Vanmorgen werk ik thuis. Met breedband Internet, mobiele en ander telefoons is dat geen probleem
meer. Het woon-werkverkeer van de andere werkenden wordt gemakkelijker doordat ik zelf niet aan het verkeer deelneem. Het is bovendien milieuvriendelijk en tijdsbesparend. Werken betekent vanmorgen e-mail en telefoneren. In de week is het moeilijk aan inhoudelijk werk te doen. Niets is zo vervelend voor collega’s op e-mails te moeten wachten om zelf verder te kunnen. Studiewerk doe ik bijna steeds in het weekeinde, thuis.
Deze namiddag is er vergadering van de vereniging van voetbalclubs uit eerste klasse. Het zijn tweetalige vergaderingen met een tolk, doch slechts enkelingen gebruiken die service. In vergelijking met de eerste vergaderingen die ik er meemaakte, is het heel wat verbeterd, vooral de manier waarop overleg gepleegd wordt. Het is vandaag ook weer een vrij efficiënte vergadering, met alleen maar goede beslissingen.
De moeilijkste discussie was de houding ten aanzien van clubs die door de beslissingen van hun burgemeester de competitie nadeel berokkenen, dus nadeel berokkenen aan alle clubs. Aanleiding is dat de burgemeester van Brugge matchen op zaterdag om 18 uur niet toelaat wegens de belangen van de middenstand. Als alle burgemeesters zo redeneren, dan spelen we nooit meer voetbal, want er zal altijd wel iemand last van hebben. De clubs moeten trachten met hun burgemeesters te werken om oplossingen in het algemeen belang te vinden, het belang van het voetbal incluis. Clubs zijn in theorie niet verantwoordelijk voor de beslissingen van hun burgemeester, Toch vergt het algemeen belang van de profliga dat de clubs in zulk geval een klein financieel nadeel ondervinden, zodat zij gemotiveerd blijven om met de burgemeesters naar oplossingen te zoeken.
Zelf verlaat ik de vergadering nadat de punten waarbij ik een bijdrage kon leveren, behandeld zijn, onze clubjurist behartigt voor de andere punten de belangen van STVV en het voetbal in het algemeen. ’s Avonds een etentje bij zeer goede vrienden. Ik ben blij weer met mijn vrouw op stap te zijn.
Roland Duchâtelet
De Standaard Weblog om 21:57 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack
We vertrekken vroeg naar de luchthaven, zonder ontbijt want ik slaap liever wat langer en bovendien zit mijn maag nog vol van gisteravond. Het is druk want de arbeiders en bedienden zijn op weg naar hun werk. Voornamelijk met de fiets. Inmiddels zijn bijna de helft daarvan elektrische fietsen. Die werken op batterijen en kunnen 50 tot 80 km rijden zonder opladen. Ecologisch veel vriendelijker dan brommers. En je kunt bovendien ook de pedalen gebruiken om de batterij op te laden.
De dag voordien heeft de voorzitter van de bezochte firma mij gevraagd of we niet wilden meewerken aan de ontwikkeling van de elektronica voor die elektrische fietsen, want nu is die niet optimaal.
Zo'n fiets rijdt sneller dan de snelheid van auto's op de ring rond Parijs of het verkeer in de binnenstad van Brussel, namelijk 15 km/uur. Het zou geen slecht idee zijn ook bij elektrische fietsen te gebruiken. Als er een baanvak voor auto's aan opgeofferd wordt, kunnen er 3 maal meer mensen door hetzelfde baanvak.
Bovendien goed voor onze Kyoto doelstelling. We worden blijkbaar nu reeds op het vlak van innovatie door de Chinezen voorbijgestoken. Ze hebben het voordeel van de grotere markt en van belastingsvrije arbeiders. Wij mogen de elektronica nog ontwikkelen. De vraag stelt zich niet wie produceert.
