten, de dagelijkse routine weergevend van ROTA (Rondas Ostensivas Tobias de Aguiar, de elite eenheid van de politie van São Paulo). In zekere zin kan gesproken worden van de “Tropa de Elite” van São Paulo, ook al is de realiteit van deze grootste Zuid-Amerikaanse metropool verschillend van die van Rio de Janeiro. Elias Junior zegt dat hij gebruik maakte van getuigenissen van voormalige leden van de elite eenheid die hem alle details gaven over de doctrine en de mythe van de ROTA, ook dat het idee voor de film al bestond voordat Tropa de Elite werd uitgebracht. Het budget voor Rota Comando, een uitgesproken actiefilm, was erg laag: met name R$ 500.000 (182.000 euro; Tropa de Elite zou meer dan R$ 10,5 miljoen gekost hebben). In totaal werkten ongeveer 150 acteurs mee aan de film, allemaal onbekenden die tevreden waren met een kleine vergoeding voor hun onkosten. Het verhaal is vrij eenvoudig en gaat over drie criminelen die terreur veroorzaken in São Paulo en daar tenslotte zwaar moeten voor boeten. De scènes zijn bepaald realistisch en gewelddadig, zeker niet geschikt voor gevoelige kijkers. Anderzijds moet de dagelijkse realiteit van São Paulo soms weinig of niets onderdoen voor de beelden uit de film.

De trailer van Rota Comando


 

FLEXibiliteit

Rijdt u met benzine of diesel, en wat is beter voor het milieu? Voor de Brazilianen is dat simpel, zij rijden "Flex". Diesel is voor vrachtwagens en bussen, en bovendien stinkt dat meneer. Het begrip “Flex” is inmiddels zeer goed ingeburgerd bij Braziliaanse autobezitters: velen onder hen bezitten immers een “Veículo Flex”, een voertuig dat aangedreven wordt door een Flex motor. Om meer precies te zijn: op iedere tien verkochte nieuwe auto's zijn er negen met een Flex-motor. Het woord werd afgeleid van de Engelstalige omschrijving “Flexible-Fuel Vehicle” (FFV), ook omschreven als “Dual-Fuel Vehicle”. De meestbekende FFV’s zijn de voertuigen die aangedreven worden door ethanol en gewone benzine, zowel de eerste als de tweede brandstof, al dan niet gemengd en opgeslagen in dezelfde tank. Die rijden voornamelijk rond in de Verenigde Staten (bijna 8 miljoen), Brazilië (7,5 miljoen), Canada (600.000) en Europa, met Zweden (bijna 300.000) op kop. Een sensor detecteert de verhouding ethanol-benzine in de tank en past de injectie van de brandstof in de motor aan. Braziliaanse voertuigen doen dat met een speciale software die door Braziliaanse ingenieurs werd ontwikkeld. In Brazilië wordt er voornamelijk ethanol geproduceerd uit suikerriet, dit in tegenstelling tot de Verenigde Staten waar maïs gebruikt wordt.

Kombi_Total_Flex
Een Volkswagen Kombi (nog steeds gemaakt en verkocht Brazilië) in met een Flex-motor. Het Flex-logo werd uitgeknipt en vergroot. Foto: Mario Roberto Duran Ortiz (Wikimedia Commons).

De prijs van de ethanol in Brazilië is verschillend van staat tot staat. Hierdoor is die alcool slechts competitief in 18 van de 26+1 Braziliaanse staten. De potentiële energie die geleverd wordt door ethanol bedraagt 70% van de motoren die met benzine aangedreven worden. Na een tankbeurt met ethanol zie je dan ook de brandstofmeter angstwekkend snel dalen tijdens het rijden. In 6 Braziliaanse staten is het voordeliger om met benzine te rijden; in de staten Amazonas, Paraíba en Rondônia maakt het niet uit met welke brandstof men rijdt. De ethanol is het goedkoopst in de staat São Paulo met een gemiddelde van R$ 1,158 per liter (0,42 euro). Een liter benzine kost daar iets meer dan het dubbele. In andere staten is dat verschil veel kleiner. President Lula heeft in de jongste jaren erg veel gelobbyed om “zijn” ethanol te slijten aan de rest van de wereld. Het zou mooi zijn mocht hij wat meer inspanningen doen in eigen land zodat het overal financiëel interessanter is om met ethanol te rijden. De Braziliaanse consument zal immers sneller geneigd zijn om milieubewust te rijden als hij daar ook financiëel voor beloond wordt. Hij heeft met zijn Flex-motor de keuze. Maar dat ziet Petrobras dan waarschijnlijk weer niet zitten. Aangezien Lula onlangs schertste (?) dat hij het wel zag zitten om CEO te worden van Petrobras na zijn tweede ambtstermijn, zal hij wel even pragmatisch blijven als altijd. Zowel het staatsbedrijf Petrobras als de ethanol industrie zijn immers belangrijk voor Brazilië.


