Japanse verkiezingen: er is weer hoop

Een kentering heeft plaatsgevonden in Japan. Een omwenteling. Een revolutie zelfs, naar Japanse normen. Voor de eerste maal in de naoorlogse geschiedenis hebben de Japanners hun leiders afgestraft. De Liberaal-Democratische Partij (LDP), die meer dan 50 jaar vrijwel onafgebroken aan de macht was, is naar huis gestuurd.  Voor het eerste maal in haar geschiedenis is de LDP niet meer de grootste partij van het land.  De LDP is gisteren tweederde van haar zetels in het lagerhuis verloren. Een ontzaglijke nederlaag.

De Japanners hebben hun respect voor ontzag laten varen. Het was meer dan nodig. Al meer dan 15 jaar, sinds de uiteenbarsting van de economische bubble in het begin van de jaren ’90, hebben de opeenvolgende LDP-regeringen het geld van de Japanse belastingbetaler grovelijk misbruikt. Van 2001 tot 2006 heeft de charismatische Koizumi het tij kunnen keren met de belofte de ‘LDP van binnenuit te vernietigen’. Maar daar is niets van in huis gekomen.  Het was een list. Het heeft de overleving van de LDP verlengd. Met dramatische gevolgen. De werkloosheid is sinds de tweede wereldoorlog nooit zo hoog geweest als nu. Van alle geïndustrialiseerde landen heeft Japan de hoogste staatsschuld. 1/3 van alle jobs zijn tijdelijke jobs zonder bescherming geworden. De kloof tussen arm en rijk is angstwekkend gegroeid. Nergens ook ter wereld is de veroudering van de bevolking dramatischer dan in Japan, maar de machistische LDP-regeringen hebben nooit iets ondernomen om een kindvriendelijk beleid uit te werken. Gisteren hebben de Japanners eindelijk beslist dat het genoeg was.

Het is absoluut onduidelijk of de overwinnende Democratische Partij haar verkiezingsbeloften zal kunnen waarmaken. Maar één ding is zeker: Japan zal nooit meer zijn zoals voorheen. Eindelijk kan Japan een democratie genoemd worden. Het feitelijk eenpartijregime heeft afgedaan. Voor het eerst in decennia is er een machtwissel. Geen enkele democratie kan gezond zijn zonder alternering van de macht. Dat is het goede nieuws van deze verkiezingen.


 

I AM SAILING….

 

Eind augustus is de komkommertijd voor de media gedaan. Het serieuze werk komt er dan weer aan. De komkommertijd is ideaal om de thuisblijvers te voorzien van wat willekeurige en ongestructureerde nieuwsfeiten. Zo een hit leverde het dertienjarige meisje Laura Dekker dat, al of niet door haar ouders gemanipuleerd, op de proppen kwam met het verhaal dat ze met een zeilboot de wereld rond wilde varen. Om daarmee in het Guinness Book of Records te komen, heette het ineens. De Nederlandse media zijn de afgelopen week met graagte op dit krankzinnige project van deze vroege puber gesprongen.

Los van het feit of iemand wel zeker weet of het plan van Laura Dekker ernstig bedoeld was, haalden de media al hun middelen boven om de affaire op te kloppen. De vraag was of men een kind van die leeftijd wel helemaal alleen aan het roer van een zeilschip mocht zetten en de oceaan op sturen. Waar lagen tenslotte de grenzen? Een meisje van dertien kon men wel om een boodschap naar de winkel op de hoek sturen. Kinderen van die leeftijd fietsen, wegens ontbrekend schoolvervoer een beschaafd land waardig, als vluchten regenwulpen (te) verre afstanden naar de middelbare school. De statistische kans dat ze dan onderweg ergens door een pedofiel worden gegrepen, is onbekend. In het geval Laura Dekker werd trouwens niet eens over die spreekwoordelijke pedofiel gewaagd. Want alleen is alleen op een zeilboot.

Een veel belangrijker en dus uitvergroot aspect was of Laura Dekker per 1 september niet op de schoolbanken hoorde te zitten. De Nederlandse bureaucratie die over het welzijn van de kinderen heet te waken, kwam meteen in beweging. Die bureaucratie, hier vertegenwoordigd door de Raad voor de Kinderbescherming, had immers na wat missers duidelijk iets goed te maken. De Raad bracht de zaak meteen voor de kinderrechter. De uitspraak van de kinderrechter viel verleden vrijdag. Laura Dekker werd voor twee maanden onder toezicht van het Bureau Jeugdzorg geplaatst. De Raad, die eigenlijk graag alle kinderen onder haar vleugels zou willen nemen, had verzocht om meteen ook maar een gezinsvoogd aan te stellen. Want tenslotte wie als ouder een kind aanmoedigt om een solotrip rond de aarde te maken, verdient niet beter dan uit de ouderlijke macht te worden ontzet.