Bij het passeren langs Shangaï hangt er smog. De overheid merkt dat het minder goed gaat met de lucht en ze is blijkbaar meer gevoelig geworden voor ecologie. Blijkbaar dringt door dat ecologie een onderdeel is van de kwaliteit van het leven: een mooi appartement in vervuilde lucht is niet mooi. Daarom zullen ze wellicht voor de bijkomende elektrische centrales voor kernenergie kiezen, eerder dan de huidige die werken op fossiele brandstoffen en dus CO2 produceren. Vijftig kerncentrales zou men de komende jaren willen bouwen.
In de luchthaven spreekt een man mij aan in de toiletten. Het is een gemeenteraadslid van een Vlaams stadje die is komen verzusteren met een stad in China die honderd keer groter is. We hebben aan overmoed niets meer van de Nederlanders te leren.
Is dit een plezierreisje op kosten van de belastingbetaler? Op zich is zo lang in het vliegtuig zitten niet plezierig. Indien onze gekozenen uit de positieve en negatieve ervaringen van de Chinese steden leren is het een nuttige verplaatsing. De omzet van steden en gemeenten in België bedraagt meer dan duizend Euro per inwoner. Een gemeente besturen is vergelijkbaar met het bestuur van een middelgroot tot zeer groot bedrijf. Als naar aanleiding van internationale vergelijkingen de inwoners meer diensten krijgen voor dezelfde kost of een mindere kost voor dezelfde diensten, dan betalen we de trip van deze heren met genoegen.
Op het vliegtuig denk ik na over de flessen water die men in hotels in China maar ook in tropische en subtropische landen vindt om de tanden te poetsen en eventueel te drinken. Het moet zeker mogelijk zijn drinkwater te produceren en dat via leidingen te voorzien. Ook bij ons zou het zinvol zijn lekker drinkwater uit de kraan te hebben in de plaats van met flessen te moeten sleuren. Drinkwater is vandaag meestal te kostbaar om ook voor het toilet en bad te gebruiken. Ook bij ons zou men naast spoelwater ook distributie van kwaliteitsdrinkwater via een bijkomend netwerk kunnen voorzien. Als men videobeelden op afroep kan doorzenden naar huishoudens, dan moet dat toch ook voor lekker en gezond drinkwater kunnen. Dat zou heel wat afval van plastieken flessen voorkomen. Dit is een voorbeeld van een mogelijk initiatief dat in de verantwoordelijkheidssfeer van gemeenten ligt.
Roland Duchâtelet
De Standaard Weblog om 21:50 | Link | 4 Reacties | 0 TrackBack
Het indrukwekkende aan de groei van China is de efficiëntie van het openbaar bestuur. De stad waar ik ben heeft zeer brede nieuwe lanen en alle infrastructuur is aanwezig. Dagelijks komen er 500 auto’s bij in het verkeer en toch
zit het verkeer niet vast, omdat men de infrastructuur bouwt voordat de firma’s en de bewoners toevloeien.
Twee derden van de stad is nog geen 10 jaar oud. Dit kan enkel in een planeconomie. Een democratisch beslissingsproces zoals de problematiek van de nachtvluchten vanuit Zaventem kost duidelijk veel meer aan de maatschappij, onder meer in de vorm van tijd van de betrokken ministers, ambtenaren, bewoners en rechters.
Dat leidt er toe dat vele jonge Chinezen zich de vraag stellen waarom die Westerlingen hen “democratie” willen opdringen. Alles gaat toch prima in China? Zij hebben de grote leider die veel minder verlicht was dan het huidige bestuur niet gekend. Vele Chinese intellectuelen vragen zich inmiddels af hoe het mogelijk is geweest dat Mao zo lang zo’n onbeschrijfelijk slecht beleid heeft kunnen voeren zonder dat ingegrepen werd. Gebrek aan democratie, misschien?