 

Vaderleed

Brazilië komt de jongste tijd niet alleen in het nieuws als een van de vier economisch sterkere Bric-landen, maar helaas ook als een land waar de justitie vierkantig draait, en vooral erg traag. De Amerikaan David Goldman kan er over meepraten. Zijn negenjarige zoon Sean werd vijf jaar geleden meegenomen naar Brazilië door de (Braziliaanse) moeder Bruna Bianchi die van daaruit doodleuk plots liet weten dat het huwelijk voorbij was. Zij begon een nieuwe relatie, werd zwanger maar overleed na de geboorte. De jongen verblijft sindsdien bij zijn stiefvader João Paulo Lins e Silva, afkomstig uit een rijke en invloedrijke Braziliaanse familie. Goldman is nu al vijf jaar in een gerechterlijke strijd gewikkeld om de jongen terug naar de States te kunnen halen, daar waar hij feitelijk thuishoort. Het hele verhaal kan u hier lezen, een website waar alles van naadje tot draadje wordt uitgelegd. Deze week besloot het Braziliaanse gerecht dat de jongen bij zijn stiefvader mag blijven tot dat de eindbeslissing valt in het proces. Deze beslissing annuleert de vorige die inhield dat Sean Goldman tijdens de weekdagen bij zijn natuurlijke vader mocht blijven (die hier in Brazilië is) en op zondag bij zijn stiefvader.

Deze week kwam een ander verhaal in de media, nog pijnlijker omdat er deze keer een dodelijk slachtoffer viel.


 

Atos secretos

De 79-jarige José Ribamar Ferreira de Araújo Costa, beter gekend als ex-president José Sarney, krijgt sinds hij senaatsvoorzitter werd, de ene opdoffer na de andere te verwerken. Het regent gewoon schandalen. Het begon allemaal enkele maanden geleden toen uitlekte dat de Braziliaanse senaat wel erg gul was met het uitdelen van directeurs postjes. Een recenter rapport spreekt over meer dan 500 zogenaamde "atos secretos" (geheime maatregelen) die genomen werden om vriendjes en/of familieleden aan een baantje te helpen, om banen te scheppen, om salarissen te verhogen of zelfs om de limieten voor overuren van medewerkers te schrappen. Sarney verdedigde zich deze week in een toespraak van een halfuur waarin hij stelde dat de crisis niet de zijne is, maar wel die van de senaat. Duidelijk geëmotioneerd stelde hij ook dat zijn naam gedurende zijn 60-jarige politieke carrière nooit betrokken werd in een schandaal en verwees, al even geëmotioneerd, naar de ziekte van zijn dochter Roseana Sarney (gouverneur van de staat Maranhão) die net geopereerd werd voor een hersenletsel (met gunstige afloop). Allemaal boter aan de galg.