Het resultaat nu is dat de zeiltocht eigenlijk voor twee maanden is uitgesteld. Dus er komt een vervolg op de affaire. Of er al contact met Hollywood is opgenomen om dit alles in een filmscript te verwerken, is nog niet bekend. Maar alle ingrediënten voor een spannende film voor alle leeftijden zitten er zeker in. Er is de ultieme meisjesdroom van op eigen benen op het dek van een zeilboot staan. De grote liefde kan daarom, gezien de prille leeftijd, heel even wachten. Maar Hollywood weet daar wel raad mee. Onder weg worden als in een natuurfilm vliegende vissen gezien, walvissen gegroet, eilanden met kokosnoten aangedaan en op Tahiti stormen de bloemenmeisjes het strand op. In New York wordt een parade in antieke auto’s gehouden. De praatprogramma’s op televisie zullen dit alles voor alle leeftijden wel behapbaar maken. Waarna de befaamde Nederlandse doctorandussen in allerlei relevante wetenschappen verhitte debatten met de beleidsmakers van het kinderheil en andere komieken mogen voeren.

Een voorsmaakje van dit alles leverden de media al tijdens de afgelopen week. De opiniepagina’s van de kranten puilden uit van de commentaren aangeleverd door de voor- en tegenstanders van Laura’s project. Woog het weglijven van school voor een langere periode wel op tegen de ervaringen die een dertienjarige opdeed met dit experiment? Ja, wie zal het zeggen? Want wat leert men tegenwoordig nog op school? Het Nederlandse onderwijs is na alle hervormingen van de laatste decennia een grote puinhoop. Onderzoek leerde zelfs dat de onderwijzers(essen) niet eens meer foutloos hun werkwoorden vervoegen of sommen uit het hoofd kunnen maken. Dus van een opmerkelijke leerachterstand hoefde dus voor Laura geen sprake te zijn.

Dan was er nog een aspect waarover ditmaal geen heisa ontstond. Laura Dekker is in het bezit van drie paspoorten. Ja, drie paspoorten: het Nederlandse, het Duitse – want haar moeder is een Duitse – en eentje uit Nieuw-Zeeland, want daar is ze geboren. Als er al veel beroering in Nederland is geweest, dan is het wel over het bezitten van twee nationaliteiten. Uiteraard, die heisa betreft het combineren van de Nederlandse met de Turkse of Marokkaanse nationaliteit. Het grossieren in andersoortige paspoorten uit landen waar de medemens blank en doorgaans van het christelijk geloof hoort te zijn, nee daar ligt men niet wakker van. Ook nu weer niet. Zelfs Geert Wilders, die van dat item zijn stokpaardje heeft gemaakt, liet niets van zich horen. Gelijk heeft hij. Hij is immers met een Hongaarse getrouwd. En die zal naast haar Nederlands paspoort wel… Ja, juist. Eens een Hongaarse, altijd een Hongaarse.

Het bezit van deze drie paspoorten kwam ineens alleen maar ter sprake toen Laura Dekker (of haar vader) ermee dreigde zich in Nederland te laten uitschrijven en te kiezen voor een woonplaats in Nieuw-Zeeland. Om zo aan de Nederlandse kinderbureaucratie en de leerplicht te ontsnappen. Men mag aannemen dat men het in die laatste kringen niet zo maar zal laten zitten. Hinderlijke lekken in de wetgeving wil men in Nederland altijd graag snel dichten. Ook dat wordt dus vervolgd. Intussen mag men zich in de media ook beraden of de “leerplicht” ook de “schoolplicht” inhoudt. Hierover bestond al van meet af aan de opperste verwarring. Goed om te onthouden. Want leren kun je ook op “afstand” doen.


 