Ik heb een lange dag met wederzijdse presentaties, fabrieksbezoek en overleg. Deze voormalige staatsfabriek loopt gesmeerd sinds ze gerund wordt door Chinezen die voordien in Taiwan aan de slag waren. Na een zware lunch, weer overleg en dan toch wat frisse lucht en een wandeling in een park. Parken zijn hier wel heel anders dan bij ons. Meer reliëf, theehuisjes en een tempel in het park, aangelegde tuinen en bruggetjes en regelmatig boodschappen die de wandelaar aan het denken moeten zetten.
Daarna weer veel eten met veel leden van de staf in een zeer mooi restaurant. Ik begrijp niet hoe die kerels hun lijn houden. In tegenstelling tot het voormalige Oostblok vindt men hier weinig vrouwen in leidinggevende posities. Die uitsluitend mannelijke toestanden zijn niet mijn ding.
Toch doen ze interessante ontwikkelingen: zij werken aan een product voor de Chinese regering waarbij alle btw-transacties over de verschillende deelstaten heen onmiddellijk op alle verkooppunten zullen worden gecontroleerd en verrekend met een centrale computer, om btw-fraude zoals btw-carroussels te voorkomen. Een van de typische vragen die ik krijg bij de voordrachten over het Vivant voorstel om belasting op arbeid te vervangen door btw, is net of de fraude dan niet zal stijgen. Mijn antwoord is dan dat het technisch geen probleem is de btw elektronisch aan elk verkooppunt te innen. Wij praten erover, zij doen het. Even terzijde: de Chinese overheid haalt nu al veel meer inkomsten uit verkoopsbelasting dan uit belasting op arbeid. De gewone arbeider betaalt er geen belasting.
Eens terug in het hotel loopt mijn gastheer met mij in een souvenirshop. Ik breng normaal geen cadeautjes naar huis omdat ik veel reis, daardoor enkel met handbagage reis en dus geen grote dingen kan meenemen. Ik vind het bovendien
inspannend en niet zonder risico op ontgoocheling te bedenken wat anderen leuk zullen vinden. Voor de kinderen is er niets bruikbaars. Ik zie niet in wat ze kunnen aanvangen met een mooi gedecoreerd Chinees doosje. Ik koop een zijden sjaal voor mijn vrouw. Ze zal er toch wel blij mee zijn.
Roland Duchâtelet
De Standaard Weblog om 17:09 | Link | 1 Reacties | 0 TrackBack
Vandaag een bezoek aan een mogelijke onderaannemer voor ontwikkeling en assemblage voor automobiele elektronica. Volgens de presentatie die we krijgen, hebben ze meer dan 200 man in dienst, waaronder 50 in ontwikkeling. Bij het bezoek aan de werkplaats blijkt het merendeel van het personeel geen werk te hebben. Ze doen alsof ze werken of werk voorbereiden. De ontwikkelingsafdeling telt in werkelijkheid 6 man, waarvan 2 zonder computer.
Tegen de verwachting in ga ik wat dieper in op wat zij aan het doen zijn. Een zit met een fluo stift lijnen op een papier te kleuren. Een opent op zijn computer eerst word, dan excel en dan nog wat anders. Een zit diep gebogen in een aantal papieren te kijken zonder zijn hoofd op te steken. En de modelmedewerker waar men mij naartoe leidt als ik vraag of hier geen computersimulaties gebeuren, heeft moeite om een bestand met een oude computertekening van een onderdeel te openen. Hopelijk zijn er in China ook ingenieurs die echt ontwikkeling doen.
Het recht van de sterkste
In de namiddag gaat de tocht met de auto naar een stad 2 uur ten westen van Shangai. De rijstijl in Shangaï kan men best vergelijken met een stierenloop in Spanje: met z’n allen zo snel mogelijk vooruit zonder aandacht voor gevaar.Onze auto, die op een brug rechts voorbijsteekt, wordt bijna tegen de vangrails geplet door een bus die terug naar het recht baanvak keert. Later rijdt onze chauffeur bijna mensen overhoop die op een zebrapad e weg oversteken. Ik vraag me af welk het nut is van de zebrapaden. Hier geldt duidelijk het recht van de sterkste (weggebruiker).