Jose_Roseana_Sarney
Oud-president en huidige senaatsvoorzitter José Sarney met dochter Roseana.
Foto: José Cruz/ABr (Creative Commons Licence)

Columnist Ricardo Noblat van de krant O Globo pakte uit op zijn blog met het verhaal van senatrice Serys Slhessarenko (PT) die in haar kabinet een medewerkster op de loonlijst heeft met een salaris van R$ 12.000/maand (ongeveer 4.500 euro). Niet zo ongewoon, ware het niet dat Solange Amorelli (de medewerkster in kwestie) al twee jaar in de USA woont na haar huwelijk met een directeur van de Wereldbank, meer bepaald in Bethesda (Washington). De dame blijft wel keurig haar salaris opstrijken, inclusief overuren. En de krant Estado de São Paulo kwam met een bezwarend verhaal over Roseana Sarney. De senaat betaalt maandelijks een salaris van (eveneens) R$ 12.000 aan een man van 51 die als butler werkt in de persoonlijke residentie van Roseana in de hoofdstad Brasília. Hiermee werd José Sarney nog wat meer onder druk gezet en kon hij niet anders dan nieuwe maatregelen nemen. Gisteren kondigde hij tijdens een persconferentie de oprichting aan van een nieuwe "Comissão de Sindicância" aan die een onderzoek moeten uitvoeren naar alle "atos secretos". De eerste comissão de sindicância werd al opgericht in mei, na het uitlekken van de vele postjes als directeur, allemaal betaald met overheidsgeld. Die commissie is zo goed als klaar met een rapport dat deze week zal ingediend worden. Sarney werd deze week wel verdedigd door president Lula die zei dat hij (Sarney) niet als een gewone burger mag behandeld worden en dat er maar eens een einde moest komen aan al die "onthullingen" die hij bestempelde als "denuncismo". Hoe dan ook, corruptie en nepotisme blijft een oud zeer in dit land. Zo lang de gewone burger echter blijft meedoen en bij de eerste de beste verkeerscontrole uit gemakzucht de voorkeur geeft aan wat "zakgeld" boven een normale boete wegens een of andere onregelmatigheid, zie ik dat nog niet meteen veranderen.


 

João Buracão

Brazilië staat niet bepaald bekend voor de uitstekende staat van zijn wegennet. In Mato Grosso of Amazonas kan men nog natuurlijke redenen aanhalen waarom de wegen er niet als een biljartlaken bijliggen. In dichter bevolkte gebieden is het echter niet de natuur die stokken in de wielen steekt, maar gewoon het gebrekkig onderhoud. De meeste municípios of federale wegen krijgen zo nu en dan een operatie “Tapa Buraco” behandeling, en daar houdt het dan weer mee op. Tapa buraco wil zoveel zeggen als gaten vullen. En aan gaten ontbreekt het niet, tot grote ergernis van de bestuurders. Brazilianen zijn echter een creatief volkje en hebben zo hun eigen gevoel voor humor. Het was een “borracheiro” (banden hersteller) uit Rio de Janeiro die op het idee kwam een pop te maken. Hij gaf die pop een naam: João Buracão. Ter verduidelijking: buraco betekent gat, buração is een groot gat. Die pop plaatste hij in een stoeltje, vlak voor een enorm gat in het asfalt van zijn straat, en stopte hem een hengel in de hand waarmee João kon vissen in de plas, gevormd door het regenwater. De actie trok de aandacht van de pers en de krant Extra (O Globo) adopteerde João Buracão die vanaf toen regelmatig gefotografeerd werd in zowat elke straat van de cidade maravilhosa, ontsierd door een of ander gat in het asfalt.

De overheid kon niet anders dan toegeven en stilaan werd hier en daar al snel begonnen met herstellingswerken, zo gauw João weer eens grijnzend te zien was in de krant. De actie kende succes en breidde zich stilaan uit over Brazilië. Er kwam een Zé do Lixo (José Afval), een Zé Vergonha (José Schande) en een Buraconildo, een afgeleide persoonsnaam van het woord buraco. Het kwam zelfs zover dat burgemeesters zich lieten fotograferen naast de pop, met uiteraard de belofte dat de gesignaleerde gaten in hun gemeente meteen zouden hersteld worden. Sommige Brazilianen maken er nu een sport van om naar het grootste gat te zoeken. In Duque de Caxias (Rio de Janeiro) werd er eentje gevonden van 4,74 m op 4,70 m met een diepte van 30 cm, een heus zwembad. In Rio de Janeiro werd er een funknummer opgedragen aan de gatenjager (zie video hieronder). Men zegt dat “João Buraco, o caçador de crateras” het pas zal opgeven als het laatste gat van Brazilië gedicht werd. Zijn pensionering ligt nog ver in de toekomst.