Sekar Jagat

'Sekar Jagat' betekent 'koningsdochter' in het Balinees.
Mijn vrouw S. volgde een 3-daagse opleiding in Balinese massage in Spa Sekar Jagat in Jimbaran.
We gingen eerst op prospectie om kennis te maken met de eigenares en om de mogelijkheden te bespreken.
Natuurlijk moest daar dan een behandeling aan gekoppeld worden. We waren daar immers toch.
S. koos voor een manicure en pedicure; het zou zo'n anderhalf uur gaan duren.
Dus dacht ik: 'Wat kan me nog gebeuren na de Hot Herbal Ball ervaring?' en besloot ook te gaan voor een manicure en pedicure.
Het klinkt wat 'gay', ik weet het, maar u moet het zo zien: ofwel zit je daar wortel te schieten met een kop zoete gemberthee en je op te winden omdat het zo lang duurt voordat je vrouw terug is, ofwel vertrouw je jezelf toe aan één van die sierlijke Balinese meisjes voor anderhalf uur.
Net zoals bij de massage was het ook mijn eerste keer voor wat pedicure en manicure betreft. Door iemand anders dan mijn vrouw bedoel ik dan natuurlijk.
Ik ben al wel vaker proefkonijn geweest en dat was steeds weer een hele logistieke gebeurtenis.
Alleen al het uitstallen van het materiaal kost S. een minuutje of vijf. Schaartjes, tangetjes, scalpels, borstels, flesjes met onbekende vloeistoffen, wattenstokjes en een grote selectie aan scherpe voorwerpen allerhande. Gewoonlijk trekt ze dan nog van die chirurgische handschoenen aan om je te laten merken dat dit geen lachertje wordt.
Het resultaat is altijd heel netjes en ze heeft (tot nu toe) enkel in nagels en niet in mijn vel geknipt.
Bij 'Sekar Jagat' ging het er iets anders aan toe.
Om te beginnen moesten we buiten onze slippers uittrekken en op blote voeten naar binnen. S.'s gezicht stond al onmiddellijk op storm en hagel. 'Dat kan toch niet!', zei ze. Het volstaat dat er hier iemand een voetschimmel heeft en we hebben het straks allemaal!' Eerste minpunt voor de koningsdochter.
We zaten naast elkaar en kregen eerst een voetbad in een veel te klein, plastic teiltje. Dan gingen twee, traditioneel geklede jongedames voor ons zitten, elk op een felgekleurd plastic krukje. Twee emaillen schaaltjes naast zich met daarin hun materiaal. Of mijn nagels moesten geknipt worden?, vroeg mijn pedicure. Hèhè, waarom zat ik daar eigenlijk? 'Yes, please' zei ik waarop ze een oversized model nagelknipper bovenhaalde en daarmee op mijn teennagels aanviel. Ik hoorde S. naast mij de lucht tussen haar opeengeklemde tanden naar binnen zuigen. Ik keek haar veiligheidshalve niet aan maar hield nauwlettend mijn tenen in de gaten.
Na een tijdje loste meisje twee, meisje één af en werkte verder aan voet één.
De eigenares kwam af en toe kijken en gaf op een bepaald moment een instructie in het Balinees aan één van de meisjes die daar rondliepen. Die kwam even later terug met de bril van Madame. Die zette zich op het krukje voor mij, bril op, pakte een vijltje en ja hoor..., 'you are bleeding', zei ze. Ze had me nauwelijks aangeraakt! Nu moet ik eerlijkheidshalve toegeven dat ik aan die teen al een tijdje een wondje had dat slecht genas. Ze probeerde het te deppen met een wattenstokje maar dat lukte niet. Ze zei wat in het Bahasa Indonesia tegen een medewerkster en ik herkende duidelijk het woordje 'alcohol'. 'Is it painful?' vroeg ze. Ik hield me, tussen al die vrouwen, natuurlijk stoer en gaf geen kik. Was het een compensatie voor de toegebrachte verwonding of meende ze het, ze zat in ieder geval tegen mijn vrouw en de aanwezige meisjes te verkondigen hoe zacht mister's voeten wel niet waren en hoe weinig eelt hij wel niet had. Het was intussen aan het schemeren en er werd een TL-lamp gebracht. Blijkbaar werd het moeilijk de éne teen van de andere te onderscheiden.
Meisje nummer 4 kwam zich toen over mijn arme voeten ontfermen. Na afloop gaf ze me ook nog een voet- en kuitmassage. Een welverdiende beloning.
De manicure en bijbehorende handmassage brachten geen onverwachte verrassingen. Ik werd alleen wat langer verwend omdat S.'s vinger- en teennagels gelakt moesten worden.
Waarom ik door 4 verschillende dames werd behandeld en mijn vrouw maar door één zal wel voor altijd een mysterie blijven.
S. houdt het erop dat mijn voeten zo lomp en zwaar zijn dat de taak over vier meisjes moest worden verdeeld.
Ik, die de zachte druk van de handen en de ritmiek van de massage heb gevoeld en de blik in die donkere ogen heb gezien telkens ze vroegen 'Do you like it mister?', weet natuurlijk wel beter. Ik zeg u: gevochten zal er zijn in dat achterkamertje om de voeten van mister te mogen behandelen.'Soft as a baby's skin' had Madame toch gezegd.
Ik ben benieuwd wanneer S. opnieuw zal willen gaan en of ik dan nog zal mee mogen.
Zouden je nagels sneller groeien in dit klimaat? Toch maar even googelen straks.

 

Francisco, ja; Federico, misschien

Zeer binnenkort wordt het vermoedelijke graf van Federico Garcia Lorca geopend.

Lorca werd op 18 augustus 1936, één maand na het begin van de opstand van Franco tegen de republiek, samen met drie (of vier) anderen door leden van de Falange-militie terechtgesteld. Aan zijn dood gingen drie weken van willekeurige of bevolen executies van linkse politici of syndicalisten vooraf.  

De specifieke aanleiding en de omstandigheden van Lorca's dood zijn tot in de details bekend dank zij, onder meer, de boeken van Ian Gibson. Het is, in zijn tragische banaliteit, een weinig opbeurend en treurig verhaal van familievetes (omwille van eigendommen en politieke overtuigingen), die in een tijd van opgefokte haat en afkeer, openbarsten en overslaan in moorddadig geweld.

De vermoedelijke plaats van de executie, en van het graf, ligt net buiten het dorpje Alfacar. De familie Lorca heeft zich -uiteraard na de dood van Franco- altijd verzet tegen de opening van het graf, omdat, volgens haar, een opgraving niets zou bij brengen aan wat al geweten is over leven en dood van Federico. Familieleden van twee van de samen met Lorca geëxecuteerde mannen willen echter wel dat naar hun graf gezocht wordt en dat, in voorkomend geval, hun resten geïdentificeerd worden.