Langs de weg worden appartementsblokken van wel 100 appartementen gebouwd. Ze ogen mooi. Zo staan er staan er een tiental naast elkaar, zes rijen diep. We komen een fabriek van Bekaert voor bij een ook een van Agfa.
Het hotel waar ik logeer is bijzonder mooi. Een gerestaureerd gebouw met zeer ruime kamers, groot televisiescherm en gratis internetaansluiting. Mijn gasten brengen me naar een bijzonder mooi restaurant, waar de kok met behulp van een magnetische verwarming kookt aan de tafel waar we zitten. We krijgen een Cabernet Sauvignon van 1992 van, volgens mijn gasten, de beste wijnboer van China. Ook op dat vlak nemen de Chinezen dus risico’s. Het kan wel eens mis gaan met 13 jaar oude wijn. Het aroma is rijk, de smaak is bij het openen bijzonder maar niet slecht. Na een half uurtje contact met de lucht smaakt de wijn als de allerbeste.
Roland Duchâtelet
De Standaard Weblog om 17:07 | Link | 1 Reacties | 0 TrackBack
Mijn nachtvlucht uit Singapore is om 2 uur, met anderhalf uur vertraging, vertrokken. Gevolg: ik kom niet om 6 uur ’s morgens in Shanghai aan maar om 7 u 30. De planning die men voor mij geregeld had ligt overhoop, bovendien is de beleefde vrouw die mij opvangt, nodeloos vroeg uit haar bed gemoeten. Oorzaak van de vertraging was het slechte weer. Ik verkies toch de vertraging boven het nemen van risico’s. Bedankt piloot.
Nu gaan we met een taxi naar de stad waar collega’s mij opwachten en van daaruit onmiddellijk terug voor een stuk richting vlieghaven met een busje van een firma die we
gaan bezoeken. Dat hadden ze wel beter kunnen organiseren, denk ik. Het gesprek met de verantwoordelijken van de bezochte firma is boeiend. De grondprijzen in de buurt van Shanghai exploderen. Arbeiders geven tot 50 procent van hun loon om een woning te huren. De prijs van elektriciteit en benzine is fel gestegen. Een liter benzine kost nu 40 Eurocent.
De lonen zullen verder stijgen want doordat de regering ook landinwaarts industrieparken opricht, trekken de mensen van het platteland minder gemakkelijk naar deze streek. De zakenman in kwestie, die ondermeer satellietontvangers maakt, lijkt in te zien dat het ook voordelen heeft dat zijn arbeiders wat meer zouden gaan verdienen: misschien kunnen zij zich dan ooit zelf een satelliet-onvanger kopen.
Het bezoek wordt bezegeld door een lunch met de medewerkers in een lokaal restaurant waarbij veelvuldig geklonken wordt. In de namiddag bezoek aan aankopers van EPIQ, die in Shangaï gevestigd zijn. We hebben hen enkele maanden geleden verzelfstandigd, net zoals men bijvoorbeeld boekhouding meer en meer “outsourced”. Het werkt goed. Ze zij veel kritischer geworden naar de kwaliteit van hun medewerkers en letten sindsdien veel meer op de onkostenstaten en verplaatsingskosten. Door mond aan mond reclame zijn er al andere firma’s die interesse hebben om van hun diensten gebruik te maken.
De avond brengen we door in een restaurant dat enkel door Chinezen bezocht wordt. Na zes pikante schotels op een rij begin je er wel aan te wennen. Gelukkig brouwen de Chinezen goed bier in grote flessen. De fles Australische Cabernet Sauvignon die ook op tafel kwam was een te zware uitdaging aan onze smaakpapillen.
Roland Duchâtelet
De Standaard Weblog om 07:30 | Link | 0 Reacties | 0 TrackBack