 

Neuland

Als expat in Brazilië zit je niet bepaald te wachten op uitingen van racisme die zeventig jaar geleden gemeengoed waren in Duitsland. De nieuwsberichten van de jongste maanden over Braziliaanse groepen neonazi's rijmen niet echt met de kleurrijke bevolking van dit land waar er eerder sprake is van een sociaal racisme, niet zozeer haat tegen ras of huidskleur. Maar ze bestaan, de skinheads en punks die dwepen met Hitler en soortgenoten, inclusief alle rituelen die gepaard gaan met de ideologie van het "herrenvolk". Het kan echter nog gekker. Ricardo Barollo (34), een economist uit São Paulo werd ervan beschuldigd de aanstoker te zijn van de moord op het jonge koppel Bernardo Dayrell en Renata Waechter. Motief: een machtstrijd omwille van de leiding van een groep neonazi's. De misdaad leidde tot de ontdekking van een plan tot de oprichting van een nieuw land dat "Neuland" zou gedoopt worden. Barollo en Dayrell waren de leiders van een van de belangrijkste groepen neonazi's van Brazilië, met vertakkingen naar het buitenland. Zij besloten dat het blanke ras met uitroeiing bedreigd werd, en daarvoor moest er een einde gemaakt worden aan rassenvermenging. Neuland zou het nieuwe land worden met een extreem rechtse ideologie, gelijkaardig aan die van Adolf Hitler in de jaren dertig. De groep zou eerst São Paulo veroveren, daarna de meest zuidelijke staten van Brazilië. Alsof dit niet volstond, bestonden er plannen om nadien 22 Europese landen in te nemen. Barollo zou de president worden van Neuland. Zelfs zijn salaris werd vooraf bepaald en opgenomen in de plannen. De nationale feestdag van Neuland zou gevierd worden op 18 juli, Barollo's verjaardag. De nationale vlag, het aantal ministers, wetten, bedrijven en de belangrijkste postjes waren al bepaald.

Het onafhankelijke tijdschrift Istoé wijdde een uitgebreid artikel aan de "Nazistas Brasileiros" waarin de activiteiten, plannen en netwerken van het racistische volkje netjes uit de doeken gedaan werden. Er zouden in totaal 350 mensen betrokken zijn, afkomstig uit de staten Distríto Federal, Goiás, Minas Gerais, Paraná, Santa Catarina, São Paulo en Rio Grande do Sul. De organisatie is verdeeld in verschillende cellen: propaganda, politiek en paramilitair. De communicatie verloopt hoofdzakelijk via het internet. Om toegelaten te worden tot de groep moest er een proef afgelegd worden met dertig vragen. Een van die vragen luidde: wat is de waarheid over dat wat "Holocaust" genoemd wordt? Ontmoetingen gebeurden in het geheim, de locatie werd pas enkele uren vooraf medegedeeld aan de deelnemers die een eed van trouw moesten afleggen. De groep zou connecties hebben met neonazi's in Engeland, Frankrijk, Argentinië en Chili.

Na de moord op het jonge koppel greep de politie in en naast een aantal arrestaties werd er ook veel nazi-materiaal in beslag genomen, alsook wapentuig. Het hele gedoe krijgt niet zoveel weerklank in de Braziliaanse pers, ook al omdat het om een zeer beperkt clubje gaat, in verhouding met een bevolking van meer dan 190 miljoen Brazilianen waarvan een flink deel niet eens weet wie Adolf Hitler was, of wat het woord Holocaust betekent. Maar het blijft een bijzonder onfrisse zaak, iets wat je niet meteen verwacht in het land van samba, voetbal en een opgewekt & kleurrijk volkje, tenzij je concludeert dat het om afstammelingen gaat van de nazi's die destijds naar Zuid-Amerika gevlucht zijn. Er blijft wel zoiets hangen van: ach, die idiote skinheads neemt toch niemand ernstig. Barollo was echter geen skinhead, maar wel een welopgevoede werknemer van het gerespecteerde bedrijf Camargo Corrêa met een salaris van meer dan R$ 8.000/maand (bijna 3.000 euro) en wonend in een luxe appartement in de betere wijk Moema (São Paulo). Op zijn persoonlijke pagina op het internet plaatste iemand de volgende boodschap: "Idiot, ich habe dir gesagt, mach es nicht. Jetz bist du in alle Zeitungen..."