De Junta de Andalucia heeft nu, na jaren juridisch palaveren, een compromis bereikt met de familie Lorca. Ze zal het vermoedelijke graf openen en minstens één van de mede-gestorvenen (een vermaard stierenvechter, Francisco Galadi) trachten te identificeren met behulp van het DNA van hun overblijvende familieleden; aangezien de familie van Lorca geen DNA materie wil afstaan zullen de -eventuele of vermoedelijke- overblijfselen van Lorca niet worden geïdentificeerd. Ook wanneer Lorca op basis van uitwendige eigenschappen van de resten zou kunnen worden geïdentificeerd (aan de hand van de schedel bvb, Federico had een notoir groot hoofd: de man die erover opschepte dat hij Lorca had vermoord had het over el poeta de la cabeza gorda, de dichter met het grote hoofd), zal dat gegeven niet worden meegedeeld.

Het vermoedelijke graf van Federico Garcia Lorca zal dus eeuwig (?) het vermoedelijke graf van Lorca blijven.

In het bijna postume werk (eerste publicatie in 1945; hij had in uitgebreide kring het stuk wel al diverse keren voorgelezen) La Casa de Bernarda Alba, voert Lorca nauwelijks verholen de latere opdrachtgevers van zijn moord op. De Alba's waren een tijdlang buren van de familie Lorca en worden er opgevoerd als epigonen van la peor burguesia de España (de ergste bourgeoisie van Spanje). Het volstond als executieopdracht.

Alfacar en het terrein met het vermoedelijke graf: Google Earth 37°14'45 N 3°33'11W


 

Natuurmens

Zdravo! Zo begroet iedereen elkaar hier. En ik nu ook! Macedonisch spreken lukt al aardig, maar er is nog werk aan de winkel!

Sinds gisteren bevind ik mij in Skopje en dat is een groot contrast met Ohrid. De voorbije drie weken was ik in Ohrid voor het Seminarie over de Macedonishce taal en cultuur. Niet alleen taallessen, lezingen en vertaallessen stonden op het programma, maar ook uitstapjes, poëzieavonden en film. Ongeveer 90 studenten vanover de hele wereld namen deel en dat zorgde voor een mengelmoes van talen.

Laten we zeggen dat ik in die tijd mijn grenzen heb verlegd. Of toch één daarvan. Ik, stadsmens in hart en nieren, enkel te vinden voor de zee of spectaculaire natuurverschijnselen zoals vulkanen of woestijnen, ben een berg opgewandeld. En niet zomaar een berg, een berg van 1500 meter in het natuurpark Galichitsa, in het zuidwesten van Macedonië. Op de top hadden we een prachtig uitzicht over het meer van Ohrid en het meer van Prespa.Van daaruit kun je aan de ene kant Griekenland en aan de andere kant Albanië zien.

Ik moet eerlijk toegeven dat ik onder de indruk was. Ik was niet alleen compleet uitgeteld na de klim van 2 uur, maar had ook een heel goed gevoel. Toen de Kroaten bij aanvang hoorden dat ik nog nooit een berg van dichtbij had gezien (tenzij je meetelt dat we door Zwitserland zijn gereden), hadden ze bezorgd een hand op mijn schouder gelegd en al lachend gezegd: "Je gaat afzien!". Maar ik werd nauwlettend in het oog gehouden en regelmatig gevraagd of het nog wel ging. Zo bereikte meteen glimlach de top van de berg en keek met verstomming naar het prachtig uitzicht.

Of ik nu van stadsmens naar natuurmens ben veranderd; dat weet ik nog zo niet. Maar een combinatie van beiden lijkt me alvast een goed begin!



 

Nergens thuis

Ik ben net teruggekeerd van drie weken vakantie in België. Neerstrijken in het moederland was weer even wennen: ik voel me altijd als een toerist in eigen land. Ik tel nog altijd in Belgische franken. Ik weet niet meer hoe aan te schuiven aan de kassa (in Japan laten we de goederen in het mandje, pakken pas in na betalen). Aan de toonbank twijfel ik hoe de kaart in de betaalterminal moet. Ik vergeet mijn bankkaart in de geldautomaat (omdat in Japan eerst de kaart eruit komt, dan pas het geld).

En dan zijn er de dingen die verbazen in het straatbeeld: de Vlamingen lijken reuzen. De namiddagterrasjes zitten vol genietende mensen. Alsof heel Vlaanderen niet moet werken. Een groot verschil met Japan waar mensen nauwelijks verlof nemen, zelfs in de zomer.

Wat de meeste gewenning vraagt, is de bediening in de winkels. Ik ben nederige buigingen en superbeleefde taal gewoon. De eerste dagen is het een beetje verbijsterend om zeer direct en soms in familiaire taal aangesproken te worden. Of nog, de winkelbedienden die zomaar tegen elkaar een privé-praatje voeren. Dat wil niet zeggen dat de bediening minder goed is in België, het is alleen wat ruwer.

Toegegeven, de Belgische winkelier zich zal aanpassen aan de particuliere wensen van de klant. Wil je een Dame Blanche met slechts een scheutje chocolade? Geen probleem. Wil je dat de slager het vlees superdun of superdik snijdt? Geen probleem. In Japan ligt dat anders: superbeleefde bediening,  maar vraag niets dat niet in het boekje staat of het antwoord is veelal: 'chotto muzukashii desu... dat is een beetje moeilijk' wat beleefde taal is voor 'njet!'.

De terugkeer naar Japan is ook altijd een beetje bizar. Terug in het land waar ik thuis ben, maar ook het land waar ik altijd een vreemdeling zal zijn.


 

Bob zou er moeten uitzien als een pruim...

Uit een artikel van The Times (UK):

Het begint vrij neutraal: "He is in very good shape for 85," said a Harare doctor, requesting anonymity. "I would be very happy to look like that when I'm 85."

MugabeDan begint het: "His speech is not halting, but for several years he has been prone to long, rambling, disconnected monologues."

En dan: "It's a sign of senile dementia caused by neural decay that is normal in people of his age," said the doctor.

En het mooiste: "You can usually tell how a person is going to look by observing their parents," he said. "Mugabe's mother reached 92 and she looked, well, like a prune. He should be looking like her at his age." "The secret has to be Botox," he said.

De laatste dagen was er een gerucht dat hij om gezondheidsredenen halsoverkop naar Dubai was gevlogen, zonder de gebruikelijke protocol op de luchthaven (volgens sommigen echt een teken dat er iets mis is). Daarbovenop heeft hij de begrafenisplechtigheid van een van zijn medewerkers gemist (ook een teken dat er iets mis is - trouwens, zijn medewerkers van het eerste uur vallen tegenwoordig als vliegen, ah ja, ze zijn vanachter in de 80).

Maar de ervaren Zimbabweaan weet dat een dergelijk bericht slechts een zoveelste gerucht is, ontstaan uit de drama-lievende pers.

U zei drama? Een voorbeeld. De vice-president sterft vorige maand (hij was 89). Er zijn een aantal partij bonzen die intern campagne voeren voor de post, waaronder een zekere Nkomo (die volgens de onafhankelijke pers de logische opvolger van de VP is). Dat zint sommigen blijkbaar niet, want toevallig nu verschijnt een boerenzoon die beweert dat Nkomo hem gesodomiseerd heeft. Sodomisatie (niet homosexualiteit) is hier trouwens verboden. Het vervolg moet nog komen, maar hoogstwaarschijnlijk wordt Mr. Nkomo uit de partij gezet en veroordeeld.

Mensen vragen me soms of de politiek in Belgie ook op een soap serie lijkt. Om hun wat moed in te spreken zeg ik steevast Ja, bij ons is het nog stukken erger! En ik denk niet dat ik lieg... .


 

Over gevangenissen

Het bericht van vandaag over de gevangenisopstand in Sint-Gillis in deze krant is misschien een goede aanleiding om het even over de Braziliaanse gevangenissen te hebben. Het ziet er namelijk naar uit dat de Braziliaanse overheid eindelijk eens iets gaat doen aan de mensonterende toestanden in de Braziliaanse gevangenissen, tenminste als het niet alleen blijft bij plannen maken, iets waar de Brazilianen nogal sterk in zijn. Het uitvoeren van die plannen stuikt immers vaak op allerlei hindernissen, heus niet alleen van bureaucratische aard. Een project dat gelanceerd werd door Depen (Departamento Penitenciário Nacional, van het ministerie van justitie) voorziet het gebruik van foto's, gemaakt door opgeslotenen in vijf verschillende Braziliaanse staten. Er werden 50 wegwerpcamera's uitgedeeld met een filmpje van 28 foto's. In elke van de vijf strafinstellingen mochten 10 gevangenen, uitgekozen door hun collega's, fotograferen wat ze maar wilden. Het is de bedoeling dat de foto's een boodschap overbrengen aan de verantwoordelijken van Depen die nadien een selectie van die foto's gaan voorstellen op de 1ste "Conferência Nacional de Segurança", van 27 tot 30 augustus in de hoofdstad Brasília. Enkele van die foto's kan u alvast bekijken op deze pagina van het tijdschrift Época.


 

De Speltheorie: De Verliezer Betaalt.

Een van de knapste prestaties van de fantastische acteur Russell Crowe was zijn incarnatie van de Amerikaanse schizofrene wiskundige John Forbes Nash in de film A Beautiful Mind.  Nash is een van de grondleggers van de Speltheorie, een theorie die gebruikt wordt in velerlei wetenschappen, vooral in de economie en de gedragswetenschappen.  De Speltheorie  verklaart of voorspelt beslissingen van 'spelers' in situaties waar het resultaat van die beslissing mede afhangt van de beslissingen van de andere spelers, met andere woorden wanneer eenzelfde beslissing andere gevolgen kan hebben afhankelijk van de beslissing die andere spelers nemen.  Een bekend voorbeeld is het zogenaamde 'Prisoner's Dilemma', als volgt:

"de politie heeft twee dieven geklist maar heeft onvoldoende bewijzen.  De politie zet hen apart en stelt hen afzonderlijk het volgende voor: als ze beiden zwijgen, krijgen ze elk slechts zes maanden cel. Als er 1 klikt, gaat hij vrij en krijgt de andere 10 jaar cel. Als ze elkaar verklikken krijgen ze beiden 5 jaar cel.
                                         gevangene B zwijgt         gevangene B verraadt

gevangene A zwijgt             elk 6 maanden cel         A 10 jaar cel
                                                                                        B vrij

gevangene A verraadt          A vrij                            A 5 jaar cel
                                                    B 10 jaar cel                B 5 jaar cel

Het resultaat zal zijn dat ze elkaar verklikken en elk 5 jaar cel krijgen, want de andere verklikken is voor elk van hen afzonderlijk het beste resultaat, om het even welke beslissing de andere neemt.  Dit is niet noodzakelijk het algemene 'beste resultaat'. Als ze zouden samenwerken en elkaar zouden vertrouwen, zouden ze best beide zwijgen.  Maar in de speltheorie zullen ze elkaar verklikken omdat dat de meest rationele handeling is.