 

Farra do Boi

Carlos Minc kon onlangs zijn eerste verjaardag vieren als milieuminister van Brazilië. Hij nam de ondankbare job over nadat Marina Silva er de brui aan gaf, in mei van vorig jaar. In de jongste weken heeft Minc het ernstig aan de stok met lui uit de landbouwsector waaronder enkele volksvertegenwoordigers en zelfs enkele collega's. Het begon allemaal toen Minc hen bestempelde als "vigaristas" (oplichters), bepaald geen flatterend etiketje. Lula moest zelfs tussenkomen en riep Minc op het matje. De minister verklaarde nadien dat men wel zijn nek mag eisen, maar dat hij vooralsnog stevig in het zadel blijft zitten. En dat zal nodig zijn. Minc's tegenstanders, met senatrice Kátia Abreu (ook voorzitster van de CNA - Confederação Nacional de Agricultura) op kop, kloegen hem aan bij de "Procuradoria-Geral da República" en gaven een nota uit waarin letterlijk gesteld wordt dat hij "niet gekwalificeerd is voor zijn taak als milieuminister".

Carlos_Minc
"Ministro do Meio Ambiente" Carlos Minc. Foto: Marcello Casal Jr./ABr
(Creative Commons License)

Een en ander wordt duidelijker als men het pas uitgegeven rapport "Slaughtering the Amazon" van Greenpeace er even op naleest. Het verslag is het resultaat van een onderzoek van drie jaar en niet mals voor de Braziliaanse veekwekers, evenmin voor enkele topmerken uit de sector voeding, kleding en sportartikelen. Het rapport werd ook vertaald naar het Portugees met als titel “A farra do boi na Amazônia” (als u wil weten wat farra do boi betekent, klik dan hier). Die term is zo mogelijk nog straffer als "vigaristas" en zorgde voor bijzonder zure oprispingen bij de veeboeren die Greenpeace voor het gerecht willen dagen. Uiteindelijk kan gesteld worden dat wij als consument allemaal schuld hebben. We willen immers allemaal een lekker stukje vlees, en vragen ons niet af waar dat vandaan komt als we naar de slager gaan. Het kwam zo ver dat drie belangrijke supermarktketens (Pão de Açúcar, Walmart en Carrefour) lieten weten dat ze geen vlees meer zullen aankopen van 11 “frigoríficas” (vleesboeren) uit de staat Pará die beschuldigd worden van illegale ontbossingen om vee te kweken. De maatregel is gewoon een opvolging van een besluit van het MPF (Ministério Público Federal) dat dreigt met een boete van R$ 500 (185 euro) per kilogram vlees dat aangeboden wordt en waarvan bewezen kan worden dat het door de bewuste vleesboeren geleverd werd. Anderzijds zijn er, ondanks acties als Zero Fome en Bolsa Família, nog steeds miljoenen mensen in dit land die al blij zijn als ze zich een stukje "linguíça" (worst) kunnen veroorloven met hun dagelijkse portie rijst & bonen. De prioriteiten zijn niet voor iedereen hetzelfde.


 

Long time no see

Long time no see, wat is er aan de hand in Brazilië? Niets, of liever, heel veel. Het leven draait ons soms een loer, en dan moet een mens zijn prioriteiten kennen. Dit gezegd zijnde, Lula is nog steeds aan de macht, en hoe. Hij was deze week in Laranjeiras (Sergipe) voor de inhuldiging van de gerestaureerde gebouwen van het "Quarteirão dos Trapiches". Dat zal u weinig zeggen, en dat hoeft ook niet. Het gaat erom wat hij zei. Hij gaf kritiek op zijn voorgangers en zei vlakaf dat die zich "niet bekommerden om het land". Hij vertelde erbij dat zijn regering dat wel deed, veel investeerde in de opvoeding, daarvoor middelen gebruikend die voorheen dienden om gevangenissen te bouwen.