John Nash heeft aangetoond dat er in elk spel altijd een evenwicht is, waarin geen van de spelers er belang bij heeft zijn strategie te wijzigen met de gegeven strategieen van de andere spelers, en het systeem dus in evenwicht komt, het genaamde 'Nash-Equilibrium' of 'Nash-Evenwicht'.  Dit concept ligt ten grondslag aan heel wat andere concepten en inzichten in vele takken van de wetenschap.

De Griekse jongen (28 jaar) Constantinos Daskalakis kreeg onlangs een leerstoel aangeboden aan 1 van 's werelds meest prestigieuze insituten, het Massachussets Institute of Technolgy (MIT) in Boston, en hij moet daarmee een van de jongste docenten ooit zijn aan het MIT. 

Dask Daskalakis heeft in zijn thesis aan de Universiteitt van Berkeley, California, onder leiding van de Griekse Professor Christos Papadimitriou, aangetoond dat er een aantal problemen zijn met de toepassing van het Nash-Evenwicht in de echte wereld, vooral wat betreft de berekening ervan, en heeft daarmee indruk gemaakt op de hele wetenschappelijke wereld.  Zijn volledige thesis en andere werken staan op zijn website hier.




Daskalakis werd onlangs ook ontboden door de Griekse President Karolos Papoulias, zo trots was de Griekse staatsvader op de jonge Griek,in naam van alle Grieken.   De trots was natuurlijk terecht, maar was een beetje schaamte misschien ook op zijn plaats geweest?  Zo zei Papoulias met zijn zwak stemmetje: "Het nieuwe Griekenland is sterk en jij vertegenwoordigt dat.  Daarom ben ik ook optimistisch, want zo gaat het niet verloren".  Was de oude man het noorden kwijt, waren zijn hersenen een beetje poreus geworden, had hij in de zon gezeten, was de sloeber nu echt beginnen raaskallen?  Was hij vergeten dat de jongeman enkel even op vakantie was in Paros, en daarna terug naar huis ging, naar Boston, waar hij woont, werkt en zijn kennis verspreidt?  Kennis die hij had verworven en aangescherpt in Berkeley, California?  Of had men de arme man verteld dat Daskalakis nu vanuit Paros de wereld verder zou veroveren en ten dienste stellen van de Helleense Staat?

Braindrain is een van de allergrootste problemen in Griekenland.  De beste mensen gaan weg, naar Amerika, Engeland, Duitsland, en ze komen niet meer terug. Het is een drama voor de Griekse samenleving, en ook telkens een klein individueel drama, van mensen die moeten vluchten om hun dromen te kunnen waarmaken.  Ze vluchten voor het Griekse onderwijs, de Griekse faciliteiten, de arbeidsmarkt, de dagelijkse realiteit.  Van iedereen die het kan weten, hoor ik dat de Griekse universiteiten bevolkt worden door ongemotiveerde docenten die les geven aan ongemotiveerde studenten in verouderde gebouwen en met verouderd materiaal volgens verouderde methodes.  En om op die universiteiten te geraken, moeten de tieners zich jarenlang voorbereiden op de 'Panellinia', de jaarlijkse Griekse staatsexamens, die bepalen of je mag studeren, en wat je mag studeren en waar.  Inderdaad, zelfs als je slaagt voor het examen, bestaat de kans dat je iets moet gaan studeren waar je niet echt voor gekozen hebt (maar vanwaar toch die ongemotiveerde studenten?).   En om door de staatsexamens te geraken, volstaat het niet gewoon je best te doen op de middelbare school - volgens alle bronnen leer je daar namelijk niks, behalve de tijd aftellen.  Neen, de Griekse kinderen gaan bijna allemaal naar 'Frontistiria' na de schooluren, priveklasjes waar ze als papegaaien worden voorbereid voor de specifieke tests van de Panellinia...  Zo krijg je dus een generatie van uitgeputte tieners, die vervolgens ofwel levenslang veroordeeld worden als ze niet naar de universiteit kunnen en geen connecties bij de staat hebben, ofwel vervolgens 5 jaar uitblazen op de universiteit waarna ze geheel kansloos op de lastige, verkavelde, meedogenloze arbeidsmarkt terchtkomen.  Zowat iedereen die ik ken en die het kan betalen, stuurt zijn kinderen naar privescholen, al wordt mij daarbij toegefluisterd dat dat niet zozeer is omdat ze daar beter zouden leren, maar wel omdat ze daar tenminste veilig binnengehouden worden...

Dit is geen verzinsel, het is de realiteit en alle Grieken weten het.  Vorig weekend las ik nog in de krant Kathimerini een journaliste die ergens een jaarboek van een schooljaar was tegengekomen, en ze schreef als volgt: "In een vermoeid, gedesorienteerd onderwijs zonder waardesysteem en met de filosofie van de kleinste moeite, zijn de jaarboeken verdwenen als nutteloos, eenvoudigweg omdat ze voorbereiding vergen, en zorg, tijdsbesteding en bekwaamheid om te schrijven.  Daarom vraagt niemand ernaar, niet de leerlingen, niet de ouders, niet de leraars".

En dus gaan de grote talenten, de grote hersenen, weg.  Ze vluchten het land uit.  Er is voor hen geen geschikt onderwijs, geen mogelijkheid tot onderzoek, tot ontwikkeling.  En ook na de studie, waar naartoe?  Er zijn geen start-ups, innoverende bedrijven, bedrijven die investeren in onderzoek, ontwikkeling, octrooien aanvragen, de internationale markten opzoeken...het is er allemaal zo goed als niet.  En ze gaan weg.  Daskalakis weer, over Berkeley: "En dan plots bevindt je je in een wetenschappelijke gemeenschap, waar de studenten willen leren en de professoren grote kennis hebben, zodat je hen kan respecteren. zodat je jezelf kan ontwikkelen. Het is een enorm verschil met de Griekse universiteit, die zich onderscheidt door nepotisme en misprijzen".

 Zo komt het dat de jongen, die duidelijk trots is een Griek te zijn en een hart voor Griekenland heeft, moet gaan studeren in California bij een andere Griekse vluchteling, om daarna, met een beurs van een Amerikaans bedrijf, zijn kennis te verdiepen in Boston ten dienste van andere buitenlandse instituten en bedrijven.  En zo zijn er honderden. In dezelfde krant: de successtory van twee jonge Grieken die een prachtige toepassing voor de iPhone ontwikkeld hadden, even kijken, ... vanuit...  Stanford, California en ... Imperial College London, waar ze wonen en werken...  En al die kennis lekt weg, al het inzicht, al die mogelijkheden voor onwikkeling, vooruitgang.  Die mensen zijn vaak ook diegenen met de grootste motivatie om de zaken aan te pakken, met een drive, een hefboom voor beterschap. Maar ze worden achteloos opzijgeschoven.

Gelukkig is de President trots op hen.

Laten we de Speltheorie er nog eens bijhalen (toegegeven in een methodisch niet helemaal correct voorbeeld):

Het Talent heeft twee mogelijke beslissingen: in Griekenland blijven, of Griekenland verlaten.  Blijven is 1 positief punt, want hij houdt van Griekenland.  Zijn onderzoek kunnen voeren is twee positieve punten, want dat is voor hem belangrijker.
De Griekse Staat, vertegenwoordigd door President Papoulias, heeft twee mogelijkheden: investeren in onderwijs en onderzoek, of niet.  Investeren levert een negatief punt op, want dat kost geld en vooral moeite, en dat vindt de Staat niet leuk.  Niet investeren levert niets op. Als het Talent blijft, levert dat een negatief punt op voor Papoulias, want hij haalt zich een betweter op de hals.   In alle gevallen kan Papoulias wel zeggen hoe trots hij is, want dat kost niets.  Hier is het schema:

                                              Talent Blijft               Talent Gaat Weg

Papou Investeert                      Papou -2                Papou -1
                                                  Talent +3                Talent +1  (weg = -1, onderzoek = +2)

Papou Investeert Niet                Papou -1              Papou 0
                                                    Talent -1               Talent +1

Zoals blijkt, is het voor Papoulias altijd beter om niet te investeren.  Voor het talent hangt het af van de beslissing van Papoulias.  Maar als we het element ervaring erbij nemen, dan leert het talent dat het voor Papoulias altijd beter is niet te investeren, en dus is zijn beste keuze weggaan.  Zo blijkt dus dat President Papoulias, die zich kosteloos profileert op de rug van een jonge knaap die hij zelf het land heeft uitgejaagd, beantwoordt aan het rationele gedrag verklaard vanuit de Speltheorie.

Misschien valt het te hopen dat Daskalakis ook nog andere elementen van de Speltheorie kan doorbreken, en dit ellendige evenwicht kan doen wankelen, ook in het echt. Is de tijd al rijp voor een 'Daskalakis-Onevenwicht'?

Er is in het bovenstaande geval natuurlijk nog een verborgen derde speler: de Grieken.  Zij zijn de verliezers van het spel.  En de verliezer betaalt.


 

Als een een oude jonkman vader wordt!

Het mooie aan nieuw vaderschap op rijpere leeftijd is dat je als ouder een tweede kans krijgt. Er ligt in mijn geval zo’n 25 jaar tussen mijn oudste en mijn jongste lieverd, en een mens evolueert nogal in een kwarteeuw. Fouten uit het verleden kunnen vermeden worden, een frisse – meer met ervaring doordrongen – aanpak is mogelijk, dringt zich zelfs op.

Niet dat ik door een plotse opwelling van zelfanalyse tot een lijst met opvoedkundige tekortkomingen ben gekomen die ik bij mijn jongste kroost kost wat wil moet vermijden, mijn oudste kroost onderhoudt met voldoende regelmaat, immer voorzichtig en liefdevol weliswaar, dat lijstje in mijn plaats. Confrontatie is niet alleen leerrijk, het is ook verondersteld mensen dichter tot mekaar te brengen.