Hij zei ook dat hij op 31 december 2010 (de laatste dag van zijn tweede en tegelijk laatste ambtstermijn) een rapport zal indienen waarin alles opgesomd wordt wat er tijdens zijn regeringsperiode gerealiseerd werd: "Iedere minister zal een verslag moeten opmaken waarin tot op de centavo vermeld wordt waarin hij investeerde, en hoeveel. Dit verslag zal hij officieel moeten laten registreren in een cartório. Samen zullen al deze verslagen overgedragen worden aan alle rectoren van alle Braziliaanse universiteiten, alle vakbondsvoorzitters, elke volksvertegenwoordiger, iedere gouverneur, en heel zeker aan mijn opvolger, of misschien zelfs opvolgster. Ik wil dit doen zodat hij of zij zal zien wat er gedaan werd, en omdat God zal wensen dat hij of zij nog meer zal doen".

Goed, als expat in dit immens grote land nemen we nota van zijn uitspraken. Ook ons leven wordt beïnvloed door wat hier al dan niet gerealiseerd wordt. En dat is niet gering als we mogen afgaan op wat een lezer (en fervent verdediger van Lula) van de krant O Globo op een rijtje zette, voorafgegaan door de woorden "Ik begrijp niet hoe een eenvoudige arbeider dat allemaal klaarspeelde", gevolgd door een lange opsomming van Lula's wapenfeiten in de voorbije zeven jaren. De brave man heeft geen ongelijk, maar als de rest van de wereld kreunt & steunt onder een crisis van jewelste, dan is het ook iets eenvoudiger voor een BRIC-land als Brazilië om hoera te roepen. Het is echter niet allemaal koek en ei in dit land, uiteraard niet. Afgaande op de niet ophoudende stroom van nieuwsberichten uit de misdaadsector, zouden een pak nieuwe gevangenissen wel eens geen overbodige luxe kunnen zijn. De rechters in de staat Rio Grande do Sul besloten zelfs om geen mensen meer op te sluiten in afwachting van hun proces, tenzij het om een "crime hediondo" gaat (bijzonder zware en/of weerzinwekkende misdaad), dit om de bevolking in hun gevangenissen beter onder controle te houden. De term overbevolking is te zacht voor de Braziliaanse gevangenissen zoals bekend. Maar Lula is populairder dan ooit. Velen zouden zelfs willen dat een derde ambtstermijn mogelijk was. Maar die zal er niet komen. Geen nood echter, de opvolgster (Dilma Rousseff) werd al gekozen, tenminste door Lula. Nu nog wat afwachten of het volk er ook zo over denkt. Nog een jaartje geduld.


 

Strengere regels voor vliegtuigmaatschappijen

Een nieuw wetsontwerp werd deze week goedgekeurd door de “Comissão de Constituição, Justiça e Cidanania” van de Braziliaanse senaat. Braziliaanse vliegtuigmaatschappijen die vluchten aflasten, vertragingen hebben, de passagiers te lang laten wachten op hun bagage na aankomst of betrapt worden op overbooking, zullen voortaan schadevergoedingen moeten betalen. Het wetsvoorstel moet wel nog gestemd worden in de Braziliaanse kamer.


 

Favela Painting

Favela Painting is een project van de "Firmeza Foundation", een organisatie die zich toelegt op het maken van kunstwerken op plekken waar de bevolking sociaal achterop loopt. Er wordt samengewerkt met de lokale bevolking om te strijden tegen vooroordelen, het scheppen van duurzame oplossingen en om de aandacht te trekken van de wereld. De kunstwerken verhogen het zelfbewustzijn van de gemeenschappen waar ze gemaakt worden. Firmeza Foundation draagt hiermee bij tot de opvoeding van de lokale jeugd en stimuleert de ouderen om hun eigen levensomstandigheden te verbeteren.


 

In samenwerking met


Schrijf mee

Woont u in het buitenland? Wil u ook meeschrijven aan En Nu Even Elders? Stuur een e-mail naar weblog@standaard.be


Zoeken op deze blog