Bij mijn eigen moeder stond ergens op een keukenrekje naast het kookboek van de Boerinnenbond misschien wel een of ander naslagwerkje over opvoeding. Eerder een dan ander en zeker gespeend van Christelijke waarden en met het lijstje doodzonden ter herinnering keurig na de index als laatste bladzijde. Van enige gestudeerde of bestudeerde raadgevingen over hoe ze haar kinderen praktisch moest grootbrengen was in die tijd geen sprake. Kijk maar naar het resultaat.

Toen ik op mijn vijfentwintigste aan de eerste kinderen begon, had ik waarschijnlijk omtrent opvoeding even weinig bagage als mijn ouders. Of daar was ook toen blijkbaar geen behoefte aan, of we waren er redelijk naïef van overtuigd dat ook dat wel vlot zou lopen. We waren tenslotte niet van gisteren, hadden mogen studeren en kenden welvaart, ook al hadden we vader amper gezien. De nonnen en Jezuïeten maakten het onze ouders gemakkelijk, dat moesten ze voor onze kinderen nog maar eens overdoen, wij wilden werken.

Ik leef vandaag midden in een generatie mensen die wat kinderen betreft relatieve laatbloeiers zijn. Ze zijn van midden tot eind de jaren tachtig jong van huis ‘weggelopen’ omdat alles dan wel veel anders moest of kon, hebben vervolgens een leven uitgebouwd waar naar evenwicht werd gezocht tussen werk, persoonlijke vrijheid en vermaak, waardoor tenslotte de kinderwens eerder in de leeftijdsfase tussen 33 en 38 ontstond met alle gevolgen van dien. Deze mensen rationaliseren meer, weten dat ze hooguit één of twee nakomelingen zullen hebben want voor meer is te veel tijd verlopen, en zijn plots geconfronteerd met een nieuwe situatie waar ze tot dan blind voor waren: kinderen, dat was iets wat anderen hadden, de verantwoordelijkheid van het ouderschap was jarenlang een verdrongen thema, de spaghettisaus lag immers onder de kinderstoel op de grond een paar tafeltjes verder in hun favoriete restaurant, ver genoeg, een andere wereld.

En een nieuwe markt viel open. Auteurs – al vaker zonder ervaring dan met – kregen gretige contracten van uitgeverijen die het gat hadden gezien en diversificatie hadden geroken… de boekenkasten zouden uitpuilen van raadgevende werken om deze nieuwe generatie oudere ouders uit de nood te helpen.

Een Weense vriend van me viert op 43-jarige leeftijd eind deze week zijn vrijgezellenavond. Ik vind dat zoiets op die leeftijd verboden zou moeten worden, ik heb er liever vrouwen bij. Hij trouwt de week daarop met zijn 38-jarige hoogzwangere vriendin en wenst volgens zijn officiële uitnodiging op zijn (laatste echte) vrije mannenavond boeken en raadgevingen van vrienden met de nodige ervaring die hij dan rustig kan doornemen tegen dat begin december zijn dochtertje geboren wordt. Buiknaam: Ella. Iets anders dan prenatale oefeningen, ademhalingstechnieken en bekkentraining staat niet op zijn programma, hij heeft gepland die allemaal mee te maken. Ella, die tegen haar geboorte ook nog Ursula of Hildegarde kan heten, staat nu al onder druk omdat ze hoe dan ook geboren moet worden, liefst op de voorziene datum, dat is door de ongeduldige ouders zo gepland.

Ik schenk hem het artikel uit Die Zeit Magazin waarvan ik de lectuur ten zeerste kan aanbevelen, en hij krijgt ook nog een ‘overlevingsbox’. Vertaling van het artikel op aanvraag.

Daarin zit: een nieuwe versie van de Kamasutra, een fles Lagavulin, een abonnement voor 1 (één) persoon voor het massagesalon om de hoek, een fles Brunello die alleen onder vrienden en zonder kinderen mag worden ontkurkt, 1 (één) ticket voor Leonard Cohen in de herfst, een blister aspirine, een punchbal met bokshandschoenen, een flesje K2 vlekkenverwijderaar, oordopjes en de goede raad de rest van zijn leven even gelaten te nemen als voordien.

Want meer dan zijn best kan de man niet doen, en fouten maakt hij toch, “pedagogische lacunes” zoals mijn oudsten het noemen zijn onvermijdbaar.

En voor als hij het echt niet meer ziet zitten sluit ik ook nog een (al eerder aangehaalde) spreuk bij voor boven zijn bed.

Aan de voorkant staat:

“Alles wordt beter!”

Aan de achterkant:

“Maar nooit meer zoals voorheen!”

Kwestie van de ontnuchtering zo vroeg mogelijk te laten plaatsvinden, het verkort tenminste de pijn.

Suggesties voor de box zijn welkom, maar dan snel en liefst voor donderdagavond.

 

Roel Verschueren, Wenen 25 augustus 2009

tot na 15 september, ik spring er even tussenuit.

Het artikel “Mijn kind kan het!” – is hier te lezen

 

 


 

In samenwerking met


Schrijf mee

Woont u in het buitenland? Wil u ook meeschrijven aan En Nu Even Elders? Stuur een e-mail naar weblog@standaard.be



Zoeken op deze blog